Hulde aan den moedige heer Zola

Deze week 114 jaar geleden verscheen – in de woorden van journalist H.J.A. Hofland – de mooiste voorpagina uit de geschiedenis van het dagbladwezen. Hofland had het (tien jaar geleden) over de voorpagina van de Franse krant L’AURORE die op 13 januari 1898 werd gepubliceerd. De krant kopte in vette letters J’Accuse met daarachter drie puntjes en een uitroepteken. Daaronder de open brief van de schrijver Emile Zola aan de president van de Republiek, Félix Faure, waarin hij het oneerlijke proces tegen legerkapitein Alfred Dreyfus aan de kaak stelde. Dreyfus was schuldig bevonden aan verraad, werd gedegradeerd en veroordeeld tot levenslange verbanning, maar, zoals Zola betoogde, de procesvoering werd gemanipuleerd, antisemitisme speelde een rol en gevestigde belangen moesten worden beschermd.

Ook in de Nederlandse kranten destijds was de weerklank groot. De Nieuwe Rotterdamsche Courant had in buitenlandredacteur L.J. Plemp van Duiveland een Dreyfusard. Ook de toonaangevende hoofdredacteur en directeur van het Algemeen Handelsblad, Charles Boissevain, steunde Zola. „Er is op het oogenblik niemand te Parijs die niet overtuigd is dat de orde op straat zal worden gestoord”, meldde het Algemeen Handelsblad al op 14 januari onder het kopje ‘De Zaak Dreyfus’. Op 20 januari wordt onder het kopje ‘Hulde aan Zola’ bericht: „Door een aantal Amsterdamsche journalisten is heden een telegram van hulde verzonden aan den heer Zola te Parijs, wegens zijn moedige optreden tot verkrijgen van ‘meer licht’ in de treurige Dreyfus-zaak”.

Ernest Vaughan, directeur en hoofdredacteur van L’AURORE, die het pamflet van Zola destijds bracht, is opgevolgd door hedendaagse klokkenluiders, bloggers en journalisten die nu vaak ook via sociale media misstanden aan de kaak stellen.