‘De jaren tachtig waren een mooie proeftuin’

Na The Virgin Suicides en Middlesex wilde Jeffrey Eugenides een 19de- eeuwse roman schrijven. Maar het werd een pageturner die ‘de huwelijksplots niet alleen eer bewijst maar ook geweld aandoet.’

‘Mijn roman is gesitueerd in de jaren tachtig,” zegt Jeffrey Eugenides, die met zijn dunne snor en hippe baardje oogt als een vlotte veertiger. „Maar hij had zich evengoed dezer dagen kunnen afspelen. Jongeren hebben dezelfde problemen, zowel op seksueel gebied als in de romantische liefde – alleen zijn er nu mobiele telefoons. Ik wilde laten zien hoezeer we ons in het dagelijks leven laten leiden door wat we lezen en zien over de liefde. Fictie gaat over het leven, ze heeft invloed op wat we doen en laten.”

In zijn derde roman The Marriage Plot, nu vertaald als Huwelijk, beschrijft Eugenides (51) een driehoeksrelatie van begaafde studenten aan de Amerikaanse oostkust: de 22-jarige Madeleine, die bezeten is van de romans van Jane Austen en George Eliot, haar onweerstaanbare manisch-depressieve geliefde Leonard, en de hopeloos op Madeleine verliefde Mitchell. Het resultaat is een innemende en soepel geschreven pageturner die het midden houdt tussen een campus- en een ontwikkelingsroman. Hoewel dat laatste volgens Eugenides niet de bedoeling was: „Ik wilde een moderne huwelijksroman schrijven met een plot à la Portrait of a Lady van Henry James. Maar dat bleek al snel onmogelijk omdat het huwelijk tegenwoordig bepaald niet het einddoel van het leven van een vrouw is. Laat staan de vervulling ervan.”

Eugenides verbindt het verhaal van Madeleine en haar twee vrijers met de jaren-tachtig- rage van het deconstructivisme, oftewel het poststructuralisme, op de Amerikaanse universiteiten. Hij voert de lezer terug naar de tijd dat literaire teksten tot bloedeloosheid toe werden geïnterpreteerd, als weefsels van verwijzingen naar eerdere teksten, onder het motto ‘boeken gaan niet over „echt gebeurd”, boeken gaan over andere boeken.’ Hetgeen niets is voor Madeleine, die in haar 19de-eeuwse favorieten vooral de werkelijkheid zoekt.

Is Madeleines liefde voor de rechttoe- rechtaanroman een weerspiegeling van uw eigen voorkeur?

„Ik was op de universiteit niet eens een fan van de 19de-eeuwse roman. Mijn favoriete schrijver was James Joyce, die met de experimenten in Ulysses de roman al in zijn eentje gedeconstrueerd had, een halve eeuw vóór de theorieën van de postmoderne filosofen. Maar ik studeerde in een rare periode: de ene helft van het docentenkorps aan Brown University bestond uit ouderwetse, verantwoordelijke New Critics, die zich alleen op het werk richtten, de andere doceerde dat de roman zijn langste tijd had gehad, kwam aanzetten met hippe theorieën en had de leukste meisjes in de klas. En daar moest ik tussen kiezen, alsof ik een kind was van scheidende ouders.

U kunt het hele artikel hier lezen en het boek bestellen.

Dit artikel werd gepubliceerd in NRC Handelsblad op Vrijdag 6 januari 2012, pagina 4 - 5.