Weer geen gemakkelijk jaar voor de euro

Kan de wereld blijven groeien terwijl Europa het zwaar heeft? Dat is de grote vraag voor 2012. De vooruitzichten zijn veelbelovend noch hopeloos.

De wereld was in 2011 vooral bang voor het uiteenvallen van de eurozone. Die calamiteit kan in 2012 worden vermeden, zelfs als de zone later alsnog krimpt. De grote vraag zal dit jaar zijn of de wereld kan blijven groeien terwijl Europa het zwaar heeft. Waarschijnlijk wel, maar het zal niet gemakkelijk zijn.

De evolutie van de Europese crisis zal de markten in 2012 opnieuw in de ban houden. Italië zou wel eens de eerste testcase van het jaar kunnen zijn. De op twee na grootste economie van de eurozone heeft een schuld van ruim 200 miljard euro die moet worden geherfinancierd. Het land betaalt momenteel een rente van 7 procent over nieuwe staatsobligaties, ondanks de obligatieaankopen van de Europese Centrale Bank (ECB). Het risico dat de rente verder omhoog gaat, is groot.

De markten zijn vóór de schijnbaar eenvoudigste optie om dit te voorkomen: het op grote schaal kopen van staatsobligaties door de ECB. Duitsland en de ECB zijn onwillig. Zulke aankopen zijn in strijd met de regels van de Europese bank, kunnen schuldenlanden ertoe aanzetten rustig aan te doen met hervormingen, en kunnen de ECB en de centrale banken van de eurolanden grote verliezen bezorgen.

Duitsland en de ECB vinden dat de regeringen van de eurozone hun collega-regeringen moeten steunen met behulp van fondsen die kunnen worden verkregen via het Europese Stabiliteits Mechanisme (ESM) of via het IMF. Maar aan deze route zijn enorme lasten verbonden, die zwaar zullen drukken op de economieën van de kernlanden van de zone die zelf het risico lopen dat hun kredietstatus wordt verlaagd – zoals Frankrijk momenteel betoogt.

De beste optie is echter de allersimpelste: Italië, een rijk land dat al lang met buitensporige schulden kampt, maar ook een hoge spaarquote kent, moet zichzelf beter gaan helpen. De voorgestelde bezuinigingen van de nieuwe regering van Mario Monti komen neer op 2 procent van het bruto binnenlands product, uitgesmeerd over een periode van drie jaar – minder dan wat Ierland in één jaar wil bezuinigen. Er zouden in 2012 wel eens een financieringstekort en een passieve ECB voor nodig kunnen zijn om Italië tot verdere stappen te dwingen.

Maar zelfs als Italië vooruitgang boekt, blijft Europa zitten met aanhoudende serieuze problemen. In de europeriferie van Portugal, Ierland, Griekenland en Spanje zijn de begrotingstekorten en staatsschulden sinds de vorming van de euro verergerd. Het steunen van de periferie zal Europa op de proef stellen. Jaren van bezuinigingen zullen de periferie op de proef stellen. Uiteindelijk zullen één of meer van deze economieën de zone misschien sowieso verlaten. Maar de euro zelf moet kunnen overleven.

Buiten Europa ziet de situatie er beter uit – maar niet geweldig. De werkgelegenheid in de VS is aan het groeien en de huizenmarkt trekt aan, maar het begrotingstekort is gigantisch en moet omlaag. De tekenen die duiden op een bescheiden groei houden in dat het minder waarschijnlijk is dat de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, een derde ronde van ‘kwantitatieve versoepeling’ (lees: het bijdrukken van geld) zal inzetten. Dat de Fed hier wellicht van afziet is belangrijk voor de mondiale groei.

Want in 2011 heeft een soortgelijk programma geholpen de olieprijzen en de grondstoffenprijzen omhoog te stuwen, waardoor de inflatie is gestegen. Het aantrekken van de monetaire teugels heeft de groei vervolgens vertraagd in China, India, Brazilië en andere opkomende economieën. In 2012 is de grootste uitdaging voor deze landen de inflatie in te ruilen voor duurzame groei, waarbij Europa minder importeert en beleggers minder snel bereid zijn geld hun richting op te sturen. De wereld heeft het nodig dat de consumenten uit de BRIC-landen meer geld gaan besteden.

De vooruitzichten voor 2012 zijn veelbelovend noch hopeloos. De instorting van het mondiale financiële stelsel, een terugkeer naar de jaren dertig, een nieuwe depressie, deflatie – iedere dreiging voor de wereldeconomie sinds 2008 is reëel geweest en kon tot nu toe worden voorkomen. De instorting van de euro is de volgende dreiging. Beleidsmakers moeten weer vindingrijk zijn. Dat de wereld zich nog steeds aan het herstellen is, betekent dat zij het in vergelijking met de jaren dertig niet al te slecht hebben gedaan.

Ian Campbell

Vertaling Menno Grootveld