'Volgens mij is hij niet erg op zoek'

Datingsite Paiq koppelt wekelijks voor Lux twee singles. Deze week Marco en Esther.

Voor

Marco: „Ik was beroepswielrenner. Zo heb ik mijn Franse vrouw ook ontmoet. Onze zoon is Franco-Néerlan- dais: hij woont daar, maar ik probeer ook zijn band met Nederland in ere te houden. Ik zie hem één à twee keer per maand. Zijn moeder en ik zijn uit elkaar.”

Esther: „Mijn man en ik waren achttien jaar samen, en daar hebben we twee prachtige kinderen en een goede vriendschap aan overgehouden. Maar een scheiding blijft erg. Je maakt zo’n gezin toch het liefste af.”

Hij: „Mijn ex volgde mijn wielercarrière op de voet, tot het moment dat ik niet meer op topniveau presteerde. Toen vond ze mijn sportieve activiteiten opeens tijdsverspilling. Terwijl, ik wilde niet zomaar stoppen. Je moet aftrainen. Dat kostte me gemiddeld zes uur per week. Ik sport nog steeds redelijk veel, want ik wil in conditie blijven. En ik vind het gewoon leuk.”

Zij: „Na mijn scheiding kwam ik een tijd vooral mannen met een hoop bagage tegen. Soms had ik wel een klik met iemand, maar het ging steeds mis. Dan had hij weer een jaloerse vriendin, dan liet hij me weer alles doen en stak zelf geen vinger uit. Nu ben ik alerter. Ik zoek een gelijkwaardige man. Ik wil geen moeder meer zijn, of een ondergeschikte.”

Hij: „Ik heb mijn idealen over vrouwen en relaties moeten loslaten. Ik ben in afwachting van een nieuwe, echte liefde, maar in de tussentijd ga ik niet op een houtje bijten. Monogamie is even uit beeld. Dat zeg ik ook tegen vrouwen die iets met me willen. Niemand kan mij een gebrek aan eerlijkheid verwijten. Ik heb een vrij leven. Mijn huidige werk kan overal, als ik maar een laptop heb. Ik woon een beetje hier en daar.”

Zij: „Ik val op mannen die van aanpakken weten, net als ik. Luiheid vind ik ergerlijk. Mijn ex heeft een eigen aannemersbedrijfje.”

Na

Zij: „De locatie was zo sjiek, en iedereen zat te eten. Ik dacht: ben ik hier wel goed? Alles overviel me een beetje.”

Hij: „Ze ziet er goed uit. Ze is geen strakke jonge meid meer, maar dat vind ik niet belangrijk.”

Zij: „We dronken koffie en thee, en later wilde hij een toetje delen. Peer met ijs. Ik vond het wel grappig. Hij vertelde heel veel: over zijn stukgelopen huwelijk, zijn zoon in Frankrijk, zijn affaires – compleet met fysieke details. Ik veroordeel niet graag, dus ik bleef beleefd luisteren. Misschien werkt het therapeutisch voor hem om het er allemaal zo uit te gooien.”

Hij: „We hebben best lang zitten kletsen.”

Zij: „Hij vond zichzelf wel goed; hij mocht er wezen, zei hij, en ik ook. Ik vond hem open en aardig, maar ik val toch op een wat steviger, hartelijker type. Volgens mij verdient hij ook niet veel. Hij huurt een tuinhuisje, en woont deels bij z’n ouders.”

Hij: „Esther is een lieve vrouw die goed in het leven staat. Maar er ontbreekt iets. Met haar ex had ze vooral een vriendschapsband, voor zover ik het begreep, en ook met andere mannen heeft ze zich nooit echt laten gaan.”

Zij: „Hij zinspeelde slim op een tweede afspraakje, maar ik vraag me af of ik nog iets van hem hoor. Volgens mij is hij niet erg op zoek. Wat mij betreft laten we het hierbij.”

Hij: „Ik gun haar een overrompelende liefde, een avontuur.”