Red een dier. Geef filosoof Bas Haring aan via 144

Panda's. Foto staatspersbureau Xinhua News Agency

Rode patrijzen, diksnavelrietzangers en bergeenden zijn ongetwijfeld alleraardigste beestjes. Maar het is onzinnig om deze vogels, net als alle andere bedreigde dier- en plantensoorten, te beschermen. Kolderieke franje, dat is het. Leuk dat ze er nog zijn, maar nut hebben ze niet.

En daarom is het helemaal niet erg als de natuur haar ongereptheid verliest, en daardoor eenvormiger wordt, minder divers. Akkerbouw is net zo goed natuur, weg met dat rare, ongeorganiseerde bos. Filosoof Bas Haring (1968) schrijft het niet letterlijk zo op, maar de conclusie van zijn nieuwste boek Plastic Panda’s (Nijgh & Van Ditmar, november 2011) komt ongeveer op hetzelfde neer.

Volgens het januarinummer van Filosofie Magazine gedraagt de Leidse hoogleraar ‘publiek begrip van wetenschap’ zich als een Noach die bij het inladen van zijn Ark zegt: we hoeven alleen de beesten en planten mee te nemen die we echt nodig hebben. In tijden van economische malaise komt zo’n boodschap uiterst gelegen, want dat Nederlandse natuurbeleid kost behoorlijk wat geld. Staatssecretaris Henk Bleker, in bepaalde kringen beter bekend als ‘natuursloper’, kan nu met een gerust hart onze natuurgebieden laten asfalteren door de Verkeersminister.

Natuur geeft niet om een diersoort meer of minder

Haring beseft dat hij nogal wat natuurliefhebbers op de kast jaagt. Maar, zo stelt hij, het is de taak van een filosoof om te twijfelen aan breed gedeelde meningen die slecht gefundeerd zijn. In Filosofie Magazine zegt hij tegen journalist Marc van Dijk dat hij nogal eens bestreden wordt met het Jenga-argument. Bij het spel Jenga trek je om beurten een houten blokje uit een toren van blokjes, totdat hij omvalt. Zo is het met de natuur ook, zeggen zijn critici: je kunt een boel blokjes weghalen en de toren blijft staan, maar op een gegeven moment stort de toren in. Je weet van tevoren niet welk blokje het finale blokje zal zijn en dus moet je erg voorzichtig zijn met alle blokjes.

Niet waar, zegt Haring. “Als een bedrijf failliet gaat, stort de economie niet in. Toen Fokker failliet ging, had dat economisch gezien wel grote effecten, maar niet de instorting van de economie. Het verdwijnen van een enkele soort kan ook best een groot onvoorzien effect hebben, maar niet de instorting van de natuur.”

Achterhuis: natuur overstijgt de mens, we wonen erin

Dit vrije geredeneer maakt Haring gevaarlijker dan de beul die op gezette tijden zijn poedel een rotschop geeft. Filosofie Magazine belde echter niet met het nieuwe dierenalarmnummer 144, maar stuurde Hans Achterhuis, Denker des Vaderlands, op de natuurbarbaar af. Filosofie bestrijd je immers met filosofie. Althans, dat was de bedoeling. “Het valt me niet mee om iets tegen je verhaal in te brengen”, gaf Achterhuis meteen toe. “De enige manier waarop ik dat kan doen, is door buiten jouw grondaannames te gaan staan.”

Die aanname is volgens Achterhuis het idee van de mens als Homo economicus, een arbeidend dier, zoals filosofe Hannah Arendt het formuleerde. “Voor de Homo economicus draait alles om arbeid, consumptie, overvloed, geluk. Laten we de houding die daarbij hoort definiëren als overleven. Maar Arendt onderscheidde nog een andere houding: de gerichtheid op duurzaamheid, op dingen die blijven en die de mens overstijgen. Laten we die houding ‘wonen’ noemen. Mensen beïnvloeden niet alleen hun omgeving, maar de omgeving beïnvloedt de mensen ook.”

Vanuit de houding ‘wonen’ lukte het Achterhuis om Harings filosofie aan te vallen. “De wereld is er in jouw werk louter voor onze behoeftes. En er is pas sprake van een ramp wanneer we die behoeftes niet meer kunnen bevredigen. Bij jou komt nergens aan de orde dat er in de wereld gewoond wordt.”

Zoiets beweert de Russische oud-president Michael Gorbatsjov ook, weet Haring. Als oprichter van The Green Cross zei de Rus dat we ons moeten realiseren dat we te gast zijn op deze planeet. Onjuist, aldus Haring. “Het maakt ons te klein. In een hotelkamer, daar ben ik te gast. Maar in een hotelkamer kom ik niet binnen met grote potten verf en een set nieuwe gordijnen. We kunnen wel doen alsof we op deze wereld te gast zijn, maar we zijn voortdurend in de weer met potten verf en nieuwe gordijnen.” Door ons als gasten voor te doen, filosofeert Haring verder, lopen we juist weg van onze verantwoordelijkheid.

Haring: belang soortenbehoud komt voort uit mening

In de tweede ronde wordt Achterhuis gewisseld voor Johan van de Gronden, directeur van het Wereldnatuurfonds - én filosoof. “Wat verloren gaat, zijn intacte ecosystemen met een enorme autonome soortenrijkdom die op zichzelf kunnen bestaan, amper beïnvloed door de mens”, trapt hij af. “Wat er voor terugkomt is van een volstrekt andere orde. Veelal gaat het om intensief bebouwde monoculturen. Productielandschappen die met de oorspronkelijke ecologische rijkdom niets van doen hebben.”

Van de Gronden strooit mensen zand in de ogen, vindt Haring. “Door met een aplomb en ongefundeerde vanzelfsprekendheid te stellen dat een zelfstandig en soortenrijk ecosysteem waardevoller is dan een door mensen beïnvloed, soortenarmer ecosysteem.” Laat natuurbeschermer Johan van de Gronden maar eens beargumenteren waarom het ene ecosysteem ‘beter’ is dan het andere, vervolgt Haring. “Dat gaat niet zo makkelijk, en uiteindelijk zal het een mening van Johan blijken te zijn.”

Eerder in deze serie:
Van een kat kun je een mooie tas maken, maar smaakvol is het niet
Waarom China de Britten met twee panda’s paait
Slecht geweten? Slik de vergeetpil, dan kun je vrolijk verder
Half miljoen euro voor ziektebed tachtigjarige. Is dat het waard?
Zelfs voor de oerknal was God niet nodig
Wees niet bang. De samenleving is veiliger dan ooit