Meestal pik ik niks van niemand

Sinds een paar jaar luidt saxofonist Candy Dulfer (42) het nieuwe jaar in met een grote jazzcruise in het Caraïbisch gebied. Daarna volgt een tournee in Japan, Rusland en Europa. In maart en april speelt ze op Nederlandse podia, naar aanleiding van haar nieuwe cd Crazy.

Muzikale opvoeding

„Komt er een jong meisje op mij af: ‘Mevrouw, wat u speelt is jazz, hè. Dat vind ik wel leuk.’ Dan wil ik meteen zeggen: luister eens naar dit. Hoe komt een kind vandaag de dag aan Charlie Parker, vraag ik me af. Op alle radiozenders, behalve Radio 6 en Arrow, klinkt hetzelfde. Jazz heeft mij zoveel geboden als kind, en nu nog. Die muzikale opvoeding gun je iedereen.

„Mijn generatie heeft veel muziek geluisterd samen met haar ouders. Wij omarmden wat zij luisterden, we hoefden ons er niet tegen te verzetten. Bij mij thuis klonk veel jazz en soul. Mijn moeder de Rat Pack, Aretha Franklin. Mijn vader Sonny Rollins, Archie Shepp, Coltrane. Vanaf mijn twaalfde ging ik zelf muziek ontdekken: disco was een rode draad.”

Crazy

„Nu doet Candy Dulfer dubstep, werd bij De Wereld Draait Door aangekondigd. Onzin. Dubstep is een van de twintig stijlen op mijn nieuwe cd Crazy. Ik wil een doorgeefluik zijn voor jonge mensen, al mijn invloeden zoals jazz, funk, pop, house en r&b doorgeven. In Black Eyed Peas-producer en musical director Printz Board vond ik een gelijke, hij is ook een muzikale veelvraat. Het mag lijken of ik nu wat anders doe, grensverleggend, een gedurfde sound, maar ik heb mijn muziek altijd al gemengd. Crazy geeft vooral aan hoe lekker ik weer in mijn vel zit.”

Crisis

„Het is duidelijk crisis voor muzikanten en dat trek ik me erg aan. Elke dag weer moet ik een keuze maken hoeveel bandleden er mee kunnen: kwaliteit versus inkomsten. En ik wil hen aan het werk houden, voel me verantwoordelijk voor veertien man en hun gezinnen. Ik weiger ze voor niets te laten repeteren. Als een don quichot strijd ik tegen gratis televisieoptredens. Dan investeer ik toch maar weer zelf.

„Ouders vroegen mij vroeger bezorgd: kun je als muzikant je brood verdienen? Dat gaat best, was altijd mijn antwoord. Maar zolang het Rijk niet beter voor musici zorgt, zou ik adviseren: maak eerst je studie maar af. Maar: het blijft het mooiste beroep van de wereld.”

Autodidact

„Als beginnend muzikant had ik nauwelijks een andere keuze dan op het conservatorium jazz te leren. Maar de behoefte om Coltranes Giant Steps uit te pluizen had ik niet. Ik besloot me als autodidact verder te ontwikkelen. Van jongs af speelde ik mee met iedereen, van Rosa King tot Herman Brood. Dat vond ik heel gewoon. Als muzikanten mij prezen ging ik nog harder oefenen.

„Een jongerencentrum in Oirschot nodigde me uit met mijn eigen band. Omdat ik nog geen eigen band had kwam ik met mijn vaders band. Achteraf bleek het de geboorte van mijn carrière. Ik kon meteen terugkomen.”

Verlegen

„Mijn vader Hans adviseerde op zijn brommende manier: ‘Gewoon gaan staan en platspelen’. Ik heb sindsdien altijd gedacht: neem zelf de leiding. Anders bestaat de kans dat ze een loopje met jou nemen. Niet dat dat per se gebeurt, maar je bent kwetsbaar. En als meisje wist ik, oerverlegen als ik was: één tomaat naar mijn hoofd en ik speel nooit meer.

„Ik weet mijn eerste recensie nog. Ik was zes jaar en mocht meedoen met mijn vaders band. Ik soleerde nota bene – en wat staat er: Dulfer had zijn dochter beter thuis kunnen laten. Het is een onbewuste angst gebleven. Mensen kunnen wolven zijn. Ik heb leren bluffen. Pas na het eerste nummer kan ik mezelf zijn.”

Arendsoog

„Ik ben eigen baas om de enige reden dat ik dan zelf controle houd. Ik heb een groot eergevoel: ik wil de dingen regelen. Van mijn vader leerde ik dat je geluk hebt dat je op het podium staat en dat mensen voor jou komen. Dat mag je nooit vergeten.

„Altijd voel ik me verantwoordelijk voor mijn publiek. Ook al speel ik met iemand mee die het prima kan. Ik kijk als Arendsoog rond: is iedereen happy, wat gebeurt daar? O jee, nu gaat het te langzaam, het publiek zakt weg. Dat doe ik ook bij een concert dat ik bezoek. Is het geluid niet goed, stap ik op de geluidsman af. Zet even die trombonist aan, wil je?”

Acrobaat

„Ik ben geen groot acrobaat op mijn instrument. Een heel technische saxofonist heb ik nooit willen zijn. Ik ben meer: tiedieeeeeee,....in plaats van boven naar onder op de sax te racen. En ik ben een reagerend speler. Ik luister wat de ander muzikaal zegt en geef commentaar. Mijn grootste kracht is dat ik waanzinnig goede oren heb. Noten lezen kan ik wel een beetje, maar vind ik vaak afleiden. In de tournee van Prince heb ik op gehoor in twee avonden 69 liedjes leren spelen.

„De sax is als een wat lastig familielid, van wie je veel houdt en van wie je ook gek kunt worden. Het instrument geeft het je nooit cadeau. De vochtigheid, een slecht rietje. In de vakantie raak ik dat ding niet aan.

„Mijn Selmer-sax is een tweedehandsje met historie. Een Britse muzikant in geldnood verkocht ’m. Aan het koffertje zag ik dat het geen kleine jongen was: stickers van bands als Pink Floyd erop. Dat geeft dat instrument een lading.”

Gezin

„Het liefst praat ik over muziek, maar ik merk dat het in interviews snel over thema’s gaat als mijn kinderwens en mijn nieuwe, jongere vriend Béla, met wie ik verloofd ben. Daar heb je dan dertig jaar muziek voor gemaakt... Vrouwonvriendelijk eigenlijk; waarom moet een 42-jarige vrouw zich steeds verantwoorden voor haar keuzes? Toch vertel ik erover, omdat ik overal eerlijk over wil zijn. Een gezin, heb ik lang gedacht, dat overkomt me. De jaren gingen snel. En uiteindelijk was mijn relatie, de man met wie ik mooi landelijk woonde met veel dieren om ons heen, er niet naar. Met mijn nieuwe vriend hoop ik op een gezin, zeg ik eerlijk. Praktisch denk ik: Oeh, hoe zou ik dat combineren met mijn muzikantenbestaan?”

Imago

„Een spijkerbroek-met-gympies-type ben ik nooit geweest. Ik ben een vrouwelijke muzikant die van mode houdt. Ik winkel altijd met mijn moeder. Het mooi maken hoort bij het ritueel, ik maak me mooi voor mijn publiek. Mijn debuut in 1990 noemde ik Saxuality. Een instrumentaal album met een aantrekkelijke sexy titel. Misschien verkoop ik dan wat, redeneerde ik. Ik kende de dozen vol albums in mijn vaders kelder. De platenmaatschappij raadde het af: de sex en sax zullen je om de oren vliegen. En ook de hoes was mijn idee: als een pin-up van toen liggend met beentjes in de lucht. Heb ik zin in sexy op de foto, dan doe ik dat.”

Prince

„In de jazz komen de sterren zonder entourage, en ook gewoon bij ons over de vloer. Ik ben niet snel onder de indruk. Prince vindt mij best lastig. Onze ruzies tijdens tournees konden gaan om een muzikant die hij in mijn ogen onrechtvaardig streng te pakken nam. Musici zijn in Amerika zo bang hun baan te verliezen dat ze heel onderdanig zijn. Er heerst zo’n sterke hiërarchie. De anarchistische Nederlander in mij kan daar absoluut niet tegen. Als ik tijdens de tournee het podium wilde afstormen, hield Maceo Parker me tegen: ‘terug jij’. Uiteindelijk zit in volhouden en je rechterwang toekeren ook een trotse schoonheid heb ik gemerkt, maar meestal pik ik niks van niemand.

„Het is een kat-en-muispel. Ik ben gek op Prince, bak appeltaarten, maar als hij zo raar doet en denkt dat de wereld zijn vijand is, neem ik afstand. Als Jehova’s getuige neemt hij geen cadeautjes aan op z’n verjaardag. Stonden er fans met lieve cadeautjes. Ik wist gewoon: hij pleurt ze weg. Ging ik maar even zeggen dat hij er heel blij mee was.”

Cd Candy Dulfer: Crazy. Tournee vanaf 10 maart.