Liever geen reclame tijdens de uitvaart

Op de urn van zijn broer stond reclame van een uitvaartorganisatie. Net boven zijn broers naam, in een even groot lettertype: Yarden crematorium. Dit gaat te ver, vond Louis Hilgers (63). Vorige week lanceerde hij de site geenreclamebijdedood.nl om ongepaste uitvaartreclame te stoppen.

Het is een „decenniaoude ergernis”, zegt Hilgers. „Drie keer maakte ik mee dat een uitvaartleider een begrafenis afsloot met een verwijzing naar de uitvaartorganisatie die de dienst ‘mogelijk had gemaakt’. Reclame, terwijl we nog rond de kist stonden.”

De reacties van sympathisanten stromen binnen op zijn site. Over grote bedrijfslogo’s op uitvaartuniformen, paraplu’s of begrafenisauto’s. Of grafstenen met stickers van steenhouwerijen. „Ik heb duidelijk een snaar geraakt”, zegt Hilgers.

Frank Fransen, marketingmanager bij uitvaartondernemer Monuta, snapt dat reclame gevoelig ligt. „Wij zitten in een business die het woord business eigenlijk niet mag hebben. In onze marketing zijn we voorzichtig, onze naam mag nooit de boventoon voeren. Reclame op een urn of grafsteen doen we niet. Dat is te persoonlijk.”

Maar logo’s op kleding of paraplu’s horen bij een commerciële onderneming, vindt Fransen. „Wij willen herkenbaar zijn. Bovendien zijn wij ook trots op ons werk, dat mogen we best laten zien.”

Hilgers: „Een uitvaart draait toch niet om de trots van uitvaartmedewerkers? Het gaat om de overledene.” Met uitvaartreclame op zich is niet mis, benadrukt Hilgers. „Het gaat om reclame tijdens het afscheid zelf.” Vandaar zijn oproep: een „ethisch handvest”, op te stellen door de uitvaartbranche.

De branche staat open voor discussie, zegt Paul Koeslag, voorzitter van branchevereniging BGNU. Hij prijst het initiatief van Hilgers, zal het bespreken bij de ledenvergadering in februari. Maar hij betwijfelt of een ethische code nodig is. „Een code volgt op echte misstanden. Daar is geen sprake van. Meestal is uitvaartreclame subtiel.” Vergeet niet, zegt Koeslag: logo’s op bedrijfskleding zijn fiscaal verplicht, om onderscheid te maken met vrijetijdskleding. En merknamen op paraplu’s zitten er niet alleen om reclame te maken maar ook, zegt Koeslag, om diefstal tegen te gaan. „Onze paraplu’s raken nogal eens kwijt, na een uitvaart. Een paraplu met uitvaartlogo nemen mensen minder snel mee naar huis.”

Stickerreclame op grafstenen, zoals te zien is op de site van Hilgers, vindt Koeslag „geen mooi gezicht”, maar komt hem niet bekend voor. En die urn van Hilgers’ broer? „Dat is geen urn maar een asbus waarin we de as dertig dagen moeten bewaren. Daarop staat meestal de naam van de producent. Het staat nabestaanden vrij om hun as vervolgens in een eigen urn te doen, zonder reclame.”