Koffie

Bij bezoek aan het academisch ziekenhuis bestel ik koffie. Ik zie dat deze 2,10 euro kost en leg 4 euro neer. „Het kost 2,10 euro”, zegt de mevrouw bij de kassa. „Dat weet ik”, zeg ik en wijs op de 4 euro. Opnieuw herhaalt zij: „2,10 euro.” Opnieuw wijs ik op mijn 2 muntstukken van

Bij bezoek aan het academisch ziekenhuis bestel ik koffie. Ik zie dat deze 2,10 euro kost en leg 4 euro neer.

„Het kost 2,10 euro”, zegt de mevrouw bij de kassa.

„Dat weet ik”, zeg ik en wijs op de 4 euro.

Opnieuw herhaalt zij: „2,10 euro.”

Opnieuw wijs ik op mijn 2 muntstukken van 2 euro.

„Heeft u niet gepast?”

Hulpeloos kijkt ze naar een collega die iets verderop kopjes wast. Die begrijpt het dilemma.

„Als je het aanslaat op de kassa, weet je wat je terug moet geven.”

Ook een ikje maken? Stuur maximaal 120 woorden naar ik@nrc.nl

Hajo P. Strik