Hij: 'Spullen brengen ballast mee'

Uit

Rogier: „Het verdelen van onze vaste lasten ging eigenlijk heel spontaan.”

Laura: „Rogier betaalt de huur, ik de boodschappen.”

Rogier: „En ik betaal ook het gas, water, licht, televisie en internet.”

Laura: „Dat rekende ik erbij.”

Rogier: „Nou, dat is dus wel een beetje meer dan alleen de huur.”

Laura: „Omdat ik wel in het huis paste, maar mijn spullen niet, staan die opgeslagen in mijn kantoor. Die opslagkosten komen nog voor mijn rekening.”

Rogier: „We hebben geen gezamenlijke rekening.”

Laura: „Die hebben we niet nodig. Wat zouden we ervan moeten kopen?”

Rogier: „Ik vraag nooit wat Laura aan boodschappen uitgeeft, en of dat overeenkomt met de huur die ik betaal. Al denk ik wel dat Laura minder betaalt dan ik.”

Laura: „Ik vind: geld moet rollen.”

Rogier: „Ik geef Laura tegengas. Zij geeft geld eerst uit en denkt daarna pas na.”

Laura: „Op vakantie bleek dat we een auto nodig hadden omdat het openbaar vervoer in Ibiza niet goed werkt. Dus ik dacht meteen: we huren er één. Maar Rogier reageerde: ‘Dat is superduur!’ Het kostte hem een dag om eroverheen te komen.”

Rogier: „We verdienen niet zo veel, daar maak ik me ook op vakantie zorgen over. Maar ik was toch wel blij met die auto, wij vullen elkaar goed aan.”

Laura: „Rogier is altijd zuinig geweest. Hij vindt het bijvoorbeeld zonde om geld uit te geven aan cadeautjes die iemand niet echt nodig heeft.”

Rogier: „Ik vind het gewoon stom om cadeaus te kopen omdat het zo hoort. ”

Laura: „Hij heeft sowieso weinig met spullen.”

Rogier: „Spullen brengen ballast mee, ik vind het daarom wel prettig dat het hier zo klein is.”

Laura: „Ik heb heel veel spullen. Opgeslagen, dus, maar ik hoop ooit in een grote villa te wonen.”

Anne Dohmen