Hij schudde Philips wakker

Cor van der Klugt gaf eind jaren tachtig leiding aan Philips. Hij was intelligent en gedreven, maar moest na een schandaal vertrekken. Gisteren overleed hij.

Onder zijn leiding heeft „Philips meer veranderd dan in de dertig jaar daarvoor”. Zijn eigen woorden. Maar geen voorganger of opvolger verliet het elektronicaconcern zo smadelijk als hij.

Hoogmoed die voor de val kwam? Of geslachtofferd door Wisse Dekker, de voorzitter van de raad van toezicht, die hem in het zadel had geholpen? Ruim twee decennia later zijn de meningen daarover nog steeds verdeeld.

Cor van der Klugt, president-directeur van Philips tussen 1986 tot 1990, overleed gisteren op 86-jarige leeftijd. Hij woonde al jaren in het Belgische Vosselaar.

Eensgezindheid bestaat er over zijn kwaliteiten. Hij was een intelligente, gedreven, doortastende leider die een einde probeerde te maken aan de ouwe-jongens-krentenbroodmentaliteit binnen het logge, zelfgenoegzame concern. Dat dit hem niet lukte, kwam misschien omdat hij zelf voortkwam uit die bedrijfscultuur. In 1950 trad hij in dienst bij Philips. Hij was directeur in Uruguay en Brazilië. In 1978 kwam hij in de raad van bestuur.

Als president-directeur heeft hij de slapende reus Philips hardhandig wakker geschud. Hij brak met de traditie dat alle bedrijfsonderdelen even belangrijk waren. Hij vond dat het concern zich moest richten op kernactiviteiten, zoals consumentenelektronica. Niet-vitale divisies zoals Grote Huishoudelijke Apparaten en defensiebedrijven werden verkocht. Onder zijn leiding sloten 75 van de 420 fabrieken, verspreid over de hele wereld. Het doel was „substantiële winstverbetering”.

Hij kon slecht velen dat dit resultaat maar steeds niet werd bereikt. Hij bleef volhouden „dat de tanker op koers” lag. Altijd gaf hij factoren buiten het concern de schuld: hoge rente, oneerlijke handelspraktijken, valutakoersen. Berucht waren zijn uitbarstingen tegen medebestuurders. Geleidelijk kwam hij binnen het concern steeds meer alleen te staan.

Op de algemene aandeelhoudersvergadering van 10 april 1990 stelde hij beleggers een aanzienlijke winstgroei in het vooruitzicht. Dat deed hij terwijl hij nog niet beschikte over alle gegevens van het eerste kwartaal. Tweeënhalve week later bleek dat onverwacht hoge verliezen van de computerdivisie de nettowinst van het concern hadden laten smelten tot 6 miljoen gulden, 211 miljoen gulden minder dan in het eerste kwartaal van het jaar daarvoor. Begin mei oordeelde Wisse Dekker, voorzitter van de raad van toezicht, dat de positie van Van der Klugt onhoudbaar was geworden. Hij had de betrouwbaarheid van Philips te grabbel gegooid.

Dat was de stok om hem te slaan. Achter de schermen woedde al langer een machtsstrijd in de top van het concern. Daarbij werd geen middel geschuwd. Jaren later onthulde Thomas Lepeltak, verantwoordelijk voor het Stan Huygens Journaal, de societyrubriek van De Telegraaf, dat hij was gebruikt om het nieuws de wereld in te helpen dat Van der Klugt zijn vrouw had verlaten voor zijn secretaresse. Zo werd karakternoord gepleegd.

Van der Klugt heeft zich nooit uitgelaten over de achtergronden van zijn val. Interviews hield hij af. De enkele keer dat hij een uitzondering maakte, voor het blad Forum van werkgeversorganisatie VNO-NCW, sprak hij vooral over zijn hobby’s: paardrijden, fietsen, tennissen, golf, bridge. Hij vond wel dat hem onrecht was aangedaan. „Philips heeft onder mijn leiding nooit een negatief resultaat gehad.” Dat zou zijn grafschrift kunnen zijn.