Eurocrisis ontwaakt uit haar winterslaap

De koers van de euro heeft te leiden onder oplopende spanning over de munt. De Italiaanse premier Monti bereidt zich voor op een top.

De euro is weer in beweging. De Europese eenheidsmunt, die deze week zijn tienjarig bestaan als echte munt viert, is gisteren op de laagste koers tegenover de dollar uitgekomen sinds zestien maanden. Voor een euro moest vanmorgen 1,2779 dollar betaald worden. Tegenover de Japanse yen werd het laagste peil (98,45 yen voor een euro) sinds elf jaar bereikt.

Het was na de laatste top begin december even rustig rondom de euro – ongetwijfeld mede vanwege de feestdagen. Maar nu Brussel en de financiële sector weer uit hun winterslaap ontwaken, begint de druk weer op te lopen. Niet alleen de koers van de euro is daar een uitingsvorm van. De rentes op de schulden van enkele probleemlanden beginnen ook alweer op te lopen.

Frankrijk, dat nog altijd onder een dreigende afwaardering van de kredietbeoordelaars uit wil komen, moest gisteren voor een obligatieveiling van in totaal 7,96 miljard euro een rente van 3,29 procent betalen. Dat was fors hoger dan de 3,18 procent die de Fransen in december betaalden. Er was voldoende animo bij beleggers voor de lening, maar minder dan bij eerdere veilingen. Zelfs het sterke Duitsland kampte met minder interesse voor een veiling van staatspapier.

Problematischer lijkt de situatie in het zuiden van Europa. Spaanse banken hebben op korte termijn 50 miljard euro aan extra kapitaal nodig om nieuwe tegenvallers op de vastgoedleningen op te vallen.

Ook in Italië stapelen de problemen zich op. De noodlijdende UniCredit-bank, die 7,5 miljard euro extra kapitaal nodig heeft, maakte woensdag bekend aandelen uit te geven met een korting van 69 procent ten opzichte van de sluitingskoers van de dag ervoor. De koers klapte woensdag met 15 procent en gisteren met nog eens 10 procent. Volgende week moet Italië weer de kapitaalmarkt op. Alleen al in het eerste kwartaal van dit jaar moeten de Italianen 53 miljard euro aan aflopende staatsschuld herfinancieren.

De onzekerheden over de houdbaarheid van de schulden drukken zwaar op de Europese banken. Die hebben veel Europese schuldpapier op hun balansen staan. Europese toezichthouders willen dat banken hun kapitaalbuffers de komende maanden met 115 miljard euro verhogen zodat zij eventuele afwaarderingen kunnen opvangen.

Met name de situatie in Italië wordt door beleggers en politici scherp in de gaten gehouden. De nieuwe Italiaanse premier Mario Monti, die eind vorig jaar Silvio Berlusconi opvolgde, moet snel laten zien dat hij het vertrouwen van de financiële markten kan terug winnen. De Italiaanse staatsschuld is met zo’n 1.900 miljard euro de grootste van Europa. Monti’s hervormings- en bezuinigingspakket is al door het parlement aangenomen, maar de effecten ervan moeten nog komen.

Gisteren bracht Monti een verrassingsbezoek aan Brussel, waar hij naar verluidt met Europese functionarissen sprak. Vandaag zou hij op bezoek gaan bij zijn Franse ambtsgenoot Sarkozy. Volgende week ontmoeten Monti en Sarkozy ook de Duitse bondskanselier Angela Merkel, dan in Berlijn. De gesprekken lijken vooral bedoeld als voorbereiding op de eerste eurotop van het nieuwe jaar, eind deze maand in Brussel. Daar zal de toekomst van de euro wederom centraal staan.