Snot op de toiletmuur

Drie uur de tijd krijgen om 150 kamers schoon te maken is geen uitzondering.

FNV Bondgenoten voert sinds deze week actie voor betere arbeidsvoorwaarden.

Dina Govers en haar collega’s zien in hun werk van alles voorbijkomen. „Uitwerpselen naast de pot, snot op de muren van het toilet, mensen die voor je neus hun broodkruimels op de vloer vegen. Je kunt het zo gek niet bedenken”, zegt Govers (54). Ze is voor acht uur in de week in dienst als schoonmaker op het kantoor van de Belastingdienst in Den Haag.

Dinsdagmiddag overhandigde ze met een veertigtal collega’s, allen werkzaam bij een schoonmaakbedrijf dat verschillende overheidsinstanties bedient, een petitie aan het facilitair bedrijf van de Belastingdienst. Ze eisen betere arbeidsvoorwaarden: een fatsoenlijke reiskostenvergoeding, bij ziekte doorbetaling vanaf de eerste verzuimdag en 50 eurocent per uur erbij.

Bovendien willen ze verbetering van de werkomstandigheden. „We moeten elk jaar meer kamers schoonmaken in minder tijd en op de werkvloer worden we vaak genegeerd of zelfs minachtend aangekeken”, zegt Rissi Dowou (36), die schoonmaakt bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Drie uur de tijd krijgen om 150 kamers schoon te maken is niet ongebruikelijk, zegt ze.

De petitieoverhandiging bij de Belastingdienst staat in het kader van een landelijke actie die maandag door vakbond FNV Bondgenoten is begonnen na het mislukken van de cao-onderhandelingen met de OSB, de grootste werkgeversorganisatie in de schoonmaaksector. In het hele land zijn opdrachtgevers van schoonmaakbedrijven doelwit van stakingen en protesten. Vakbond CNV onderhandelt nog verder.

„Er is een race to the bottom gaande in de schoonmaaksector”, zegt Soheilah Rodjan (24) van FNV Bondgenoten. Ze is een van de coördinatoren van de petitieoverhandiging. Ze zegt dat opdrachtgevers nog steeds onmogelijk lage prijzen verwachten en dat schoonmakers daar in toenemende mate de dupe van worden.

Een nieuwe cao die betere arbeidsvoorwaarden voorschrijft zou uitkomst bieden. Ook moet de mentaliteit van opdrachtgevers veranderen. Grote bedrijven delen nu forse bonussen uit aan directieleden, terwijl schoonmakers bij nieuwe aanbestedingen op straat gezet worden, aldus Rodjan. „Hun prioriteiten liggen verkeerd”, zegt ze.

Een woordvoerder van de OSB zegt dat de cao-eisen van de FNV neerkomen op 200 miljoen euro aan extra kosten voor de schoonmaaksector. Dat is vier keer zoveel als het cao-voorstel van de OSB. „De schoonmaakbedrijven kunnen de 200 miljoen niet zelf dragen omdat de schoonmaakbranche zeer concurrerend is en de marges dus flinterdun.”

Jacco Vonhof, eigenaar van Novon Schoonmaak en zelf betrokken bij de mislukte cao-onderhandelingen, onderschrijft deze claim. „Wij gunnen onze mensen de beste cao ter wereld. Maar het probleem is dat de klant in deze tijden op zoek is naar een onsje minder en dan eerst kijkt of de aanbesteding van de schoonmaak goedkoper kan.”

Bij Najib Ismaeli (39), schoonmaker bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, gaat een dergelijke uitleg er niet in. „Waarom krijgen wij schoonmakers niet wat alle andere Nederlanders wel krijgen? Wij vervullen onze plichten. Ik heb in mijn 15 jaar als schoonmaker geen dag gemist, maar mocht ik een keer ziek worden dan krijg ik de eerste twee dagen sowieso niet doorbetaald. Het is nu tijd dat onze rechten gerespecteerd worden.”

Vandaag sluiten Ismaeli en zijn collega’s bij de Belastingdienst zich aan bij een grote demonstratie die de FNV organiseert bij een bedrijf in Amsterdam. Om welk bedrijf het gaat is nog niet bekend.