Oud & Nieuw viert u komend jaar op het bureau. En nu naar de gevangenis

Vuurwerkshow bij Erasmusbrug. Foto NRC

Oudejaarsnacht is nog niet het feestje dat het moet zijn, zei Justitieminister Opstelten toen hij zondag de schade opnam. De Rotterdamse politierechter hield daar dinsdag alvast twee 21-jarigen, die een aanvaring hadden met gezagsdragers, voor verantwoordelijk. “U heeft het feest bedorven”, zei hij. Met stemverheffing: “Dit wil de maatschappij niet!”

Die maatschappij ligt ook officier van justitie Boender na aan het hart. “Krantenkoppen over plannen om met molotovcocktails naar agenten te gooien, miljoenen aan schade. Oud & Nieuw heeft tegenwoordig twee gezichten. Enerzijds feestvreugde, anderzijds is het grimmig, met gericht geweld, schade en letsel. Ook tegen gezagsdragers. Ook deze oudejaarsnacht werd de politie slachtoffer van geweld.”

Misdragingen tijdens Oud & Nieuw zijn erger dan misdragingen op een gewone dag, vond ook de rechter. Mensen gaan volgens hem eerder huiswaarts omdat ze verwachten dat er in de vroege uurtjes problemen komen. En dat zou niet zo mogen zijn. “U beperkt de mogelijkheden van anderen”, wierp hij één van de verdachten voor de voeten. “Mensen willen niet meer uitgaan”, zei hij tegen de ander. “Die impact, dat negatieve beeld, daar heeft u aan bijgedragen. Ik vind dat u het moet voelen.”

Tekeer gaan tegen agent jut omstanders op

De officier haalde de strandrellen van Hoek van Holland erbij. En ook de bestorming van het Maasgebouw door Feyenoord-supporters. Als je tekeer gaat tegen een agent, dan heeft dat volgens haar een opruiend effect op omstanders. Ja, er is risico op escalatie beaamde de rechter in één van de vonnissen. De vergelijking met ‘Hoek van Holland’, waarbij tientallen agenten de duinen ingejaagd werden door festivalbezoekers, vindt hij echter “niet gepast”.

Hoe dan ook: de verdachten hadden een slecht moment uitgekozen om met justitie in aanraking te komen. Daags voor de jaarwisseling had het Openbaar Ministerie gemeld dat de strafeisen in alle Oud & Nieuw-zaken 75 procent hoger zijn. Indien er sprake is van agressie of geweld tegen mensen met een publieke taak (bijvoorbeeld politie, ambulancepersoneel, brandweer) dan zal de strafeis met 200 procent worden verhoogd.

De officier hechtte aan de mededeling dat ze deze richtlijn volgt. En zo kon het gebeuren dat de 21-jarige Rotterdammer en de 21-jarige Schiedammer nu de volle laag krijgen voor iets wat normaal gesproken nog geen drieregelig bericht in de buurtkrant waard is. Ze hadden de pech dat hun misdraging niet als incident wordt beschouwd, maar als onderdeel van massale agressie.

‘Waarom zouden drie ambtenaren iets opschrijven wat niet klopt?’

In de nacht van 31 december op 1 januari zijn er in Rotterdam en omgeving liefst 130 verdachten aangehouden. Twee daarvan zijn voor even het gezicht van die losse groep, zij vertegenwoordigen Het Geweld van Oud & Nieuw. Vooral voor de media: de publieke tribune zat vol belangstellenden, medewerkers van het OM en journalisten. RTV Rijnmond had de camera meegenomen en een tros microfoons voor de rechter gezet. Af en toe keken de verdachten verbaasd de zaal in. De maatschappelijke discussie moet ze ontgaan zijn: sinds hun arrestatie zitten ze vast. In Rotterdam zijn ze de eersten die moeten voorkomen, via het zogeheten supersnelrecht.

In deze context, het verstoorde volksfeest, zou je bijna het individu vergeten. De 21-jarige Rotterdammer, bijvoorbeeld, die als eerste aan de beurt was. In een zwart, glimmend bombeerjack betrad hij de rechtszaal. Daaronder een keurige blouse. De tenlastelegging: mishandeling van een stadswacht. Terwijl de ambtenaar bezig was met een aanrijding (bestuurder staande houden, wachten op de politie, verkeer regelen, belangstellenden wegsturen), kreeg hij volgens de officier “uit het niets” een klap op zijn wang van de Rotterdammer, iemand die helemaal niet betrokken was bij de aanrijding. Die klap bestrijdt de verdachte. Hij zou de handhaver alleen van zich af geduwd hebben, nadat de handhaver hem weg probeerde de duwen. “En toen draaide hij me om en kreeg ik de handboeien.” Bovendien wilde de Rotterdammer alleen maar helpen, maar wat dat helpen precies inhield maakt hij niet duidelijk.

De ontkenning vindt de rechter niet geloofwaardig. De collega’s van de toezichthouder hebben de klap namelijk ook gezien. “Waarom zouden drie mensen iets in hun proces verbaal opschrijven wat niet klopt?” Misschien hebben ze iets gepland, werpt de Rotterdammer tegen. “Misschien wist die ene dat hij fout zat.” De rechter laat het er verder bij zitten. “U blijft er bij”, stelt hij vast.

Somber over eigen positie, twijfels over gewetensfunctie

Dan de persoonlijke omstandigheden. De Rotterdammer, die bij zijn ouders woont, blijkt een eenmanszaakje te hebben. In- en verkoop, zo duidt hij de bedrijfsactiviteit. Iets waar hij behoorlijk druk mee is, maar nog niet veel mee verdient. Als de rechter hem vraagt wat hij - mocht er een schuldigverklaring komen - van een behandelverplichting vindt, sputtert hij tegen. “Ik weet niet of ik daar tijd voor heb.”

De begeleiding komt ter sprake omdat de Rotterdammer volgens de rechter “niet een geheel blanco verleden” heeft. In de afgelopen zeven jaar is hij vier keer veroordeeld: voor geweldsdelicten en rijden onder invloed. De Reclassering merkte destijds op dat hij “somber is over zijn eigen positie” en “twijfels over zijn gewetensfunctie” heeft. De Rotterdammer zou “minder goed dan anderen weten waar de grenzen liggen”.

De verdachte herkent zich helemaal niet in dat beeld. “Ik weet zeker wel wat ik wel en niet mag.” De periode dat hij onder behandeling stond herinnert hij zich als “af en toe buiten dingen doen, beziggehouden worden”. Mocht de rechter weer zo’n behandelverplichting opleggen, dan wil hij wel meewerken. “Drie kwartier, hoogstens een uurtje per dag. Dan kunnen jullie kijken of er iets mis met mij is. Ik wil doorgaan in de maatschappij.”

‘Moeilijke jeugd, ontwikkelingsstoornis. Het ging net weer wat beter’

Dit gaat niet om zomaar een mishandeling, zegt de officier. Het is gebeurd tijdens de oudejaarsnacht. In zo’n woelige sfeer kunnen incidenten tot grote ordeverstoringen leiden.

Haar eis: acht weken gevangenisstraf, waarvan twee voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar. Ook wil ze dat de Rotterdammer 265 euro aan de toezichthouder betaalt, een bedrag dat gebaseerd zou zijn op de Smartengeldgids. “De vuistslag onder het oog deed zeer. Ook voelde hij zich angstig.” Het lijkt de officier een goed idee als de Rotterdammer de volgende jaarwisseling van de straat is. Ze eist dat hij zich op 31 december om 23.30 uur bij het politiebureau in Capelle aan den IJssel meldt. Om 00.30 uur zou hij zijn weg dan weer mogen vervolgen. Dit soort meldingsplichten worden doorgaans alleen aan hooligans opgelegd.

Die eis is zeer bovenmatig, vindt de advocaat. “Hij heeft een moeilijke jeugd gehad, stond onder behandeling, heeft een ontwikkelingsstoornis en is in het verleden verminderd toerekeningsvatbaar verklaard. Met vallen en opstaan gaat het nu weer de goede kant met hem op. De afgelopen drie dagen cel heeft hij als zwaar ervaren.” Daarbij staat het volgens de advocaat niet vast of de verdachte echt een vuistslag heeft gegeven. Hij zou alleen geduwd hebben. “Bij twijfel, vrijspraak”, luidt haar advies aan de rechter.

‘Stadswacht niet mishandeld tijdens rechtmatige uitoefening bediening’

Van vrijspraak wil de rechter niets weten. Hij vindt de mishandeling “wettig en overtuigend” bewezen. Wel wil hij op een “elementair onderdeel” afwijken van de tenlastelegging. “Ik heb vanmorgen op de website van de gemeente gekeken en daar las ik dat er stadswachten in allerlei soorten en maten zijn. De ene heeft meer taken en bevoegdheden dan de andere. Het ging hier om een milieucontroleur. Zijn functie is heel strikt omschreven: strafrecht zit daar niet bij. Hij is weliswaar mishandeld, maar niet tijdens de rechtmatige uitoefening van zijn bediening.”

Hiermee wil de rechter zeggen dat het bewaken van de orde, en in het bijzonder het arrest van de Rotterdammer, niet tot het specifieke takenpakket van de ambtenaar hoorde. “De strafverzwarende omstandigheid is hier niet aan de orde.”

Wat de straf ook had kunnen verlichten, is de opstelling van de verdachte tijdens de zitting. Maar daar is de rechter juist niet tevreden over. “De maatschappij heeft veel in u geïnvesteerd. Maar wat heeft u eigenlijk geleerd? Over de Reclassering zei u dat u af en toe met ze naar buiten ging, wat dingen ondernam. Maar van inzicht kwam het niet. Dat is extra nadelig.”

Alles overwegende komt de rechter tot een schadevergoeding van 200 euro aan de milieucontroleur, een meldplicht bij de jaarwisseling 2012/2013 en een celstraf van zes weken, waarvan drie voorwaardelijk. “Die moet u nu ondergaan, daarom beveel ik nu ter zitting uw gevangenneming.” Ook vindt de rechter dat hij weer gedragstherapie moet krijgen. “De maatschappij moet niet opnieuw met u geconfronteerd worden.”

‘Ik ben hier eigenlijk de dupe van dit alles’

Dan is het de beurt aan de 21-jarige Schiedammer, die zich met geweld verzet zou hebben tegen een arrestatie nadat hij een agente had uitgescholden. “Flikker, je bent een kankerflikker. Fuck you”, zo brengt officier van justitie Boender de woorden in herinnering.

De Schiedammer, gekleed in een trainingspak, werpt tegen dat hij met de scheldkanonnade de agente een koekje van eigen deeg gaf. “Ze zei flikker tegen mij. En ook: ‘Als je niet meewerkt, dan breek ik je vinger.’” Dat van die vinger is frappant, want niet de verdachte, maar de agente is gewond geraakt aan haar vinger. Een kneuzing waar ze nog steeds last van heeft. Terwijl ze hem vastpakte, zou de Schiedammer haar vinger naar buiten gebogen hebben. “Ik zal bij de rechter wel uitleggen waarom ik dat heb gedaan”, zei hij volgens de verbalisanten.

Maar dat doet de Schiedammer niet. Goed, hij heeft misschien wel ‘flikker’ gezegd, maar van een gekneusde vinger kan hij zich niets herinneren. In de lezing van de Schiedammer ging het als volgt. Op het Stadhuisplein merkte hij dat iemand iets uit zijn zak trok. Daar rende hij achteraan, en even later werd de straatrover op het Schouwburgplein ingesloten door drie agenten. De Schiedammer probeerde hen uit te leggen dat hij zojuist was beroofd door deze man, dat hij nu zijn spullen terugwilde. En zo kwam het tot een aanvaring: de agenten maakten de Schiedammer duidelijk dat hij weg moest gaan en pakten ook nog zijn fles Jack Daniel’s af. Daar protesteerde hij tegen, koste wat kost wilde hij zijn verhaal doen, zelfs nog op het moment dat hij met zijn neus tegen een winkelruit gedrukt werd voor de arrestatie. “Ik ben hier eigenlijk de dupe van dit alles.”

‘Werkstraf is een gepasseerd station, nu zitten’

De rechter houdt de Schiedammer voor dat hij in 2010 “een forse werkstraf van 80 uur” heeft gekregen voor een soortgelijk delict: belediging, verzet en het toebrengen van letsel. De Schiedammer had beter moeten weten: niet de confrontatie zoeken, maar de volgende dag naar het bureau om spullen te halen en eventueel een klacht deponeren. De werkstraf en de Reclassering hebben blijkbaar onvoldoende indruk gemaakt. “Het verbaast me dat u hier weer zit”, zegt de rechter.

De officier neemt het de verdachte vooral kwalijk dat hij met zijn gedrag de openbare orde verstoorde. “Het was vier uur ’s nachts. Uw gedrag sloeg over op anderen. Die gingen zich ermee bemoeien.” Zo begon ‘Hoek van Holland’ ook, houdt ze de Schiedammer voor. Ze eist drie maanden gevangenisstraf, waarvan één voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar. Daarbovenop een schadevergoeding van honderd euro aan de agent en een meldplicht tijdens de volgende jaarwisseling. “Een werkstraf is een gepasseerd station, nu is het wat mij betreft gewoon zitten.”

“Ik schrik hiervan”, reageert de advocaat. Een taakstraf, dat lijkt haar redelijker. Temeer omdat het geweld en de beledigende strekking van de woorden volgens haar niet bewezen kunnen worden. Het is volgens haar niet duidelijk of de verdachte tegen de agente in het bijzonder schold of gewoon wat in het wilde weg schreeuwde. Een celstraf komt bovendien uiterst ongelegen. Morgen moet haar cliënt namelijk naar een alcoholcursus van het CBR, een verplichte. Ze overhandigt de brief van het rijvaardigheidsinstituut.

“Ik heb geen twijfel over de juistheid”, oordeelt de rechter over de tenlastelegging. Hij vonnist acht weken celstraf, waarvan vier voorwaardelijk en een meldplicht voor volgend jaar. Ook het smartengeld van honderd euro wijst hij toe, via de schadevergoedingsmaatregel. De overheid schiet het bedrag voor en verhaalt het vervolgens op de veroordeelde. “Als u niet betaalt, komt de staat het bij u halen.”

Eerdere rechtbankverslagen over agressie tegen gezagsdragers:
Buurtbeveiligers in elkaar geslagen door jongeren
Vermeende opruier zwijgt over aandeel strandrellen
Alexander schold agenten uit omdat ze in de weg stonden
Parkeercontroleurs incasseren smartengeld na doodsbedreiging
Identiteitscontrole mondt uit in worsteling voor het politiebureau
Verdachte voelt zich beledigd door rechter
NS-medewerker ontvangt smartengeld na bedreiging
Lokte de agent de belediging uit?