Onrust over borstprotheses uit Frankrijk groeit

In veel landen houdt de onrust over de Franse borstprotheses met industriële siliconen aan. In Australië zei de nationale gezondheidsdienst gisteren geen verhoogd risico op breuk te hebben geconstateerd, maar de Britse regering heeft privé-klinieken gesommeerd vóór het einde van de week gedetailleerde informatie te geven over scheuren en breuken.

In Colombia heeft de regering, in navolging van Frankrijk en Venezuela, gezegd dat vrouwen met borstimplantaten van het Franse bedrijf PIP deze op kosten van de staat kunnen laten verwijderen. Ongeveer de helft van de PIP-productie is uitgevoerd naar Latijns-Amerika.

Franse gezondheidsautoriteiten hebben een verhoogd risico op lekken vastgesteld. Maar volgens de Australische toezichthouder TGA is er geen reden voor alarm. Dat bureau rekent voor dat van de 9.054 PIP-implantaten die tussen 2002 en 2011 in Australië zijn gebruikt, er bij 37 een breuk is geconstateerd. Dat komt neer op een volgens de TGA niet alarmerend percentage van 0,4. Uit Brits en Australisch onderzoek van de gebruikte industriële siliconen blijkt volgens de TGA dat deze niet giftig zijn voor de mens als ze in contact komen met de huid.

Maar de Britse regering wil wel meer duidelijkheid. Minister van Gezondheid Lansley zei gisteren dat er geen goede cijfers zijn om vast te stellen hoeveel van de naar schatting 42.000 Britse vrouwen met een PIP-prothese, problemen hebben gekregen. In Frankrijk pleitte minister van Gezondheid Bertrand voor Europese regels voor medische hulpmiddelen zoals implantaten, analoog aan die voor medicijnen.