Woede om hoge brandstofprijzen in Nigeria

Woedende demonstranten in Nigeria verhinderden vanochtend pompstations om brandstof te verkopen, nadat de prijzen gisteren meer dan verdubbelden. Dit was het gevolg van de afschaffing van de subsidie op brandstof. Nigeriaanse vakbonden en automobilisten reageerden woedend. Zij zien de subsidie als een van de weinige lokale voordelen van de grote olie-industrie in OPEC land Nigeria.

De benzineprijs ging bij sommige benzinestations van 60 naira (0,28 euro) naar 150 naira (0,71 dollar).

Oppositieleiders, vakbonden en lokale actiegroepen hebben de regeringsmaatregel veroordeeld. Zij vrezen dat de verhoging van benzineprijzen een prijsopdrijvend effect zal hebben. Twee Nigeriaanse vakbonden noemden de actie „harteloos, bedoeld om anarchie te veroorzaken” en dreigden met stakingen.

Volgens de Wereldbank leeft meer dan 80 procent van de Nigerianen van minder dan 2 dollar per dag.

De afschaffing van de brandstofsubsidie heeft ook gevolgen voor stroomgenerators in huizen en winkels die de stroomtoevoer van het regelmatig uitvallende nationale elektriciteitsnetwerk overnemen.

Maar sommige Nigerianen verwelkomen de afschaffing van de subsidie. Een gepensioneerde bankier zei dat de mensen die tegen de afschaffing zijn vaak de mensen zijn die Nigeria exploiteren om zijn olie

Economen noemen de subsidie al jaren corrupt en verspillend. Vooral grote olie-importeurs zouden ervan profiteren. De regering investeert weinig in raffinaderijen en infrastructuur, waardoor Nigeria ondanks zijn grote olie-industrie benzine importeert voor eigen gebruik. Nigeria produceert 2,4 miljoen olievaten per dag en is nummer één leverancier aan de Verenigde Staten.

President Goodluck Jonathan liet in een verklaring weten dat het geld dat door de afschaffing vrijkomt, bijna 5 miljard euro, ten goede zal komen aan armoedebestrijdingsprogramma’s. Veel Nigerianen vrezen dat het geld in handen zal vallen van corrupte politici. De afschaffing komt twee dagen nadat de president de noodtoestand afkondigde in noordelijke staten in verband met het sektarische geweld van de islamitische terreurgroep Boko Haram. (AP, Reuters)