It's Mitt

In de Amerikaanse staat Iowa beginnen Republikeinen vandaag de selectie van hun presidentskandidaat die het in november opneemt tegen Barack Obama. In hun ogen is de keuze duidelijk. Onder Obama stevent Amerika af op het Europese socialisme. Zij willen op hun beurt de leidende, veerkrachtige en innovatieve Verenigde Staten in hun volle glorie herstellen – de herleving van de Amerikaanse Droom. Europeanen praten neerbuigend over dit Amerikaanse ‘verkiezingscircus’, maar de VS zijn veel democratischer dan de Europese Unie.

De voorronde in Iowa is basisdemocratie. Vier jaar geleden was ik te gast in Waterloo, Iowa. Republikeinen vergaderden in klaslokalen van een scholengemeenschap. Daar debatteerden ze over hun kandidaten. Daarna stemden ze. De telling was openbaar. Verrassend kwam Mike Huckabee, ex-gouverneur van Arkansas, als winnaar uit de bus. Ex-gouverneur Mitt Romney van Massachusetts werd teleurgesteld tweede. John McCain, de latere presidentskandidaat, werd derde. Romney reisde direct door naar New Hampshire, buurstaat van Massachusetts, om in elk geval daar de primary te winnen. Maar McCain won, Romney werd opnieuw tweede.

Niets is leerzamer dan een verloren verkiezing. Deze keer heeft Romney de beste kans de Republikeinse presidentskandidaat te worden. Hij heeft in Iowa de favorietenrol gelaten aan zijn tegenstanders – voormalig congresvoorzitter Newt Gingrich, gouverneur van Texas Rick Perry, het libertarische congreslid Ron Paul en ex-senator Rick Santorum. Romney kan nu ‘onverwachts’ goed uit de hoek komen. Zijn strategie is volgende week dinsdag winnen in New Hamshire met grote cijfers. Daarna verzilvert hij de dynamiek eind januari in South Carolina en Florida. Op 3 maart, Super Tuesday, heeft Romney de buit binnen.

Romney voert campagne sinds 2006 en heeft alle denkbare fouten gemaakt. Vier jaar geleden profileerde hij zich als ‘Reaganconservatief’. Dit komt voor een ex-gouverneur van de progressieve staat Massachusetts weinig geloofwaardig over. Romney liep daarom stuk in Iowa. Hier is het agrarische Westen van de staat – Republikeins kerngebied – een uitloper van de bible belt.

Dit keer heeft hij, met zijn wortels in het zakenleven, een economisch profiel gekozen, als tegenpool van Obama, die nog geen snoepjeswinkeltje heeft beheerd. Na zijn mislukte campagne in 2008 voerde Romney campagne voor anderen, zoals Republikeinse kandidaten voor de Congresverkiezingen van 2010. Hij financierde velen. Hiermee bouwde hij een loyaal politiek netwerk op. Met een persoonlijk vermogen van 200 miljoen dollar heeft Romney reserves voor dure televisieadvertenties. Zijn opponenten zijn na tweede voorverkiezingen platzak.

Romney voert daarom campagne alsof hij al tegenover Obama staat. Zijn tweede troef is zijn verkiesbaarheid. Hij positioneert zich consequent centrum-rechts. Zijn conservatievere tegenstanders proberen de woede van de Tea Party-beweging om te zetten in electorale steun en vallen Romney aan over rechts. Van Texas Ranger Rick Perry tot zelfverklaard genie Gingrich, libertarisch purist Paul en gezinskampioen Sanctorum – zij vinden Romney een schijnconservatief. De Republikeinse kiezer wikt tussen gevoel (wie is de purist?) en verstand (wie kan Obama verslaan?). Het antwoord luidt: in godsnaam liever de mormoon Romney in het Witte Huis dan de socialist Obama.

Obama profiteert van de Republikeinse familieruzie, maar vreest de kandidatuur van Romney. Diens opponenten zijn vaak clownesk. Tegen Romney wordt het een nek-aan-nekrace. Daarom lanceert Obama een class war tegen hem. Hij zet Romney neer als ‘kandidaat van de superrijken’. Obama vreest Romneys kansen in de swing states Florida, Ohio, Iowa, Michigan en Colorado. Hier heeft Obama weinig van zijn beloftes ingelost en voert hij intussen zelf campagne.

Europa zet alle kaarten op Obama’s herverkiezing en kijkt neer op het ‘verkiezingscircus’. Deze houding is onverstandig en misplaatst. In de Verenigde Staten kiest het volk de president. In Europa wordt bijna niemand verkozen. De Europese president wordt aangewezen, net als de voorzitter van de Europese Commissie en eurocommissarissen. In het Europees Parlement zetelen hoofdzakelijk afgezanten van nationale politieke elites. Het woord referendum wordt gelijkgesteld met ‘populisme’. Europa lijkt met zijn stelsel van coöptatie meer op China dan op de VS. Europese politiek-culturele elites schilderen Republikeinse kandidaten graag af als de verpersoonlijking van domheid – alsof politici in Europa uitblinken door kennis en inzicht. Veel Europese media pikken er graag stuntelende Republikeinse kandidaten uit om alle tegenstanders van Obama over één kam te scheren.

Dit doet de VS onrecht. Presidentsverkiezingen zijn geen Citotoets, maar een karaktertest. Maandenlang staat een kandidaat onder immense druk. Zijn jeugd wordt uitgespit, zijn financiën uitgeplozen, zijn programma nagerekend, zijn liefdesleven ontleed en zijn fouten uitvergroot. Het is de meest genadeloze screening ter wereld, een screening die het doorsnee Kamerlid zou doen belanden in therapeutische nazorg of erger. Amerikaanse kandidaten moeten hun campagnefinanciering zelf verzorgen. Ze kunnen niet, zoals in Europa, de belastingbetaler laten opdraaien voor ‘hun circus’.

Een Amerikaanse presidentsverkiezing is een les voor de Europese elite. Democratie heeft een zelfzuiverend vermogen. Technocratie vertroebelt. Het voortijdig afschrijven van Romney is evenmin raadzaam. Amerika kiest de president, niet Europa. Wait and see is de beste Europese houding.