Een muzikant voor het hoogste ambt

De populaire zanger Youssou N’Dour is sinds gisteren ook een presidentskandidaat in Senegal. Zijn rivaal is oud en omstreden, en N’Dour heeft een eigen media-imperium.

De Senegalese zanger Youssou N’Dour heeft zich kandidaat gesteld voor de presidentsverkiezingen op 26 februari.

„Ik heb gehoord en geluisterd en reageer nu positief”, zei N’Dour gisteren over de vele verzoeken van aanhangers om het op te nemen tegen de autoritaire, 85 jaar oude president Abdoulaye Wade.

N’Dour bezit een eigen krant en een radio- en tv-station en via deze media maakte hij gisteravond zijn kandidatuur bekend.

Kritiek dat hij onvoldoende heeft gestudeerd voor het presidentschap beantwoordde hij als volgt: „Inderdaad, ik heb geen hoge opleidingen gevolgd, maar het presidentschap is een functie, geen beroep”.

En met een verwijzing naar de vele tournees die hij maakte in zijn lange muziekcarrière: „Ik heb gestudeerd aan de wereldschool. Het maken van reizen, leert je evenveel als boeken”.

Met zijn 52 jaar is N’Dour veel jonger dan zijn voornaamste rivaal Wade. In alle Afrikaanse landen en ook Senegal maakt de jeugd de meerderheid uit en bepalen jonge kiezers in belangrijke mate de uitslag van verkiezingen.

Zijn muziek is uiterst populair in zijn geboorteland, waar hij, wanneer hij niet op een van zijn buitenlandse tours is, het overgrote deel van de tijd verblijft.

Met zijn band Etoile de Dakar ontwierp hij een muziekstijl die als typisch Senegalees wordt beschouwd: mbalax, een mengeling van traditionele ritmes en invloeden uit Cubaanse salsa.

Buiten Senegal maakte hij muziek samen met onder anderen Bruce Springsteen en Paul Simon.

Wade, die in 2000 werd gekozen, heeft veel aanhang verloren door zijn autoritaire manier van optreden, in een land dat als een bastion van de Afrikaanse democratie bekend staat.

Al in de jaren zeventig vestigde de toenmalige president Leopold Senghor er een meerpartijendemocratie, het heeft een vrije pers en verkiezingen verlopen doorgaans op eerlijke wijze.

Wade heeft volgens zijn critici die traditie doorbroken door dictatoriaal gedrag, door zijn zoon Karim klaar te stomen voor zijn opvolging, en door geld over de balk te smijten voor prestigieuze projecten, zoals het monument voor de Afrikaanse renaissance in de hoofdstad Dakar.

Intussen groeit de economie te traag en gaat het leven de Senegalezen steeds moeilijker af. Dit heeft tot ernstige sociale onrust en rellen geleid. Wade heeft in N’Dour dus een geduchte tegenstander.

N’Dours mediagroep Future Medias bestaat uit het radiostation RFM, het tv-station TFM en de krant L’Observateur. Met de inzet van deze media kan hij de verste uithoeken van het land bereiken voor zijn campagnes.

Ook bezit hij voldoende geld voor de verkiezingsstrijd. Daarom zag de oude vos Wade de bui al lang hangen en probeerde de president de oprichting van N´Dours media te voorkomen door wettelijke obstakels op te werpen.

Het is de eerste keer in de Afrikaanse politiek dat een muzikant het hoogste politieke ambt probeert te bereiken, gospelzangers worden wel vaak in Afrikaanse parlementen gekozen.

In Liberia deed de voetballer George Weah vergeefs een gooi naar het presidentschap. In Congo stellen vele muzikanten zich beschikbaar om politici aan de massa te verkopen, maar ze vertonen geen eigen politieke ambities.

Musici, en zeker het groeiende aantal rappers, vormen altijd een goed instrument voor opposanten. Vooral rap is en in toenemende mate een rauwe vorm van protest geworden tegen de corrupte politiek elites van Afrika.

Koert Lindijer