We leven helaas in interessante tijden

Het kapitalisme en de parlementaire democratie verkeren in een crisis.

Ze overvleugelen in 2012 de binnenlandse politiek, die vrijwel irrelevant wordt.

Er bestaat een Chinese vloek. Als je iemand in het Chinees het slechtst denkbare lot gunt, wens je hem toe dat hij mag leven in interessante tijden. Wij leven in interessante tijden. Alles wat ons vertrouwd is en wat we de afgelopen decennia als vanzelfsprekend zijn gaan beschouwen, staat op het punt te veranderen.

De financiële crisis die we nu tijdens de feestdagen even zijn vergeten maar die nog steeds in volle hevigheid om zich heen grijpt, is niet zomaar een economisch dipje waar we wel weer overheen komen. Het is een crisis van het systeem. Ruim twintig jaar geleden, na de val van de muur en het ineenstorten van de Sovjet-Unie, verkeerde het Westen in een overwinningsroes. Ons systeem van een ongebreidelde vrije markt had gewonnen. Er waren zelfs filosofen die spraken in termen van het einde van de geschiedenis: de zege van het kapitalisme was definitief en het duizendjarige rijk van wereldwijde ongelimiteerde vrijhandel was gevestigd. Die euforie is nu verdwenen. We hebben geleerd om in te zien dat ongereguleerde vrije marktwerking complete soevereine staten op de rand van het faillissement kan brengen met desastreuze gevolgen voor miljoenen burgers. En dat is geen schoonheidsfoutje dat wel te repareren valt, zoals onze politici ons willen doen geloven, het probleem huist in de kern van ons ooit zo bejubelde kapitalisme. Wij zullen het kapitalisme moeten afschaffen of eraan ten onder gaan, waarna het ook niet meer bestaat.

Tegelijkertijd heeft het afgelopen jaar pijnlijk duidelijk gemaakt dat de parlementaire democratie, die andere pijler van ons Vrije Westen, eveneens in een fundamentele crisis verkeert. Onze westerse democratieën zijn niet in staat gebleken om de actuele problemen op te lossen. Ze zijn te traag en te weinig slagvaardig om ontwikkelingen op de financiële markten bij te benen. En daarom hebben we de democratie het afgelopen jaar maar even in de ijskast gezet. In Italië en Griekenland zijn democratisch gekozen regeringen naar huis gestuurd. En sowieso worden alle besluiten die er werkelijk toe doen in Europa genomen door de Centrale Bank die zich onttrekt aan elke vorm van democratische controle. Zo ongeveer het enige waar ons parlement nog een zweem van inspraak in heeft, is de vaststelling van de maximumsnelheid op snelwegen en de vraag of een Angolees jongetje een studievisum mag aanvragen. Alles wat er werkelijk toe doet, wordt elders besloten. En we vinden het allemaal wel best, omdat we ook heus wel snappen dat we ons nu even niet de luxe kunnen permitteren van democratisch bestuur. Maar het probleem is niet tijdelijk. Het is fundamenteel.

De vrije markt en de democratie zijn verliezende concepten. Dat is niet iets wat ik wens. Ik had het graag anders gezien. Het is een feitelijke constatering. Het is volslagen duidelijk dat deze beide fundamenten van onze vrije westerse maatschappij over twintig jaar niet meer in deze vorm zullen bestaan. En ik schat die termijn met opzet heel erg ruim in omdat ik u en mijzelf niet te veel wil laten schrikken. We leven helaas in interessante tijden.

Wat dat allemaal betekent voor de Nederlandse politiek in 2012, is niet moeilijk te voorspellen. Zij zal worden gedomineerd door de internationale ontwikkelingen en met name door de eurocrisis. Je kunt wel lekker soebatten over een paar miljoentjes meer of minder voor linkse of rechtse hobby’s, maar dat heeft allemaal weinig relevantie als er tegelijkertijd duizenden miljarden euro’s moeten worden gespendeerd om ons stervende kapitalistische systeem nog een jaartje langer aan de kunstmatige beademing te houden.

Het is nu al duidelijk dat de regering zich gedwongen zal zien om extra bezuinigingsmaatregelen af te kondigen. En het is eveneens duidelijk dat deze tot verhoogde spanningen leiden in de gedoogcoalitie. Het is daarom zo goed als zeker dat de regering in 2012 ten val zal komen. Wilders heeft al gedreigd met vervroegde verkiezingen. Hij staat goed in de peilingen. Hij zal geen verantwoordelijkheid willen dragen voor pijnlijke bezuinigingen, dus zal hij een breekpunt zoeken om de gedoogconstructie op te blazen en als tegenstander van pijnlijke bezuinigingen de verkiezingscampagne in te gaan.

Na de val van het kabinet zal pas echt zichtbaar worden hoezeer het politieke middenveld is geïmplodeerd, wat overigens een ander symptoom is van de fundamentele crisis van ons democratische systeem. De traditionele bestuurspartijen CDA en PvdA zullen bij vervroegde verkiezingen zo goed als weggevaagd worden. De machtsstrijd die binnen deze beide partijen zal losbarsten, heeft eigenlijk nauwelijks nog nieuwswaarde omdat beide partijen sowieso hun relevantie hebben verloren.

Na vervroegde verkiezingen zullen we wonen in een hopeloos gepolariseerd en onbestuurbaar land. De formatie zal onmogelijk blijken. En uiteindelijk (maar dan zijn we waarschijnlijk al diep in 2013) zullen we net als zo veel Europese landen zuchtend onze toevlucht zoeken tot een technocratisch bestuur van bankiers en economen. Van ons parlement zullen dan weinig meer horen, behalve wat wanhopig getwitter hier en daar.

Ilja Leonard Pfeijffer is schrijver en columnist van nrc.next. Onlangs verscheen ‘Het ministerie van Specifieke Zaken’ (De Arbeiderspers), een ruime selectie van zijn columns in nrc.next.

Ondanks de ellende houden we in 2012 ‘goede moed’. Zin, pagina 18 en 19