Tijd voor een monetaire en financiële opfriscursus

Na een eeuw lang te hebben geslapen, ben ik in 2012 wakker geworden. De wereld is veranderd, maar niet volledig.

Er is veel gebeurd tussen 1912 en nu. De breekbare Europese vrede die ik me kan herinneren is verstoord door enorme oorlogen en daarna hersteld. Maar de optimistische geest van een eeuw geleden is nauwelijks meer aanwezig in Europa en – dit verbaast mij zeer – aan het verdwijnen in de Verenigde Staten.

In sommige opzichten voelt de wereld echter vertrouwd aan. Voor het reizen in een groot deel van Europa is geen paspoort nodig, en de kapitaalstromen zijn bijna helemaal vrij. De buitenlandse investeringen vertegenwoordigen ongeveer net zo’n groot deel als vroeger van het bruto binnenlands product, een nuttige maatstaf die in mijn vorige leven niet bestond.

En hoewel er een verschuiving heeft plaatsgevonden in de onderlinge verhouding van de grote wereldmachten, vind ik het makkelijker de diverse concurrerende blokken te doorgronden dan de stilstand van de Koude Oorlog en de éénpolige dominantie die daarop volgde.

Ik ben heel enthousiast, maar niet al te verbaasd over alle nieuwe technologie. Moderne geneesmiddelen, computers en internet overtreffen mijn stoutste dromen van vóór mijn lange winterslaap. Maar er zijn ook teleurstellingen: planeten zijn nog niet gekoloniseerd en mensen worden zelden ouder dan honderd.

Over één ding maak ik me werkelijk zorgen: de uitdijing van de overheid. Dat hele idee van de ‘verzorgingsstaat’ klinkt misschien goed, en is natuurlijk veel beter dan oorlogvoeren, maar mensen verwachten nu veel te veel van de staat. Het verbaast me niets dat overheden niet goed zijn in beheer, noch van hun activiteiten, noch van hun financiën.

Misschien is dit oordeel een weerspiegeling van mijn opleiding als bankier. Ik ben dol op ‘gezond’ geld en sterke markten. En dat is nóg iets wat me tegenstaat aan de nieuwe wereldorde: het financiële stelsel.

Waarom hebben ze in hemelsnaam de Gouden Standaard afgeschaft? Nu overheden de totale controle uitoefenen over het monetaire systeem, zijn inflatie en financiële crises onvermijdelijk.

De banken werken nu veel te veel met geleend geld en dat die aanhoudende overheidstekorten zijn verderfelijk zijn. Het hele monetaire stelsel is op drijfzand gebouwd.

Deskundigen vertellen me dat geld, dat geen intrinsieke waarde heeft en niet wordt gedekt door reserves, goed is voor de economie en de samenleving, maar ik zie dat beslist niet zo. Het is tijd voor een monetaire en financiële opfriscursus.

Martin Hutchinsonen Edward Hadas

Vertaling Menno Grootveld