Onze kiezer ziet de directeur gaan met vier ton per jaar

Hoe krijgt de PvdA mensen als Erik en Joppie terug als kiezer? Door de leraar meer te betalen, de kans op werk te vergroten en de fusiedrift te stoppen, stelt Diederik Samsom.

Enige tijd geleden bracht ik een avond door met Hendrik, Maan, Joppie, Wilma en Erik. Ik had met hen afgesproken omdat ik een woedend ‘manifest’ van ze had ontvangen. Het document intrigeerde me. Tussen de blinde razernij en de scheldpartijen op politici door ontwaarde ik een vorm van woedende betrokkenheid die me niet meer losliet. Ik maakte een afspraak, stapte enige weken later Café Den Hoek binnen en trof daar... vijf PvdA-stemmers. Niet arm, zeker niet rijk. Middelhoog opgeleid. Opgroeiende kinderen. Begaan met de buurt. Bezorgd over de samenleving. Er ontbrak eigenlijk maar één eigenschap aan deze PvdA-stemmers: ze stemden geen PvdA. Sterker nog: ze bezaten het heilige voornemen om nóóit meer PvdA te stemmen.

Het was een leerzame avond. Over het leven van vijf mensen die het vertrouwen in de politiek zijn kwijtgeraakt en hun heil zoeken bij de partijen die dat wantrouwen perfect belichamen. Ver weg van de PvdA.

Waar ging het mis? Waar raakten wij Hendrik, Maan, Joppie, Wilma en Erik kwijt? Het antwoord is even eenvoudig als omvangrijk. Aan de basis. Op straat, op school, in het verzorgingstehuis, bij het gemeenteloket. Ze zien de directeur van het verzorgingstehuis, waar hun moeder in een 24-uursluier zit, wegrijden met vier ton per jaar. Ze horen over toenemende overlast op straat en ze ervaren het zelf ook, hun nichtje werd op klaarlichte dag beroofd. Ze schrikken van de kilheid van de school van hun kinderen, inmiddels opgegaan in een conglomeraat van scholen. Daar aan de basis, waar de overheid het meest verantwoordelijk is, juist daar zien zij de grootste gaten vallen. En dat rekenen ze ons aan.

Wie de basis niet op orde heeft, kan de rest vergeten. De hoogdravende verhalen over een Europese toekomst en een duurzame kenniseconomie vinden dan geen grond. Mensen hebben niks tegen hoogdravende doelen en mooie vergezichten. Maar ze hebben – zoals wij allen – ook indringender zorgen: over hun baan, over de school van hun kinderen, de veiligheid op straat. En ze zijn niet uit op hulp. Niet van de overheid, laat staan van de PvdA. Veruit de meeste mensen klimmen op eigen kracht langs de maatschappelijke ladder omhoog. Maar dan moet die ladder daar wel blijven staan en goed worden onderhouden.

En daar zit precies het onbehagen. Mensen zien dat de ladder wordt verwaarloosd en zijn bezorgd dat er straks voor hen of voor hun kinderen geen mogelijkheden meer zijn om omhoog te klimmen. Het is een angst die niet even modieus kan worden weggeparkeerd bij de ‘moderniseringsverliezers’ in de vinexwijken, maar die ons allemaal bewust of onbewust bezighoudt. Ook mijzelf.

Ik heb een dochter van tien. Ze heeft een hersenafwijking en kan minder snel meekomen dan de rest. Ze heeft het doorzettingsvermogen van een bulldozer. Dankzij veel oefenen en noeste arbeid komt ze er wel, maar mijn zorg groeit. Ik zie met angst en beven hoe schaalvergroting, technologie, sneller geld en efficiency ertoe leiden dat de onderste sport van de maatschappelijke ladder steeds hoger komt te liggen. Zo hoog dat het me naar de keel grijpt. Kan Benthe daar straks nog bij?

Ons antwoord kan niet blijven hangen in gloedvolle betogen over een betere toekomst. Ons antwoord moet zijn om de ladder stevig in de grond te zetten en vooral de onderste sporten, onze publieke voorzieningen, te herstellen. Moeilijk in tijden van financiële krapte en voortjagende internationale ontwikkelingen, maar extra hard nodig. En niet onmogelijk. Versterking van de publieke voorzieningen betekent niet per se een grotere overheid en meer geld, integendeel. Het vergt wél een andere, radicalere, politieke en bestuurlijke mentaliteit. Eentje die we langzaam waren kwijtgeraakt.

Wie de basis weer op orde wil, moet de bestaande instituties te lijf. De welzijnssector moet opengebroken om effectiever te kunnen optreden tegen overlastplegers. Maak een einde aan de coördinatiecultus geef ruimte aan de mensen in de frontlinie. Het verschil tussen een ontsporende of een deugende jongen wordt niet in zijn cliëntendossier, maar op het plein gemaakt. Schrik daarbij niet terug voor gevestigde belangen en doorbreek het heilige loongebouw, draai de salarisschalen om en laat de leraar meer verdienen dan de schoolleider, de wijkagent meer dan de bureauchef. Want alleen zo houd je de beste mensen waar ze het hardste nodig zijn – voor de klas en op straat.

Ook op de arbeidsmarkt moet de onderste sport verstevigd. In de eerste loonschalen van de overheid werkt niemand meer. Opgeschoond, gesaneerd, efficiencyslag. Laten we de mensen, onder wie meer dan tweehonderdduizend jonggehandicapten die vergeefs naar de eerste sport reiken, weer een baan gunnen door gewoon werk voor ze te creëren. Te beginnen bij de overheden. Even duur voor de samenleving, veel beter voor de wajongers, een geruststelling voor hun ouders en omgeving.

Breek de paradox van uitdijende zorgmultinationals die de zorg steeds ‘dichterbij’ beloven te organiseren. Maak van zorginstellingen weer coöperatieve organisaties. Hetzelfde geldt voor de woningbouwverenigingen en scholen. Wie zorgt dat de bestuurders daar ophouden om al fuserend de ladder verder op te trekken? Dat moeten wij doen.

De ladder vastzetten. Mensen greep geven op hun leven, dwars tegen alle bedreigende ontwikkelingen in. Het is de traditionele kracht van middenpartijen, die decennialang succesvol een verbinding wisten te leggen tussen het verlangen naar zekerheid en de noodzaak tot verandering. Wie draagvlak wil verwerven voor verandering, zal mensen zekerheden moeten bieden, zo luidde het maatschappelijk contract van de Nederlandse polder.

Dat contract staat in de huidige stormachtige ontwikkelingen onder grote druk. De zekerheid is geërodeerd, de veranderingen dienen zich met ongekende snelheid en omvang aan. Mooie praatjes over een sprong in de toekomst overtuigen niet, valse beloften over terug naar vroeger uiteindelijk evenmin. We zullen met scherpere keuzes en een harder werken de ladder moeten herstellen. Pas dan geven we mensen de zekerheid dat ze op eigen kracht omhoog kunnen. Pas dan verwerf je het mandaat om de veranderingen vorm te geven.

Pas dan krijgen Hendrik, Maan, Joppie, Wilma en Erik het vertrouwen in de politiek terug.

Diederik Samsom is Tweede Kamerlid voor de PvdA.