Iran vuurt raket af bij oefening

Terwijl de Iraanse regering met het afvuren van een raket wil laten zien dat ze niet bang is, maakt de bevolking zich zorgen dat de waarde van de Iraanse munt verder daalt.

De Iraanse marine heeft vandaag tijdens een oefening vanaf land een nieuwe versie van zijn Qader-raket met een bereik van 200 kilometer afgevuurd. Het projectiel landde in de Golf.

De actie komt op een gevoelig moment. De Iraniërs dreigden afgelopen week de nauwe toevoerweg tot de Golf, de Straat van Hormuz, tijdelijk af te sluiten. Dat zou de internationale oliemarkt ernstig verstoren. Na Amerikaanse waarschuwingen dat zo’n actie ontoelaatbaar is, zag Iran ervan af.

De oefening waarbij nu de Qader-raket is afgevuurd was weer een reactie op westerse plannen voor een olieboycot tegen Iran. „Onze vijanden weten precies waartoe we in staat zijn”, zei legercommandant Massoud Jazayeri.

Hoewel de Iraanse regering stelde dat het om een langeafstandsraket ging, lijkt het bereik in werkelijkheid beduidend kleiner. Langeafstandsraketten hebben volgens de meeste definities een bereik van ten minste 5.000 kilometer. Het doel van de aankondiging van Iran lijkt vooral te laten zien dat het voor niemand bang is en dat de Iraanse leiders iedere aanval kunnen weerstaan. De staatsmedia berichtten er enthousiast over.

Tegelijk zakt de Iraanse munt steeds verder, onder invloed van Amerikaanse sancties. President Obama tekende zaterdag een wet die sancties mogelijk maakt tegen banken uit de hele wereld die zaken met Iran doen.

Veel Iraniërs zijn op dit moment meer bezig met de gevolgen hiervan dan met de lancering van een nieuwe raket. De rial heeft in twee weken tijd ruim 15 procent van zijn waarde verloren. Huisvrouwen, zakenmensen en zelfs kinderen proberen hun spaargeld nu in dollars of euro’s om te zetten. „Ik vertrouw ons geld niet meer”, zegt Somaye Malekian, een lerares. „Als onze leiders ons geld niet stabiel kunnen houden, hoe zit het dan met de andere successen waar ze het constant over hebben?”

De meeste Iraniërs bekommerden zich evenmin om een ander, nucleair, succes dat de staatspersbureaus dit weekeinde meldden. Na lang testen is het de Islamitische Republiek gelukt zelf de brandstofstaven voor een 43 jaar oude nucleaire testreactor te produceren, die nog voor de revolutie van 1979 in Teheran was gebouwd door de VS. De reactor, die alleen kan worden gebruikt voor het produceren van medische isotopen, die op hun beurt weer worden gebruikt voor kankerbestraling, was in 2010 het middelpunt van wat een doorbraak leek in onderhandelingen tussen Iran en het Westen over het nucleaire programma.

De regering van Ahmadinejad was bereid de voorraad laag verrijkt uranium naar Turkije te sturen in ruil voor in het Westen geproduceerde brandstof voor de testreactor. Dit om het Westen ervan te overtuigen dat het geen kernwapen wil maken. De VS steunden het plan echter niet.