In de schouwburg zoemt de verwachting

„De burgemeester van Amsterdam hoort op Nieuwjaarsdag bij de première van Gijsbrecht van Amstel te zijn. Hij wordt in het stuk nota bene door Vondel aangesproken.” Ellen Vogel, de grande dame van het Nederlandse toneel, zat bij de première van Vondels Gijsbrecht van Amstel, gistermiddag in de Amsterdamse Stadsschouwburg, op een van de voorste rijen. De afwezigheid van burgemeester Eberhard van der Laan bij deze typisch Amsterdamse theaterhappening vond ze „heel dom”.

Wethouder Carolien Gehrels was er in elk geval wel. Net als Wim Kok en Ernst Hirsch Ballin. En veel bekende regisseurs en acteurs: onder anderen Sigrid Koetse, Petra Laseur, Hans Croiset, Johan Doesburg, Gijs Scholten van Aschat, Huub Stapel, Maria Goos, Peter Blok en Fedja van Huêt. Vondels toneelstuk leefde in de schouwburg volop. Het zoemde van herinneringen aan roemrijke ensceneringen, en van verwachtingen van deze nieuwe, van Het Toneel Speelt. De verloren geachte traditie om jaarlijks op Nieuwjaarsdag de Gijsbrecht op te voeren, lijkt voorlopig in elk geval hersteld. Ook op 1 januari 2013 komt weer een Gijsbrecht.

Ellen Vogel (1922) trad in de jaren vijftig en zestig bij de Nederlandse Comedie veelvuldig op in de Gijsbrecht, onder meer declameerde ze Vondels verzen in de Rei van Amsterdamse Maagden en speelde ze Badeloch, Gijsbrechts vrouw. „Iedereen denkt dat het barokke voorstellingen waren”, zegt ze. „Maar het decor was net zo sober als nu.” Die soberheid bevestigt Petra Laseur (1939) die bij de Comedie in de Rei van Amsterdamse Maagden stond: „We kwamen op tussen zwarte doeken. ‘Lappen’, zoals we zeiden. Het was stikdonker. Tastend en elkaar vasthoudend liepen we naar het voetlicht.”

Actrice Sigrid Koetse (1935) heeft de Gijsbrecht honderden keren gespeeld: „Bij de Nederlandse Comedie speelden we Gijsbrecht tot ver in maart, soms twee keer per dag. ’s Middags voor scholieren, die vonden het saai. Maar als je met Ko van Dijk, Ank van der Moer en Han Bentz van den Berg op het toneel staat, kan ik het onmogelijk saai vinden.”

Koetse miste in de nieuwe Gijsbrecht van Jaap Spijkers de oorspronkelijke reien van Vondel, die nu zijn vervangen door nieuwe gedichten van Willem Jan Otten: „Die reien horen er echt bij, die kun je niet zomaar weglaten. Ze vormen een harmonieus geheel met het stuk.”