Freud in 1912

Elke kerstvakantie kijken we met de hele familie naar de Titanic. Terwijl we met een cappuccino en kerstkransje behaaglijk achterover leunen in de bank, zien we de eerste grote ramp van de twintigste eeuw zich voor onze ogen voltrekken. Het is een cliché om te zeggen, maar toch: telkens valt ons wel weer iets nieuws op. Vorige Kerst was het de scène waarin er aan boord van de Titanic wordt gedineerd. Een van de gasten vraagt de baas van de rederij, die ook aan het diner aanzit, waarom het schip Titanic heet. De man legt uit dat de naam een verwijzing is naar de formidabele afmeting van het schip. Dan mengt hoofdrolspeelster Kate Winslet zich in het gesprek en richt deze vraag aan de redersbaas: “Heeft u al gehoord van dokter Freud? Zijn ideeën over de mannelijke preoccupatie met afmetingen zullen u interesseren.”

Tja, Freud in 1912. Dat jaar schreef hij een artikel over de kinderlijke seksualiteit. Met de opmerking van Kate Winslet in je achterhoofd, ben je geneigd om te denken dat Freud een liberale geest was, het soort dokter dat over dit thema een emancipatorisch verhaal zal hebben geschreven. Maar nee, het tegendeel blijkt het geval. Terwijl in die dagen Freuds collega’s het publiek er voorzichtig van probeerden te doordringen dat het geen kwaad kan als kinderen hun geslachtsorganen aanraken – geen verweking van de hersenen, geen verzakking van de rug, geen vergroeiingen van het ruggenmerg – dacht het Genie uit Wenen daar bepaald anders over. Freud was old school. Hij was van de handjes-boven-de-dekens. Hij meende zeker te weten dat het nodeloos stimuleren van de geslachtsorganen een toxische uitwerking heeft en dat er een hoop neurotische ellende van komt.

Dat inzicht ontleende Freud aan zijn Berlijnse vriend Wilhelm Fliess, met wie hij jarenlang een intensieve correspondentie voerde. Volgens Freud was de medicus Fliess een wetenschappelijke titaan omdat hij maar liefst twee belangrijke ontdekkingen op zijn naam had gezet. De eerste was die van de nasogenitale reflex. Het idee was dat de geslachtsorganen en de neus innig met elkaar zijn verbonden. De geslachtsorganen zijn zelfs gerepresenteerd in de neus, legde Fliess uit in Die Beziehung zwischen Nase und weiblichen Geslechtsorganen. En daarom: als de geslachtsorganen overprikkeld raken, dan uit zich dat niet alleen in neurotische klachten, maar ook in allergieën en hoestbuien. Een neusoperatie kan in zulke gevallen wonderen doen. Zo kwam het dat Freud een van zijn patiënten naar Fliess verwees, die prompt aan het opereren sloeg. Als chirurg was Fliess echter minder handig. Want later moest een andere dokter uit de etterende neusholte van de patiënte een halve meter verbandgaas verwijderen. Fliess had het gaas tijdens de operatie per ongeluk laten zitten. De patiënte was er bijna aan gestorven.

Fliess’ tweede ontdekking was al net zo overrompelend. Mensen, aldus Fliess, zijn biseksueel. Daarom hebben wij allemaal een vrouwelijk ritme van 28 dagen en een mannelijk ritme van 23 dagen. Met die twee ritmes – nu komt het – kun je het tijdstip van elke belangrijke gebeurtenis voorspellen. Alle historische data volgen de formule X x 23 ± Y x 28. Freud was zwaar onder de indruk. Neem de geboortedata van zijn twee kinderen, Mathilde en Martin. Daar zaten precies 783 dagen tussen. Dat is 17 x 23 + 14 x 28. Zijn vriend Fliess, jubelde Freud, was de Kepler van de biologie.

Ondertussen boezemde de wonderformule van Fliess Freud ook angst in. Lange tijd geloofde Freud (1856) dat hij ergens in 1907 de laatste adem zou uitblazen omdat hij dan 51 (jawel, 1 x 23 + 1 x 28) was. Maar 1907 ging voorbij en inmiddels hadden de twee vrienden fikse ruzie met elkaar. Fliess klaagde erover dat andere auteurs er met zijn prachtideeën van door waren gegaan en dat dit allemaal kwam door Freuds loslippigheid.

Freud leed onder de ruzie. Ook in 1912. Toen dineerde hij met een aantal vertrouwelingen in het Park Hotel te München. Tijdens het eten werd hij onwel en verloor kort het bewustzijn. Dat hij onwel was geworden, verklaarde Freud later, had met Fliess te maken. Vroeger was hij vaak met Fliess in het Park Hotel geweest. De herinneringen daaraan waren hem ineens teveel geworden. Misschien kwam het ook wel omdat Freud zich realiseerde dat hij in 1912 zijn 56ste levensjaar had bereikt en dat is 0 x 23 + 2 x 28.

Arme Freud. Had hij maar kunnen lezen wat de mathematicus Martin Gardner later over de wonderformule schreef: je kunt er alles mee verklaren en juist daarom is het wetenschappelijke kitsch van de ergste soort. De meeste wetenschappers dachten er zo over en het werk van Fliess ging dan ook als een intellectuele Titanic ten onder. Met Freud als enige overlevende.