De belangrijkste vraag blijft onbeantwoord

Vandaag sluit deze rubriek zijn eerste kalenderjaar af. Tijd om de balans op te maken. Wat waren de thema’s, en zijn die achteraf goed gekozen? Van meet af aan richt deze column zich tot de particuliere belegger die vooral streeft naar behoud en realistische groei van zijn vermogen en niet naar riskant en snel gewin. Die belegger wil niet al te veel tijd en energie investeren in eigen analyses van complexe markten en producten, en in strategieën met opties en structured products. Voor concrete beleggingsadviezen achtte deze columnist zich niet gekwalificeerd. Wel zocht hij naar manieren om risico’s te verminderen en rendementen te vergroten.

Zoals: beleg meer buiten Europa, in economieën die nog hard groeien. Slechts 15 procent van de gemiddelde Nederlandse particuliere portefeuille is belegd in opkomende markten, zo blijkt uit een recent onderzoek door TNS Nipo in opdracht van de Britse vermogensbeheerder Schroders. Ondanks de structureel goede vooruitzichten van opkomende economieën kregen de huiveraars gelijk. Zo daalde de MSCI BRIC Index, die Brazilië, Rusland, India en China volgt, dit jaar met 24 procent. De BRIC-landen kampen met stijgende rentes, grillige valuta’s en teruglopende bedrijfswinsten door hogere lonen en minder export naar het kwakkelende Europa. De eurocrisis besmet niet alleen Europa, maar de hele wereld. Toch blijven er kansen buiten ons eigen continent. Landen als Indonesië, Nigeria en Turkije zullen de BRIC’s de komende vijf jaar in groei voorbijstreven, verwacht bijvoorbeeld Goldman Sachs.

Beleggen in grondstoffen was een ander terugkerend thema. Op de langere termijn zijn alternatieven nodig voor olie, gas en steenkool, en zal de vraag naar bijvoorbeeld zeldzame aardmetalen het aanbod overstijgen. Maar voorlopig drukt de crisis ook de behoefte aan grondstoffen, en dus hun prijzen. Aandelen als Alcoa (aluminium), Chevron (olie), Freeport McMoRan (koper- en goudmijnen) en Molycorp (zeldzame metalen) staan fors in de min.

Aandelen doen het even slecht als obligaties, en sparen is evenmin aantrekkelijk, gezien de lage rente. Waar moet de belegger dan wel met zijn geld naartoe? De hamvraag van 2011, die in deze column herhaaldelijk werd gesteld, blijkt dus nog niet zo eenvoudig te beantwoorden. Het Schroders-onderzoek laat zien hoe particuliere beleggers met die onzekerheid omgaan. Zij houden de helft van hun vermogen aan in cash. De andere helft is hoofdzakelijk belegd in Nederlandse aandelen en in beleggingsfondsen – een verre van ideale mix. Toch zegt meer dan de helft die beleggingen te zullen handhaven of zelfs nog iets uit te breiden. Niet verkopen tegen de huidige slechte prijzen, maar stilzitten en wachten op betere tijden.

Van paniek lijkt geen sprake. Dat is een lichtpuntje na een somber jaar.

Joost Ramaer

    • Joost Ramaer