'Bijna Heizel-drama in Thialf in 1987 '

Andere Tijden Sport zendt in januari drie nieuwe afleveringen uit. Op Nieuwjaarsdag vertellen schaatsfans hoe Nederland in 1987 ontsnapte aan een Heizel-drama in Thialf. Later in de maand aandacht voor schaatssprinter Jan Bos en de riskante sport ijsspeedway.

Vijfentwintig jaar later zeggen ooggetuigen: Nederland is in 1987 ontsnapt aan zijn eigen ‘Heizel-drama’. Een kleine twee jaar nadat in het Brusselse voetbalstadion Heizel onder de toeschouwers 39 doden en zo’n 400 gewonden waren gevallen, doordat ze in het gedrang waren vertrapt of door een omvallende muur waren verpletterd, had zoiets kunnen gebeuren in ijsstadion Thialf in Heerenveen.

In het programma Andere Tijden Sport van NOS en VPRO dat op Nieuwjaarsdag wordt uitgezonden, vertellen ze erover: schaatsfans die aanwezig waren bij het legendarische WK allround voor mannen, op 14 en 15 februari 1987.

Legendarisch, omdat voor het eerst in de geschiedenis een wereldkampioenschap in een overdekt stadion werd geschaatst. Thialf, de kunstijsbaan die uit 1967 stamt en volgens de kenners anno 2011 is verouderd, was in 1987 net van een dak voorzien.

Het resultaat was dat de schaatsers werden begeleid door een oorverdovend geluid zoals een laaiend enthousiaste menigte dat kan produceren en dat niet eerder bij een schaatstoernooi zo apart had geklonken. Dankzij de akoestiek van een overkapte ijshal. ‘Thialf, ’t dak eraf!’ heet dan ook deze aflevering van Andere Tijden Sport.

In de herinnering leeft de editie van 1987 in Heerenveen ook voort, omdat vermoedelijk nog nooit zoveel Nederlanders zo massaal het Russische volkslied van toen nog de Sovjet-Unie meezongen. Misschien waren het wel 16.000, deels goed doorgespoelde, kelen die de gedragen klanken van de tekst „la-la, la, la-la, la” voorzagen. Wereldkampioen Nikolaj Goeljajev is er nu nóg door ontroerd: „Het betekende heel veel voor mij.”

Maar in die carnavaleske sfeer die er ook in later jaren nog vaak in Thialf zou heersen, had het dus helemaal mis kunnen gaan. Dat de organisatie 16.000 kaartjes had verkocht, bleek een overschatting van de capaciteit van het stadion te zijn. Vooral op de staantribunes was het een gedrang van jewelste van toeschouwers die toch iets van de wedstrijd wilden zien. Wie naar de wc ging, was zijn plek kwijt, dus werden lege koffiebekertjes van een nieuwe functie voorzien.

Toen de situatie echt nijpend werd, grepen stewards in. Kinderen die tegen de boarding werden gedrukt, tilden ze uit het publiek. „Er hadden doden kunnen vallen”, zegt een van de toeschouwers die er bij waren. Maar het publiek zong een stomverbaasde Rus toe.

De ‘wintertrilogie’ die Andere Tijden Sport in januari uitzendt, bevat meer pikante onthullingen, zoals in de aflevering ‘Heya Jan Bos!’ Jan Bos reisde terug naar Berlijn, naar de baan waar hij in 1998 wereldkampioen sprint werd, als eerste Nederlander in de geschiedenis.

En dat terwijl hij eerst helemaal geen zin had om sprinter te worden. Hij was vier jaar eerder niet voor niets, ook in Berlijn, bij de junioren wereldkampioen allround geworden, hij had toen de 5.000 meter, een stayersafstand, gewonnen. Sprinten, dacht Jan Bos, dat is iets voor kleine Aziaten en grote Russen, maar niets voor Nederlanders.

Maar goed, op last van coach en ‘schaatsprofessor’ Leen Pfrommer had hij zich toch op de sprint toegelegd en ontdekte zo zijn talent voor de korte afstand. In de voorbereiding op de WK sprint van 1998 liep het echter niet lekker bij Bos. De klapschaats had al zijn intrede gedaan, maar met het nieuwste model kon Bos niet goed uit de voeten. Vooral met de bochten had hij moeite: dan raakte zijn schoen het ijs.

Nauwkeurige bestudering van zijn materiaal bracht de schaatser op een idee. Bos zette dat op papier, faxte de tekening op zijn hotelkamer naar zijn ouders, die gingen ermee naar een bevriende meubelmaker en hij voerde de wens van de schaatser uit. Het bleek te gaan om de vervaardiging van minuscule aluminimum plaatjes: drie millimeter dik.

Iemand die toch naar het Italiaanse Collalbo moest, waar Bos toen trainde, fungeerde als koerier en bezorgde hem de plaatjes. Door ze tussen schoen en schaats te monteren scheerde Bos, de gelegenheidsingenieur, vervolgens als een jonge god over het ijs. Enkele maanden later werd hij wereldkampioen. Erben Wennemars, die hij als enige in zijn geheim had ingewijd, werd derde.

De laatste aflevering is gewijd aan een in Nederland betrekkelijk onbekende sport: ijsspeedway. Dat is: op een motor met bespijkerde banden, maar zonder rem, met een vaartje van 100 à 110 kilometer over het ijs scheuren. Een sport voor durfals.

In de jaren zeventig was ijsspeedway kortstondig wél populair bij het grote publiek, mede dankzij de successen van Roelof Thijs. De eerste ijsspeedwaywedstrijd in Nederland, in 1972 in Assen, vormde zijn inspiratiebron. Hij voorzag zijn motorbanden van kopspijkers, reed ermee het ijs op en dacht: dat is mooi. In 1984 werd hij vierde bij het wereldkampioenschap in Moskou.

Dat het een riskante sport was, werd Thijs duidelijk na een ongeluk van een Oostenrijkse coureur. Die werd door een andere motor, met al die spijkertjes, overreden en bloedde dood. Zelf overkwam het Thijs dat zijn lijf na zo’n ongeluk van 38 hechtingen moest worden voorzien – geen reden om ermee te kappen.

Toch kwam er aan de sportcarrière van Thijs een vroegtijdig einde als gevolg van een ongeluk met de motor. Alleen was dat niet op het ijs, maar op de weg. Hij werd door een dronken automobilist aangereden, waarbij zijn been verbrijzelde.

Speciaal voor deze uitzending is Thijs naar een ijsbaan in Zweden gegaan – in Nederland zien de ijsmeesters liever geen motoren verschijnen met scherpe spijkers op de banden. In Zweden is Roelof Thijs, 65 jaar oud, opnieuw op zijn motor gestapt, en op het ijs. Daar scheurde hij weer door de bochten. Wat langzamer dan vroeger, maar toch. Eens een waaghals, altijd een waaghals.

Thialf ’t dak eraf!: zo 1 jan, 23.20 u Ned.1; do 5 jan 11.15 u Ned.2; zo 8 jan, 17.20 u Ned.1.Heya Jan Bos!: zo 8 jan 22.20 u Ned.1; do 12 jan 11.15 u Ned.2; zo 15 jan 17.20 u Ned.1.De koude oorlog van Roelof Thijs: zo 15 jan 22.15 u Ned.1 ; do 19 jan 11.15 u Ned.2;za 21 jan 17.20 u Ned.1.