Soldaat van Oranje, hoofdrol van Nederland

De laatste keer dat ik hem zag, zaten er wasknijpers op zijn tepels. Toen speelde Niels Gooijer in De Hollanders, het stuk dat Arnon Grunberg schreef voor de eindexamenleerlingen van de Amsterdamse toneelschool, over onze jongens in Afghanistan. Nu is Niels Gooijer de Soldaat van Oranje. De hoofdrol in een grote musical.

„De echte Soldaat is zijn stem kwijt”, vertelt hij na afloop. Hij is de understudy voor die rol, de eerste reserve en nu speelt en zingt hij tot in februari regelmatig de verzetsheld Erik Hazelhoff. Zielig voor die ‘echte’, mazzel voor hem en hij doet het met panache. Ik denk aan Shirley MacLaine. Die was understudy voor de musical The Pajama Game. Hoofdrolspeelster Carol Haney brak haar enkel, Shirley viel in en werd ontdekt door de filmindustrie.

Niels Gooijer is van 1986. Lang. Smal. Wat de Engelsen slender noemen. „Een held is een man en breed”, zegt Gooijer. „Ik ben jong en niet zo breed. Maar Theu [Boermans, regisseur, red.] zei: jij maakt iedereen om je heen jonger, door jou beseffen we hoe jong die verzetsmannen waren. En zo was het, het waren gewoon Leidse studenten die liepen te feesten.” Gooijer hoort, zegt hij, tot de laatste generatie die uit de eerste hand over de oorlog hoorde, „van mijn opa en oma”. En Erik? „Erik is heel principieel.”

Als er iets retro is, dan Soldaat van Oranje, de musical, de film, en ook de autobiografie Soldaat van Oranje van Erik Hazelhoff Roelfzema, waar het in 1971 allemaal mee begon.

De hoofdpersoon is de held van Nederland. Van welk Nederland? Van ons aller Nederland. Het Nederland dat tot aan 10 mei 1940 onschuldig en volmaakt gelukkig was. Het Nederland dat de vijf jaren daarna zwaar ziek werd, doordat het de nazi-infectie opliep die ‘Tweede Wereldoorlog’ heet. Het Nederland dat desondanks het hoofd koel hield en de moraal hoog, en dat zichzelf heldhaftig genas. Het Nederland dat we verzonnen hebben.

De musical Soldaat van Oranje is een feest van nostalgie in een antieke hangar in Katwijk. Wie parkeert, rijdt over de oude startbaan. Binnen is de kustlijn van Scheveningen nagebouwd mét een golvende zee, en allerlei andere locaties van Leiden tot de Londense salon van de koningin. De tribune trilt als er gebombardeerd wordt en draait met ons allemaal erop van het ene decor naar het andere. Soms rijden de Soldaat en zijn beste vriend een eindje mee op hun motorfietsen, vintage BSA’s.

Er wordt gedanst, een vage jive. De jive werd pas bij de bevrijding meegebracht door de GI’s, maar dat dondert niet, de associatie is: WO II. Net zo is koningin Wilhelmina geen onwrikbare historische figuur maar gewoon een droom van een rol, in te vullen door een reeks grandes dames van het Nederlandse toneel. Deze maanden wisselen Petra Laseur en Truus te Selle elkaar af. Trudy de Jong en Marisa van Eyle zullen volgen en misschien komt daarna Betty Schuurman aan de beurt (van haar verwacht ik een smakelijk nonchalante Willemien). Niels Gooijer: „Had Wilhelmina de leeftijd van Erik gehad, dan was het wat geworden tussen die twee.”

De musical Soldaat van Oranje weerspiegelt het Nederland van nu. Dus: wat moeten studenten met hun leven? Er is crisis, hun toekomst is bleek. Eigenlijk komt de oorlog als geroepen, nu moeten ze iets dóén. En trouwens: meisjes zijn gelijk aan jongens. In zo’n meisje treft de Soldaat de liefde van zijn leven. Hij verliest haar in de strijd.

Dat lag allemaal anders in 1977, in de film van Paul Verhoeven. Rutger Hauer was de Soldaat, Jeroen Krabbé zijn boezemvriend. Stoere jongens die de meisjes erbij doen. Want ze houden van elkaar. Verhoeven voorzag in een stroom van homoseksuele suggesties. Veel omhelzen. Samen stoeien, samen uithijgen. En het mooiste moment: Erik die even snel de haren van zijn vriend kamt, voor die een verzetsdaad gaat plegen. Hij verliest hem in de strijd.

In 1977 was de oorlog nog vers. Wilhelmina was een monoliet. Goed of fout, dat was de kwestie in die dagen. Hm, een kwestie van toeval, provoceerde de film. En Rutger Hauer speelde Oranjesoldaat Erik met de jarenzeventigbranie van die andere Erik. Die van Verhoevens film Turks Fruit (1973).

Retro drinkt zich dronken aan de vorm van weleer. Voor het gevoel volgt het de eigen dag van vandaag.

    • Joyce Roodnat