Nederland soepeler bij massaclaims

Nederland lijkt aantrekkelijker te worden voor de afhandeling van grote internationale schadezaken. Dat is het gevolg van voorgestelde wijzigingen in de Wet collectieve afwikkeling massaschade (WCAM). Betrokkenen in het buitenland kunnen zich in het vervolg gemakkelijker aansluiten bij een schaderegeling die in Nederland is begonnen.

Minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) heeft hierover onlangs een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gezonden.

Een woordvoerder van het ministerie van Veiligheid en Justitie benadrukt dat het niet de bedoeling van de regering is om van „Nederland een paradijs te maken voor internationale claims”. De wijzigingen die nu door het ministerie worden voorgesteld zijn volgens hem vooral van technische aard en komen voort uit een evaluatie.

De veranderingen hebben onder meer betrekking op de wijze van oproepen van internationale belanghebbenden. Nu wordt expliciet in de wet opgenomen dat de rechter meer de rol van regisseur op zich kan nemen, bijvoorbeeld met betrekking tot de wijze van oproepen van belanghebbenden.

Ook kan beter gebruik worden gemaakt van internet bij de behandeling van internationale schadeclaims. De overeenkomst die verbindend is verklaard zou bijvoorbeeld op internet aangeboden moeten kunnen worden.

De aanpassingen zijn het gevolg van aanbevelingen die gedaan zijn door onderzoekers van de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Volgens het ministerie zijn niet alle aanbevelingen die betrekking hebben op internationale eisers overgenomen.

Eerder was al bekend geworden dat de nieuwe wet de behandeling van massaclaims naar aanleiding van faillissementen moet vergemakkelijken. De afhandeling van grote claims loopt vaak zó moeizaam, dat de liquidatie van de boedel veel tijd vergt. Hierdoor moeten schuldeisers lang wachten op hun geld, zoals bijvoorbeeld bij de failliet gegane DSB Bank. Door de aanpassingen kunnen curatoren claims collectief afhandelen, hetgeen veel tijd scheelt.