'Meer voor minder en veel voor weinig'

2012 wordt een crisisjaar, is de voorspelling. Dat is voor sommigen juist goed nieuws. Vandaag: de markt voor tweedehands groeit hard.

Packages are sorted at the FedEx Express hub at Memphis International Airport in Memphis, Tennessee, U.S., on Friday, Dec. 11, 2009. FedEx Corp. said its fiscal second quarter profit exceeded its forecast as international and ground shipments rose, bolstering economists' assessments that a global recovery is under way. Photographer: Daniel Acker/Bloomberg Bloomberg

De handel in tweedehands spullen floreert, ongetwijfeld een gevolg van de recessie. Mensen hebben nu eenmaal minder te besteden. „Zij zijn dus eerder geneigd iets te kopen dat goedkoop is”, zegt Leonie Reinders van de Branchevereniging Kringloopbedrijven Nederland.

Ook met marktplaats.nl, de website waarop consumenten nieuwe en gebruikte goederen kunnen kopen en verkopen, gaat het goed. Maandelijks trekt de site 6,5 miljoen unieke bezoekers. Per dag worden circa 300.000 advertenties geplaatst; van kleding en verzamelobjecten tot telefoons en auto’s. Dat is tien procent meer dan vorig jaar. „Misschien willen mensen in de crisis graag een centje bijverdienen en zetten ze de spullen van zolder op internet”, oppert Jasper Teijsse, hoofd voorlichting van Marktplaats.

Het meest gezochte woord van 2011 op Marktplaats? ‘Gratis’. Daarna volgen ‘automaat’ (mensen tikten bijna 4,5 miljoen keer ‘automaat’ in en 3,2 miljoen keer ‘handgeschakeld’), ‘iPhone’, ‘BMW’, ‘cabrio’, ‘BlackBerry’, ‘Mercedes’, ‘Riviera Maison’ (een woonwinkel), ‘Ikea’ en ‘Vingino’ (een merk kinderkleding).

Teijsse: „Mensen willen meer voor minder. Veel voor weinig. Ze gaan prijsbewuster shoppen. Ze zijn nog steeds op zoek naar merkspullen of luxeproducten, maar willen wel een koopje scoren.”

Als het gaat om het aanbod, scoorden schoenen op marktplaats.nl het hoogst – met ruim twee miljoen advertenties. Daarnaast boden mensen het afgelopen jaar veel aan in de categorieën ‘studieboeken en cursussen’ (30 procent meer dan vorig jaar), ‘banken en bankstellen’ (plus 20 procent) en ‘grote maten’ (plus 10 procent).

De 65 bedrijven die bij de branchevereniging voor kringloopbedrijven zijn aangesloten, tellen samen circa tweehonderd winkels. In totaal hadden zij vorig jaar een omzet van zo’n 70 miljoen euro. Reinders beschikt niet over de exacte cijfers, maar schat dat de omzet een jaar eerder 65 miljoen euro bedroeg.

Toch ligt het niet alléén aan de crisis dat kringloopbedrijven tegenwoordig meer klanten trekken. Tweedehands is hip. Reinders: „Vroeger werd een kringloopwinkel geassocieerd met geitenwollen sokken. Nu heet het plotseling vintage. Dat trekt een veel breder publiek.”

Het gevolg is dat kringloopwinkels spullen die zij binnenkrijgen niet altijd direct in de winkel zetten, zoals voorheen, maar vaker zelf opknappen. Oude kastjes worden gezandstraald om ze extra oud te maken. Dat verhoogt de waarde.

Echt goedkoop zijn producten bij de kringloop dan ook niet meer, constateert Peter Overduin. Hij is coördinator van de zeven ruilwinkels in Rotterdam, een project van Stichting Vrijwilligerswerk Rotterdam. In de ruilwinkels, die het LETS-principe hanteren (Lokaal Economisch Transactie Systeem), gaat helemaal geen geld om. Mensen brengen spullen en krijgen daar punten voor die zij kunnen besteden om zelf spullen aan te schaffen. Of diensten, want het gaat niet alleen om fysieke artikelen.

Overduin: „Stel: je zoekt iemand die op een bepaalde dag jouw hond wil uitlaten. In ruil daarvoor kun jij weer iets doen waar je goed in bent. Een appeltaart bakken, of zo.”

Het LETS-systeem is een wereldwijde, alternatieve handelsbeweging die vanuit idealisme is opgericht. „Maar door de crisis wordt het voor sommige mensen bittere noodzaak om door ruilhandel aan spullen te komen. Een paar uur bij een ander de heg snoeien, levert punten op waarmee ze bijvoorbeeld kleding of kleine huishoudelijke apparaten kunnen uitzoeken.”

De grootste ruilwinkel in Rotterdam zit in de wijk Feijenoord en telt 1.200 deelnemers. „En we blijven groeien”, zegt Overduin, die tien jaar bij de ruilwinkel werkt. „Of het echt door de crisis komt, weet ik natuurlijk niet, maar het ligt wel voor de hand. De vooruitzichten zijn niet goed, de crisis zet nu echt door.”

Maar de crisis heeft ook een keerzijde voor de markt in tweedehands spullen: de artikelen die binnenkomen zijn van minder goede kwaliteit. De tijd dat mensen spullen wegbrachten die nog lang niet versleten waren, is voorbij. Tijdens een recessie laten mensen hun wasmachine, zolang ’ie het nog doet, gewoon nog even staan.

Dit is de derde aflevering in een serie over voordelen van de crisis. Morgen de laatste: minder files.