Kerstmuis

Afgelopen zomer waarschuwden Amerikaanse artsen voor de schimmels die je met de kerstboom in huis haalt en de luchtwegaandoeningen die ze kunnen veroorzaken. Leuker en niet ziekteverwekkend is het gedierte dat mee binnenkomt. Mijn Servische spar bleek lieveheersbeestjes van de zevenstippelige soort te huisvesten. Ze dachten dat het voorjaar was aangebroken en kropen vrolijk over het parket.

Dat een kerstboom ook binnenshuis beestjes kan aantrekken, bleek dezer dagen uit de observaties van Jelle Reumer. ’s Avonds scharrelde een muis in en rond de conifeer in zijn benedenwoning in Rotterdam-Kralingen. De kenner van het kleine zoogdier determineerde het direct als huismuis (Mus musculus): „Grijsbruin, vrijwel zonder contrast tussen boven- en onderzijde; een kleurige, weinig behaarde staart en relatief kleine oogballen.” De onaangename muffe muskuslucht die huismuizen doorgaans verspreiden, werd verbloemd door de frisse sparrengeur. Waarom het knaagdier geen belangstelling voor de keuken maar wel voor de kerstboom had, bleek uit een duidelijk geval van kerstbalvraat. Daags na het kerstdiner ontdekte Reumer een aangevreten chocolade kerstbal in de boom. De muis had zich door de aluminiumfolie heen gewerkt en te goed gedaan aan de cacaofantasie. Sporen van snijtandjes verraadden het muizenwerk.

Huismuizen houden behalve van zaden, granen en insecten ook van vettigheid, waaronder kaas en chocolade. Ook schijnbaar oneetbare zaken zoals zeep en kaarsen staan op het veelzijdige menu. De Kralingse kerstmuis heeft de kerstkaarsen nog niet ontdekt.

    • Kees Moeliker