'Als jij 5 miljoen krijgt, wil ik 10'

Vandaag in de serie over de zeven hoofdzonden: oud-bankmanager Kilian Wawoe.

„Ik wilde niet meewerken aan een systeem dat pervers en gevaarlijk is.”

„Ik was tien jaar lang onderdeel van het systeem waar ik me later tegen zou keren. Het moment waarop alles helder werd kwam een paar dagen na de val van Lehman Brothers, het faillissement dat in 2008 het begin van de kredietcrisis inluidde. Ik zat in een hotelkamer in Chennai, in het zuiden van India, en zag op mijn Blackberry de beurskoersen een vrije val maken. Een bank als Fortis ging toen met 20 procent in één dag naar beneden.

„Maar de echte schok kwam voor mij de maandag daarna, toen ik terug in Nederland was. Ik werkte destijds als senior personeelsmanager bij ABN Amro en had een debat verwacht op de werkvloer. Niemand zou meer rustig achter zijn bureau zitten, dacht ik. Maar er gebeurde niets. Ik kreeg een werknemer aan de lijn die vond dat zijn winterbanden vergoed moesten worden. Er was iets grondig mis met het systeem waar wij deel van uitmaakten en hij maakte zich zorgen over z’n winterbanden. De echte schok was niet dat het systeem grandioos faalde, maar dat niemand het in de gaten had.

„Voor mij begon alles te veranderen toen ik besloot om wetenschap te gaan beoefenen op mijn eigen vakgebied. Ik wilde promoveren en deed in de avonduren, soms tot diep in de nacht, onderzoek naar beloningen en prestaties van werknemers.

„Terwijl ik overdag bonussen uitdeelde – het waren de vette jaren in de bankensector – kwam ik er ’s avonds achter dat bonussen niet leiden tot betere prestaties. Integendeel, er gaat een perverse prikkel vanuit: als een bankemployé een bonus krijgt voor het verstrekken van twintig hypotheken, doet hij er alles aan om die target te halen, terwijl hij zich niet meer afvraagt of de hypotheken die hij verstrekt goed zijn voor de bank of de mensen die hij ze aansmeert. Bonussen creëren een bedrijfscultuur waarin het nemen van risico’s wordt aangemoedigd, en dat is precies het soort gedrag dat de economische crisis heeft veroorzaakt. En ik was echt niet de eerste wetenschapper die dat ontdekte. We wisten dus dat het bonussysteem niet deugde, en toch bleven we ermee doorgaan.

„Ik heb na de ondergang van Lehman Brothers nog een jaar geprobeerd van binnenuit het systeem ter discussie te stellen. Een verandering in gang te zetten. Maar niemand luisterde. Toen besloot mijn baan op te zeggen. Ik wilde niet meewerken aan een systeem waarvan ik wist dat het pervers en gevaarlijk was.

„Het was geen makkelijke keuze: ik was vader van twee jonge kinderen en mijn vrouw werkte op dat moment niet. Maar ik heb altijd gelooft dat je alleen keuzes moet maken waar je helemaal achterstaat. Inmiddels heb ik een boek geschreven over mijn ervaringen bij ABN Amro en de bonuscultuur, ik geef les aan de Vrij Universiteit en ik geef lezingen in binnen- en buitenland. Uiteindelijk heb ik dus toch een platform gevonden om mijn ideeën te spuien.

„Aldoor hoor ik mensen zeggen dat hebzucht de kredietcrisis heeft veroorzaakt. Maar voor bankiers gaat dat niet op. Aan de top van de bancaire sector gaat het om wie het hoogst op de apenrots staat. Zij worden niet gedreven door hebzucht, maar door macht en status: als jij vijf miljoen krijgt, dan wil ik tien miljoen. Krijg jij tien, dan wil ik twintig. Geld is een middel om je machtspositie te bepalen. Ik wil de grootste zijn, daar gaat het om.

„Begrijp me niet verkeerd. Voor de meeste bedrijven pakt de behoefte om te groeien en de grootste te zijn uitstekend uit. Anders was Philips nu nog steeds een lampenfabriek in Eindhoven en Albert Heijn een kruidenierszaakje in Zaandam. Maar banken zijn geen gewone bedrijven, omdat de risico’s die een bank neemt voor rekening komen van de samenleving. Bij ABN Amro namen we enorme risico’s. Zo namen we de Italiaanse bank Antonveneta voor miljarden euro’s over, terwijl de uitkomst ongewis was. En nu de boel in elkaar is gezakt, weten we dat de redding van ABN Amro de belastingbetaler zo’n 20 miljard euro gaat kosten.

„Bankiers hebben onverantwoord hoge risico’s genomen op kosten van de samenleving. Maar gewone burgers hebben ook een rol gespeeld in de crisis. Zij hebben ook gezondigd, zo je wil. We eisten hoge rentes, we waren trots toen ‘onze banken’ zulke belangrijke overnames deden. Met andere woorden: wij worden allemaal gedreven door hebzucht. En dat geeft, in combinatie met topmannen die gedreven worden door een behoefte aan macht, een explosieve situatie. Die topman wil groeien en het publiek juicht hem toe. Wie die dynamiek begrijpt, begrijpt ook waarom het tijd wordt onze hebzucht in toom te houden.

„Mijn grote teleurstelling is dat er in de bancaire sector nog steeds niks is veranderd. Toen Gerrit Zalm een paar weken geleden zei dat ABN Amro weer op overnamepad gaat, zakte de moed me in de schoenen. De Nederlandse hoogleraar Hans Schenk heeft op basis van een analyse berekend dat driekwart van de overnames mislukt. Zalm heeft dus een strategie die op basis van gedegen onderzoek een slagingskans heeft van 25 procent. En voor dat avontuur gebruikt hij geld van de belastingbetaler.

„Ook de bonuscultuur is nog steeds springlevend. Oké, zolang de Nederlandse staat eigenaar is van de grote Nederlandse banken, krijgen de raden van bestuur geen bonussen meer. Maar de overige 99,9 procent van de werknemers ontvangt nog gewoon een dikke cheque als hij zijn targets haalt.

„Waarom heeft Wouter Bos toen hij ABN Amro overnam niet de Rai afgehuurd en een donderpreek gehouden voor de werknemers? Dit nooit meer, had hij moeten zeggen. Maar er gebeurde niets. De werkelijkheid is dat ABN Amro, Fortis en ING op dit moment zonder overheidssteun failliet waren geweest. Dat is een feit dat maar niet tot de financiële sector doordringt. Het is daar nog steeds business as usual.

„Misschien hoeven we ons daar ook niet om te verbazen. Stel je voor, je bent bankier. Je woont in Blaricum en je rijdt elke dag naar de Zuidas. Daar praat je de hele dag met mensen die ook in het Gooi wonen, die in dezelfde auto’s rijden als jij en die net als jij op vakantie gaan naar Curaçao of Bali en daar in dure hotels zitten waar ze alleen maar elkaar tegenkomen. De crisis bestaat simpelweg niet voor jou, want je komt niet in aanraking met mensen die eronder te lijden hebben. De files zijn korter geworden, dat is het enige wat je merkt. Bankiers weten dat er een crisis aan de gang is, maar het gevoel, de intrinsieke overtuiging dat er iets mis is ontbreekt.

„Ondertussen worden de gevolgen van de crisis nu pas tastbaar in een brede laag van de bevolking. We gaan een periode tegemoet waarin we iedere maand weer slecht nieuws horen. Vandaag moeten vijfhonderd leraren worden ontslagen, morgen is er weer minder geld in de zorgsector. Pas als mensen het in hun dagelijks leven gaan merken, realiseren ze zich dat de crisis geen grap is.

„Ik ben opgegroeid in een katholiek nest en ik ga nog steeds regelmatig naar de kerk. Ik ben bekend met concepten als zonde en vergeving. Of ik zelf heb gezondigd? Daar kan ik alleen met een volmondig ‘ja’ op antwoorden. Ik heb meegewerkt aan producten die anderen schade hebben kunnen berokkenen. Nee, hébben berokkend. Dat is zondig, daar ben ik me van bewust.

„Maar je kunt iets fout doen zonder voorbedachten rade. Dat geldt voor verreweg de meeste mensen in de financiële sector: ze hebben niet bewust de boel vernacheld, maar door beter na te denken had eenieder van ons kunnen weten dat het niet deugde waar we mee bezig waren.

„Er is me weleens gevraagd of ik het boek dat ik heb geschreven over de bonuscultuur een soort biecht was. Dat denk ik niet. Ik ben geen klokkenluider of spijtoptant. Ik heb op rationele gronden een ander pad gekozen. Of ik mezelf dan heb vergeven voor mijn zonden? Nee. Vergeving krijg je, dat kun je jezelf niet geven.”