Wrede verstoring goed voor winterslaap

In de Deurnese Peel werden massaal berken gekapt. Was dit nodig? Maar reptielenkenners zuchten: de gladde slang houdt van kale vlaktes.

Gladde Slang in dreighouding; Smooth Snake in striking position Patrick Palmen/Buitenbeeld/HH Patrick Palmen/Buitenbeeld/HH/>

„Water is het bloed van De Peel”, zegt boswachter Piet Zegers. Hij struint tussen de varens en bukt zich om een een plukje veenmos op te vissen. „Het fundament van het hoogveen.” Een plantje dat water opzuigt als een spons en de laag vormt waarop hoogveen zich ontwikkelt. „Ooit staat hier twee meter hoogveen.”

Dit is de Deurnese Peel op de grens van Brabant en Limburg. Het gebied waar een jaar geleden enkele parlementariërs bij een boer op bezoek waren, om volstrekt toevallig getuige te zijn van grootschalige bomenkap. Bulldozers reden door het gebied om het ‘structuurrijker’ en opener te maken. Dat moest vooral de gladde slang, die hier voorkomt, ten goede komen. Maar waarom? Op YouTube stond tot overmaat van ramp een filmpje waarin een trekker in een veenput was weggezakt.

De Kamerleden vroegen om opheldering. Was dit nodig? Er leefden toch al gladde slangen? Waarom hun leventje wreed verstoren? Uitgerekend staatssecretaris Bleker (Natuur, CDA), die door zijn bezuinigingen veel vijanden onder natuurbeschermers heeft gemaakt, moest het voor Staatsbosbeheer opnemen. De kap van bomen was een „belangrijke maatregel”, om het gebied te „vernatten” en daardoor hoogveen terug te krijgen. „Bovendien profiteren soorten als de gladde slang hiervan.” Of de bulldozers niet vervangen konden worden door paarden? Bleker: „De uitvoering van natuurbeheer met hand en paard geeft minder onrust. Maar het tijdperk van de industrialisatie en mechanisatie heeft zich – vanzelfsprekend – ook tot het natuurbeheer uitgebreid.”

Reptielenkenners zuchten om alle onbegrip en verontwaardiging over de bomenkap. Rob van Westrienen is blij dat de staatssecretaris de maatregel heeft verdedigd. Hij is directeur van RAVON, een stichting die zich sterk maakt voor reptielen, amfibieën en vissen, en ook voorzitter van Soortenbescherming Nederland, een samenwerkingsverband van natuurorganisaties. Minder blij is hij met Blekers „afbraakbeleid” in het algemeen. Van Westrienen: „In het begin dacht ik dat het met die bezuinigingen nog wel mee zou vallen. Later besefte ik: het is menens. Dit kabinet draait de resultaten van tientallen jaren natuurbeleid de nek om.”

Op tien tot twaalf plaatsen in de Deurnese Peel zijn massaal berken gekapt. Jeroen van Delft, medewerker van RAVON, neemt de inmiddels kale vlaktes in ogenschouw. „Dit is het landschap waar gladde slangen van houden”, zegt hij. Enkele maanden geleden, kort na het einde van de bomenkap, werden hier op één dag vijftien gladde slangen geteld. „Dat is heel veel. Die werkzaamheden hebben dus wel degelijk een positief effect.” Tevreden lopen Van Delft en Van Westrienen over een oud pad waarlangs turfstekers het veen vervoerden. Onder het pad, onzichtbaar opgerold in de zwarte aarde, liggen gladde slangen, in winterslaap. Eind goed al goed.

    • Arjen Schreuder