Hut en Fabriek

H et gebraden hert uit de Ardennen en de niet geheel bijpassende rode Caburnio 2008 hadden hun werk gedaan. Ik werd gisteren wakker met een tevreden maar zwaar gevoel.

Te veel gegeten en gedronken met Kerst, ik leer het nooit af.

Sporten was de remedie om mezelf een oplawaai te verkopen. Ik pakte de racefiets en reed mijn traditionele rondje. Er werd weinig gesport; op het smalle pad trof ik één jogger, een clubje cyclocrossers en veel gearmde stellen met aangelijnde honden.

Na het douchen propte ik de restanten van het Kerstontbijt in mijn mond en ging op de bank liggen. Met Kerst hebben Engelse sportliefhebbers hun Boxing Day. Op de laptop keek ik naar Chelsea tegen Fulham. Na een aardige eerste helft zakte het duel in de tweede helft in. Ik deed een middagslaapje, precies waar Tweede Kerstdag voor bedoeld is. Een half uur later zag ik dat de klok op het scherm op minuut 91 stond. 1-1, zelfde stand als waarmee ik in slaap was gesukkeld.

De Belgen hadden vast en zeker een live verslag van een wedstrijd veldrijden. Ja hoor, de jongens ploegden door de modder van Zolder. Laatste ronde alweer. Nys lazerde omver in de laatste bocht, Pauwels knokte zich in de sprint naast Stybar en won.

Wat had mijn eigen land aan kijksport te bieden op Tweede Kerstdag? Ik drukte op de afstandsbediening. NK marathonschaatsen. Tja. Ik bleef kijken. Wat moest ik anders? Alle krantenbijlagen doorgespit, alle lievelingsmuziek al opgezet.

De marathonschaatsers moesten 150 rondjes draaien in een halflege ijshal. Na iedere bocht strekten de mannen hun rug en keken om zich heen.

„Er komt zo een ontploffing”, zei Henk Angenent, oud-schaatser en coach van team Wadro.

De ontploffing van de marathon, dat was me alles waard, meer dan de ontdekking van de hemel zelfs. Dat lamme zootje schaatsers in een klap de lucht in.

Sterverslaggever Joep Schreuder – bekend van het toneelstuk Wachten op Cruijff – was van stal gehaald. Hij hield de microfoon onder de neus van Jillert Anema, coach van BAM. „De kenners kunnen genieten, het is – dacht ik – een prachtige wedstrijd.”

In het „dacht ik” school de twijfel. Terecht. Er was geen ruk aan. Werd er verdomme nog een keer doorgereden of hoe zat het?

De schaatsers Hut en Fabriek zaten in de kopgroep. Kwam het toch nog goed met Nederland. Hut en Fabriek. Ik zocht tevergeefs naar een spandoek met Hup Fabriek.

„We missen SOS Kinderdorpen voorin.” Ik kneep me in de arm. Had ik dat echt gehoord op tv? Nog even en de verslaggever ging krijsen dat Stichting Het Hofnarretje in de aanval ging.

Commentator Herbert Dijkstra deed live zijn beklag. Het was een saaie wedstrijd in een dodelijke ambiance. We moesten naar buiten met de marathon. Dat vond ik nou ook. Mannen met ijsbaarden en afgevroren ledematen, half klunend, half schaatsend over het natuurijs.

Winnaar Arjan Stroetinga kon er niet mee zitten. Hoe het was geweest? „Echt uniek.”

Ik haastte me naar het fornuis en begon met het bereiden van een volgende kerstmaaltijd. Pasta met polpette. Met een bijpassende Chianti Classico 2007. Een tikje zware wijn wellicht, maar ik had er na twee uur marathonschaatsen reusachtig veel trek in.