'Geringe invloed CDA-dissidenten'

De dissidenten in de CDA-fractie, Ad Koppejan en Kathleen Ferrier, slagen er nauwelijks in om in de coalitie tegenstanders van de politieke samenwerking met de PVV een stem te geven. Zowel voor- als tegenstanders van de twee Kamerleden zeggen dat hun invloed binnen de fractie gering is. Volgens een medestander bevinden zij zich in een onmogelijke positie: „De fractie ziet hen als potentiële verraders, de buitenwereld als potentiële lafaards.”

Van het voornemen van Koppejan en Ferrier het CDA binnen de coalitie een „kleurrijk, duurzaam en sociaal” profiel te geven, komt volgens geestverwanten ook binnen de partij nog weinig terecht. Een zichtbare uitzondering was hun opstand tegen de voorgenomen uitzetting van de 18-jarige Angolees Mauro Manuel. Dat initiatief leidde echter tot een compromis dat het CDA veel imagoschade opleverde. Manuel kreeg geen recht op regulier verblijf in Nederland, maar moest een tijdelijk studievisum aanvragen.

Slechts een paar keer wisten de twee de CDA-fractie bij te sturen, vooral bij het onderwerp immigratie. In een ander geval wisten zij samen met fractiegenoten Biskop en Omtzigt de fractie te bewegen een lichte versoepeling van de nieuwe Bijstandswet te regelen.

Het probleem voor de dissidenten is dat hun activiteiten voor de buitenwereld niet zichtbaar zijn en gaan om details. Daardoor verandert weinig aan het beeld dat tegenstanders binnen het CDA van het kabinetsbeleid hebben. Bovendien zijn hun stemmen voor de coalitie vaak niet essentieel, omdat de twee Kamerleden van de SGP dit kabinet informeel gedogen. De kritiek van Koppejan en Ferrier binnen de fractie leidt regelmatig tot ergernis.

In het nieuws: pagina 4-5

    • Derk Stokmans