Tweede kans voor bazen met een smet op het blazoen

Een smetje op je cv – het komt in de beste kringen voor. Faillissement, wanbeleid of, nog erger, een strafblad. Hebben zondige zakenlieden uitzicht op een tweede carrière? Antwoord: de overheid is erg coulant.

Hij woont al weer een jaar thuis, hoeft zich niet meer wekelijks te melden bij justitie en is sinds een paar maanden ook zijn enkelband kwijt. Paul van der Krabben geniet weer van zijn vrijheid.

De nu 65-jarige fiscalist werd in 2009 wegens belastingfraude veroordeeld tot 32 maanden gevangenisstraf. Daarvan zat Van der Krabben een klein deel echt opgesloten in het huis van bewaring Ooyerhoek in Zutphen. Na vier maanden volgde een milder regime waarbij hij periodiek naar huis mocht. De laatste periode van zijn straf mocht hij permanent naar huis, via een enkelband en een meldplicht nog onder curatele van justitie.

Nu probeert Van der Krabben zijn oude métier van investeringsadviseur weer op te pakken. „Ik ben weer druk aan het werk”, zegt hij manmoedig. Hij hield zich tijdens zijn detentie op de been door het besef al wat ouder te zijn en dus geen kinderen meer groot te hoeven brengen. „En ik heb het geluk dat ik mijn vrienden en mijn expertise niet ben verloren. Daardoor wist ik dat ik gemakkelijker dan anderen weer aan de slag zou kunnen.” Hij werkt nu vanuit het huis van een vriend, zijn werkzaamheden zijn grotendeels dezelfde als voorheen. Er speelt nog één civiele procedure, waarbij de fiscus ruim 20 miljoen euro terugvordert. „Dat levert wel wat beperkingen op.”

Toch zal Van der Krabben op zakelijk vlak minder bewegingsvrijheid hebben. Wie in Nederland een strafblad heeft, zal grote moeite ondervinden om aan de slag te gaan als bestuurder of commissaris. Zeker in de financiële wereld, waarop het toezicht de laatste jaren aanmerkelijk is aangescherpt. „Ik zal niet meer worden gevraagd als commissaris bij ABN Amro ”, erkent Van der Krabben. In zijn strafzaak werd ook een oud-directeur van deze bank veroordeeld.

In de financiële wereld is het carrièreperspectief beperkt voor mensen met een besmet cv. Daar wordt niet alleen ‘aanraking met justitie’ als een vlekje gezien, ook een verleden met disciplinair ontslag, omstreden faillissementen of het balorig versturen van vieze e-mailtjes weegt zwaar. „Als je door de bodem van integriteit zakt, kun je het schudden”, zegt een headhunter in de financiële sector.

Sommige baanbemiddelaars denken daar anders over of letten minder goed op. Zo vertelde oud-financieel directeur van defensieconcern RDM Leo van de Voort vorig jaar in deze krant nog vaak te zijn benaderd door allerlei headhunters. „Heb je me al eens gegoogeld?”, vroeg hij dan. Van de Voort is verdachte in de fraudezaak rond het faillissement van RDM.

Wie solliciteert naar een baan als bestuurder, commissaris of ‘mede-beleidsbepaler’ bij een financiële instelling wordt onderzocht door de toezichthouders DNB en AFM. Stap 1 daarbij is het invullen van het formulier ‘Betrouwbaarheidsonderzoek’. Uitgebreid dient de kandidaat vragen te beantwoorden over eventuele betrokkenheid bij strafbare feiten, fiscale vergrijpen en tuchtrechtelijke maatregelen. Als een ondernemer een vennootschap wil oprichten of een werkgever een sollicitant wil toetsen op betrouwbaarheid moet hij een ‘Verklaring van geen bezwaar’ of een ‘Verklaring omtrent gedrag’ opvragen. Daarbij hoeft de kandidaat zijn zonden niet zelf op te biechten. Maar ze verzwijgen lukt niet. „Die komen vanzelf bovendrijven”, aldus een woordvoerder.

Maar wat moet je, als je bent veroordeeld en na de boetedoening weer aan de slag wil? Krijgen ex-convicts in het bedrijfsleven een tweede kans?

Willem Burgers, in de jaren negentig gevierd vermogensbeheerder bij zakenbank Kempen & Co, werd in 2004 veroordeeld tot een taakstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf wegens betrokkenheid bij een voorkenniszaak. Het gerechtshof bracht dat later terug tot een boete van 22.500 euro. Burgers had toen net weer een nieuwe baan. Het Amsterdamse effectenhuis Keijser Capital nam hem begin 2007 in genade aan, als beheerder van het Add Value Fund. „Wij geloven in zijn integriteit”, zei Keijser-directeur Bert Krabbendam bij die gelegenheid. Om de strenge procedures van de AFM te omzeilen werd hij geen statutair directeur van het fonds, maar ‘adviseur van de directie’. Burgers: „Ik geloof dat ik over 3 jaar weer in aanmerking kom voor een bestuursfunctie, maar deze rol bevalt mij best.”

Ook Han Vermeulen vond opnieuw emplooi in de financiële wereld, eveneens als vermogensbeheerder en adviseur. Hij was als directeur van effectenhuis Leemhuis & Van Loon een van de hoofdverdachten in de grote beursfraudezaak eind jaren negentig. Zijn strafzaak sneuvelde door fouten van justitie. Er resteerde een bescheiden fiscale boete.

Voor de voormalige Ahold-top lag het carrièreperspectief anders. Volgens een Amsterdamse headhunter was al vrij snel na het uitbreken van het boekhoudschandaal begin 2003 duidelijk dat de hoofdverdachten Cees van der Hoeven en Michiel Meurs „nooit meer in hun oude scene aan de slag zouden kunnen”. Hij bedoelt: geen bestuursfuncties of commissariaten bij grote beursgenoteerde concerns – ongeacht de uitkomst van de langdurige strafzaak die volgde. Daarvoor was de zaak te publiekelijk uitgemeten.

Financieel directeur Meurs kreeg begin 2009 de hoogste straf opgelegd, als spil bij het opstellen van geheime sideletters voor partners in joint ventures van Ahold. Het hof veroordeelde Meurs tot een voorwaardelijke celstraf van een half jaar, een werkstraf van 240 uur en een boete van een ton. Van der Hoeven kwam weg met een boete van 30.000 euro.

Niettemin kwamen beide heren snel weer aan het werk, alleen niet op het oude niveau. Van der Hoeven werd eind 2003, een half jaar na zijn ontslag bij Ahold, vaste adviseur van investeerder Marcel Boekhoorn. Als participant in diens investeringen werd hij binnen korte tijd multimiljonair. Michiel Meurs kreeg in 2007 een baan als financiële man van biotechnologiebedrijf Pantarhei uit Zeist, niet als statutair bestuurder overigens, maar officieel als ‘gevolmachtigd procuratiehouder’. „Ik ben blij dat ik deze kans gekregen heb”, zei Meurs twee jaar later in een interview in het blad Management Scope. „Het is uiterst leerzaam om eens een hoek van 90 graden te maken in je loopbaan”, sprak hij monter.

Los van aanvaringen met justitie, zijn er genoeg andere career limiting moves te maken in het bedrijfsleven. Een bloederig faillissement op je naam schrijven bijvoorbeeld – denk aan het DSB-drama. Of nog erger: een vaststelling van wanbeleid door de Ondernemingskamer van het Amsterdamse gerechtshof, zoals vorige week nog gebeurde bij Landis. Ook dat voelt als een veroordeling.

Recente kwesties leren dat hoge functionarissen die betrokken waren bij dit soort bedrijfsaffaires niettemin goede kans maken op een ambitieuze doorstart, vooral bij overheidsinstellingen. Zo zijn de meeste hoofdrolspelers uit de DSB-affaire behoorlijk terecht gekomen. Oud-financieel directeur Gerrit Zalm overleefde het onderzoek van de commissie-Scheltema naar de handel en wandel van bestuurders. Hij kon aanblijven als topman van ABN Amro. De AFM werd in haar bezwaren hierover overruled door DNB.

Voormalig DSB-directeur Ronald Buwalda heeft de toets kennelijk ook doorstaan, want hij belandde dit voorjaar in de directie van een andere staatsbank: ASR Bank. Het bedrijf gaf nauwelijks ruchtbaarheid aan deze benoeming en Buwalda voert zijn huidige baan niet op zijn profiel op netwerksite linkedin.nl.

De enige ex-DSB’er die werkelijk in zijn loopbaan is geblokkeerd, heet Ed Nijpels. De VVD-coryfee, voormalig commissaris bij DSB, was al nieuwe topman bij pensioenfonds ABP maar trad na korte tijd weer terug. Dat gebeurde nog voor DNB en AFM hun eigen conclusies over het rapport-Scheltema formuleerden. Enige troost voor Nijpels voor het laten varen van deze prominente positie: hij heeft nog zeker twintig nevenfuncties, waaronder het voorzitterschap van omroepvereniging Tros.

Andere kwestie: in mei 2010 gaf de ondernemingskamer het stempel ‘wanbeleid’ op de bedrijfsvoering bij uitgeefconcern PcM, in de jaren 2004-2007. Dat was de periode waarin het Britse private-equityhuis Apax grootaandeelhouder was van het voormalig moederbedrijf van onder meer deze krant.

Onder de Britten ging het concern bijna ten onder aan de hoge schulden waarmee het was opgezadeld. In 2008 werd het met een flinke boekwinst doorverkocht. Betrokken bestuurders en managers die aan het Apax-regime hadden meegewerkt, kregen flinke bonussen. De raad van commissarissen had er roerloos bij staan kijken. De rechterlijke motie van afkeuring heeft de hoofdrolspelers van destijds nauwelijks in de weg gestaan.

Zo is voormalig president-commissaris Erik van de Merwe nog altijd een veelgevraagd, want volgens betrokkenen deskundig, commissaris in de financiële sector. Hij is dat onder meer bij Rabobank, Staal Bankiers en Achmea. Ook oud-PcM-commissaris Annemieke Roobeek, heeft een aantal aansprekende commissariaten, waaronder een bij de bank van Gerrit Zalm.

De politiek vindt een negatief oordeel van de ondernemingskamer over de voormalige PcM-top kennelijk geen sta in weg. Je kunt er zelfs bewindsman mee worden. Ben Knapen, oud-hoofdredacteur van deze krant, was tot 2006 directielid van PcM en nu staatssecretaris van Buitenlandse Zaken.

Volgende week woensdag, donderdag en vrijdag in het economiekatern: interviews met gevallen ondernemers Han Vermeulen, Dion Bartels en Erik de Vlieger.