Met weinig gelukkig

Als knulletje van zes had ik het geluk een opa te hebben die me op zekere dag vroeg: „Wil je een bootje?” Opa, 80-jarige meubelmaker, logeerde een paar weken bij zijn dochter en schoonzoon – mijn ouders – om wat onderhoud te verrichten aan enkele ooit door hem vervaardigde meubels. Ondertussen leerde hij mij nauwkeurig hoe je hout met warme beenderlijm moest lijmen.

„Ja graag!” riep ik gretig. Het was in de jaren dertig, toen het volmaakte plastic speelgoed nog niet uitgevonden was en een kind nog met lege sigarendozen, doorgebrande zekeringen en oude garenklosjes zijn eigen creativiteit mocht ontdekken. Opa pakte een plankje, zaagde er een punt aan, boorde er een gaatje in en binnen de kortste tijd had ik zowaar een eigen bootje met een mast. Vanaf dat moment stond voorgoed voor me vast: wat je wilt, kun je zelf maken. Die stelregel heeft me nooit meer verlaten. Geld was er in de jaren voor, in en meteen na de oorlog maar weinig, althans voor de normale burger. Wie zijn handen kon gebruiken maakte alles zelf: broodplankjes, kastjes van sinaasappelkistjes, keukeninterieurs, echtelijke sponde, alles. Ik ook dus, dankzij opa. Het maakte me zonder dat ik het besefte gelukkig, gaf me zelfvertrouwen en onafhankelijkheid en kweekte een in het leven zeer bruikbaar oplossingsvermogen. Niemand wordt handig geboren, maar al doende wordt men vanzelf handig.

Nu leef ik, als 80-jarige, na een druk leven aan het hoofd van een gezin met drie inmiddels uitgevlogen kinderen met mijn vrouw in een eenvoudig huis. We hebben een oude, eenvoudige auto, lezen, maken muziek op fluit en piano, leven van uitsluitend AOW en kunnen daar goed van rondkomen. In mijn schuurtje met tientallen jaren oude gereedschappen creëer ik van alles en nog wat en repareer ik wat stuk is. Nieuwe meubels kopen we nooit, want aan alles wat we hebben zijn we sterk gehecht. Naar de andere kant van de wereld met vakantie hoeven we niet. Dat vervuilt de wereld slechts. Dat een ander meer heeft dan wij laat ons koud. En wie minder heeft, helpen we.

Pas met hoofd én handen ben je als creatief mens compleet. Dat samenspel opent de weg, ook met weinig geld, naar tevredenheid en geluk. En dan heb je niet veel geld nodig.

Maar gaat zo’n tevreden houding niet ten koste van de heilige economie? Economie is vooruitgang, wordt ons voorgehouden. Maar de aarde, die er niet mooier op wordt, kreunt ondertussen onder de overproductie van onnuttige dingen. Tja...

Wim van Bussel

Wjelsrijp (Fr)

    • Wim van Bussel