Hoe slim was Kim?

Bij alle curieuze verhalen die de afgelopen week zijn opgehaald over Kim Jong-il viel het een beetje in het niet, maar de Noord-Koreaanse leider wekte niet alleen angst en spot op. Het beeld van een gevaarlijke, maar wat dommige malloot die zijn volk opsloot en liet verhongeren terwijl hij zelf feest vierde en een atoombom bouwde, is niet compleet.

Hij was ook „slim, betrokken, goed geïnformeerd en zelfverzekerd”, volgens een hoge functionaris van de regering-Obama die hem ontmoet en gesproken heeft. Deze Wendy Sherman, die in 2000 de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Albright als adviseur naar Pyongyang vergezelde, is nu onderminister. Ze prees Kim ooit als „een conceptuele denker”. En volgens oud-president Kim Dae-jung van Zuid-Korea was de Noord-Koreaanse despoot zelfs „scherp en geestig”.

Nu kunnen politici en diplomaten altijd verborgen motieven hebben om lovende woorden te spreken over een tegenspeler met wie ze zaken moeten doen. Maar wie kijkt hoe Kim de Amerikanen en de Chinezen dwong met hem te onderhandelen, hoe hij ze keer op keer aan het lijntje hield, zijn kernwapenprogramma niet opgaf en ondertussen toch hulp wist los te peuteren, die moet wel concluderen dat hij „een zwakke hand heel sterk speelde”, zoals The New York Times schreef in zijn necrologie.

Tegelijk was Kim ook zijn eigen karikatuur: een perfecte dr. Evil, met zijn plateauzolen, vierkante bril en ruimtevaardersoveralls, met zijn militarisme, concentratiekampen en van staatswege georganiseerde ontvoeringen, met zijn absurde persoonsverheerlijking en zijn voorliefde – in het straatarme, grauwe Noord-Korea – voor luxe, uitbundige shows en films uit Hollywood.

Hij bezat alle films die ooit met een Oscar bekroond zijn en hij had ze ook allemaal gezien, verzekerde hij Sherman. En hij zou een speciale voorliefde hebben gehad voor James Bond-films – een intrigerend detail, omdat de overeenkomst tussen zijn eigen personage en de slechteriken in die films hem toch moeilijk ontgaan kan zijn.

Nu er een nieuwe Kim aantreedt, van wie we opnieuw weinig weten, dreigt ook deze figuur weer voor een halve gare versleten te worden. Zijn kapsel maakt dat alvast verleidelijk, het is geen coupe die in de rest van de wereld makkelijk voor presidentieel kan doorgaan.

Maar het is een gemakszuchtige gewoonte om politieke leiders van vijandig gezinde landen tot ‘gek’ te bestempelen. Hitler en Stalin zijn beroemde voorbeelden, en alleen al vanwege hun vergaande vorm van paranoia was daar wel aanleiding voor. Meer recent, en met minder reden, zijn Saddam Hussein, Gaddafi en Ahmadinejad door westerse media en politici voor gestoorde geesten uitgemaakt.

Wanneer een leider het etiket ‘gek’ opgeplakt krijgt, is de implicatie dat hij niet voor rede vatbaar is. Dat hij niet ontvankelijk is voor rationele argumenten, en niet in redelijkheid zijn eigen beleid bepaalt.

De Amerikaanse president Nixon, die zelf bij vlagen meer dan een beetje merkwaardig was, speelde daarmee in zijn buitenlandse politiek. „Ik noem het de ‘Madman Theory’, Bob”, legde hij z’n stafchef Haldeman eens uit, blijkt uit diens memoires. „Ik wil dat de Noord-Vietnamezen geloven dat ik tot alles in staat ben om de oorlog maar te beëindigen. We moeten ze laten weten: In Godsnaam, jullie weten dat Nixon door het communisme geobsedeerd is. Als hij kwaad is, kunnen we hem niet in toom houden. En hij heeft zijn hand aan de atoomknop!”

Het schrikbeeld van een mentaal labiele Nixon heeft de Russen noch de Noord-Vietnamezen tot grote inschikkelijkheid bewogen. Maar afgelopen week kwam toch even de gedachte op of de Amerikaanse president Kim Jong-il niet op een idee heeft gebracht – misschien wel via de filmdrama’sAll the President’s Men of Oliver Stone’s Nixon.

Maar of het nu op basis van de Madman Theory is of niet, aan het soms grillige optreden van de Gaddafi’s en Kims van de wereld ligt meestal een zeer rationale belangenafweging ten grondslag. Zo kan hun theatrale verschijning hen groter maken – op het internationale politieke toneel of in de binnenlandse arena – dan hun feitelijke machtspositie eigenlijk rechtvaardigt. Het verzekert hen van een plaats op de politieke agenda, daarbij nog geholpen door hun ergste tegenstanders. Die spelen hen in de kaart door moord en brand te schreeuwen over ‘de nieuwe Hitler’ die nergens voor terugdeinst en alleen de taal van het geweld verstaat.

Het negeren van de rationele drijfveren van figuren als Kim kan leiden tot riskante misrekeningen. Wie gelooft dat de gekte van Ahmadinejad of Kim zo groot is dat ze een kernwapen zullen gebruiken, ook als dat gegarandeerd leidt tot de vernietiging van hun land en henzelf, begeeft zich met zwakke argumenten op een heel gevaarlijk pad.

Juurd Eijsvoogel

    • Juurd Eijsvoogel