De kunst van het niet-uitgeven

Mijn moeder gebruikte de uitdrukking struggling for highlife. Er werd om gelachen, maar waarom begreep ik als kind niet. Ik vatte ‘struggling’ op als ‘streven naar’, en streven naar het hogere, wat was daar vreemd aan? Maar ze bedoelde het als ‘sappelen’. Sappelen voor het goede leven. Een paradox. Althans, in haar wereldbeeld. Dat was voor haar generatie ‘het goede leven’: nooit meer sappelen.

All I want is a room somewhere, zingt Eliza Doolittle in My Fair Lady.

far away from the cold night air

and an enormous chair

Rijkdom als een kamer, wat warmte en een stoel.

Dat wereldbeeld is achterhaald. Sappelen voor het goede leven is geen paradox meer. We doen het allemaal. Kijk naar de Lidl, de Duitse budgetsupermarkt met spotgoedkope basics. Én, sinds kort: kreeft, eendenborst en champagne, eveneens spotgoedkoop. Reebout, ‘kaviaar’, coquilles, zolang de voorraad strekt. O ja, nog even langs de non-food, voor een T-shirt van Pierre Cardin. Drie voor een tientje. Vraag niet hoe het kan, maar profiteer ervan. Een zojuist betrokken studentenkamer ziet er tegenwoordig net zo uit als het flatje van een leuk verdienende starter. Flatscreen, computers, koffiemachine, magnetron, het staat er allemaal. Pas bij nadere inspectie blijkt dat het allemaal van derdewereldkwaliteit is. Gescoord bij de Action, voor next-to-nothing. Leve de globalisering.

Een wenkbrauw optrekken als die kreeft van de Lidl ter sprake komt is not done.

„Nou, die eendenborst van de Aldi, daar is niks mis mee hoor….”

Ook de sceptische fijnproever wordt geacht de democratisering van deze delicatessen toe te juichen, terwijl hij diep in zijn hart best weet dat een kreeft voor twee of drie euro nooit veel kan zijn. Cheap lobster is als de free lunch: there is no such thing.

In honderdduizenden flats en eengezinswoningen, in Vinexwijken, verspreid over het land, wordt dezer dagen geklonken met champagneglazen, gevuld met ersatz. Dan komt de Lidlkreeft, gevolgd door het Aldi-everzwijn. Kwaliteitsniveau: zes plus. Daarbij dragen wij een kerstjurkje van H&M; 23 euro, één keer aan & weg ermee.

Feest is: als we op een koopje de happy few imiteren.

Struggling for high life.

Kwaliteit is ondergeschikt, ‘exclusiviteit’ is alles. En variëteit. Op en boven de toonbank van de slager woekert een wonderbaarlijke vermenigvuldiging van exotische harde worsten. De een verrijkt met pistachenoten, de ander met truffel en een derde met granaatappelzaden. Het is de marketing van de verffabrikant die zijn witte verf omdoopt tot ‘levend wit’ en de prijs verhoogt.

„Juist. U bedoelt levend wit?”

Zeg daar maar eens nee op.

De wereld is omgekeerd, de zwaartekracht is van richting veranderd, de echte struggle is tegenwoordig voor the low life.

„Een stukje paté graag.”

„Juist. Met olijven, met zongedroogde tomaten of met walnoten?”

„Kan het ook met niks?”

„Eh…?”

„Paté met stukjes paté erin, dus, zeg maar?”

Crackers zónder tuinkruiden, het beste kun je er maar meteen voor naar de delicatessen gaan. Of de reform. Ik wil terug naar de basics, basics van kwaliteit. In Amsterdam Oost, in de oude Stork-kantine, zit Rosa & Rita, een restaurant waar drie hoofdgerechten van maximaal 10 euro worden geserveerd: twee soorten steak en voor de vega’s een pizza. Huisgemaakte frites erbij, sla, klaar. Heerlijk.

Geld maakt niet gelukkig, zeggen ze.

Nee, denk ik dan altijd, maar geld uitgeven wel.

Anderzijds: als het je om het zeilen te doen is, kun je beter nu en dan een jacht huren dan er een kopen. De hoeveelheid sores die het eigendom van zo’n object met zich mee kan brengen, is nagenoeg onbegrensd. Daar moet je op gebouwd zijn. Voor je ’t weet wordt het genot overstemd door het gedoe. Tenzij je écht rijk bent, en er eigenlijk geen problemen bestaan. Op Mallorca zag ik ooit het schip van Roman Abramovich liggen, een van de grootste motorjachten ter wereld. Als daar iets mis mee gaat, merkt hij het waarschijnlijk niet eens. Dan gaan de noodaggregaten aan en stijgt ergens een helikopter met monteurs op.

Can you believe it? We had twenty minutes delay for crossing the mediterranean!

Is dat niet vaak de ware beloning van het avontuur? Het verhaal? Avonturen die geen cent gekost hebben zijn vaak heel wat spannender dan een relaas dat druipt van de uitgaven.

Geld uitgeven dat je eigenlijk niet hebt, kijk eens wat ervan komt. We moeten in therapie. Leren dat geld niet uitgeven ook leuk kan zijn.

Mijn vrouw jaagt via Marktplaats op een bepaald type Italiaanse stoel. Goedkoper dan een showroom inlopen en een bestelling plaatsen, maar het geeft ook veel meer lol.

„Och, ons moeder zat zo graag in die stoel. Mooi dat ze er ook in gestorven is.”

(slik) „Pardon?”

Zo hou je geld in je zak, zoals de zegswijze gaat, maar het aardige van geld niet uitgeven is dat het niet eens in die zak hoeft te zitten. Onlangs miste ik op de snelweg een afslag, maar met wat illegale handelingen wist ik hem alsnog te bereiken. „Wij hebben zojuist een paar honderd euro verdiend”, grapte ik tegen mijn dochter (18), denkend aan de boetes die ik had kunnen krijgen. Ze begreep het niet. Het is logica voor op latere leeftijd, denk ik. Als je de luxe gaat zien van een kamer, wat warmte en een stoel.

Jan Kuitenbrouwer is journalist en vanaf januari columnist voor NRC Handelsblad.

    • Jan Kuitenbrouwer