Nieuwe colafles, Made in Holland

Het grote Amerikaanse Coca-Cola gaat in zee met het kleine Nederlandse Avantium.

Iedereen ziet plots toekomst in de PEF-fles, een duurzame variant op de PET-fles.

Een fles van een halve liter komt op tafel. Hij lijkt van plastic. „Het is een legendarisch exemplaar”, zegt Gert-Jan Gruter, hoofd technologie bij het Amsterdamse bedrijf Avantium.

Met precies deze fles reisde Gruter een jaar geleden af naar het hoofdkantoor van de grote Amerikaanse drankenfabrikant Coca-Cola in Atlanta. Hij herinnert zich hoe zenuwachtig en opgewonden hij was. Eén vraag gonsde constant door zijn hoofd: zal Coca-Cola toehappen?

Dat deed het. Vorige week tekende de Amerikaanse multinational een overeenkomst met het kleine Avantium. Samen gaan ze de fles, die helemaal is gemaakt van plantaardig materiaal, verder ontwikkelen en uiteindelijk op grote schaal produceren. „Stel je voor wat dat voor ons betekent”, zegt Gruter. „Coca-Cola maakt honderd miljard flessen per jaar!”

De doorbraak van Avantium zit ’m in de ontwikkeling van een duurzaam en concurrerend alternatief voor PET, een veelgebruikte kunststof die wordt verwerkt in flessen, tapijten, luiers en verf. Avantium heeft een soortgelijk plastic gemaakt, dat net even anders heet: PEF. Groot verschil met PET is dat het niet gemaakt is op basis van aardolie, maar afgeleid is van plantaardig materiaal zoals mais en suikerriet.

De deal met Coca-Cola heeft Avantium op de kaart gezet. Opeens wil iedereen zaken doen met deze kleine hightech-onderneming uit Amsterdam Sloterdijk. Bestuursvoorzitter Tom van Aken zegt dat hij de afgelopen week is platgebeld door talloze andere bedrijven. Grote fabrikanten van verf, textiel, nylons. Namen wil hij nog niet noemen.

De geschiedenis van Avantium is er een van vallen en opstaan. Het werd opgericht in 2000, als spin-off van energieconcern Shell. Dat had een techniek ontwikkeld om in razend tempo talloze katalysatoren te testen. Dit zijn moleculen die chemische reacties beter en sneller laten verlopen. Avantium nam de techniek van Shell over. Het verdiende de eerste jaren geld met opdrachten van oliemaatschappijen en farmaceutische concerns, die nieuwe, betere katalysatoren zochten. Nadeel was dat Avantium door de vele opdrachtgevers geen focus had, zegt Van Aken. Toen hij het bedrijf in 2005 ging leiden, besloten ze samen eigen producten te gaan ontwikkelen. Er werd gekozen voor een speciale groep van moleculen, de zogeheten furanen. Het was bekend dat die enorm veel potentiële toepassingen hadden. Maar geen enkel chemisch bedrijf was erin geslaagd een commercieel aantrekkelijk proces te ontwikkelen voor de productie ervan.

„We werden uitgelachen”, zegt Van Aken. „De petrochemische sector is zeer conservatief”, zegt hij. Het besef dat er een omslag moet komen naar duurzamere producten, is er wel. „Maar ze trappen continu op de rem om hun bestaande belangen te verdedigen”, zegt Van Aken.

Dankzij zijn technologie slaagde Avantium er eind 2006 in furanen te maken. Aan de horizon werden gouden bergen zichtbaar. Avantium wilde naar de beurs, om 20 tot 30 miljoen euro op te halen voor verdere groei. Maar op het laatste moment ging dat toch niet door, vanwege de slechte financiële omstandigheden op de internationale markten. Er volgde nog een tegenvaller, begin 2010. De eerste flessen moesten worden geblazen in een machine. Er werd 200.000 euro geïnvesteerd om 25 kilo PEF te maken. Vervolgens mislukte het blazen. „Dat waren hele dure kilo’s”, zegt Gruter.

Bij een latere, hernieuwde poging lukte het toch. En toen volgde de ontmoeting met Coca-Cola, eind 2010 – in een kamer zonder ramen. Aan de muren hingen posters van bestaande en oude Coke-verpakkingen. Er was van alles te drinken, allemaal merken van The Coca-Cola Company. Tegenover Gruter zaten een stuk of tien mensen. Juristen, economen, patentdeskundigen, toxicologen. Ze vroegen Gruter het hemd van het lijf over de fles van bioplastic. „Allemaal hadden ze zoiets van: wow!”

Het afgelopen jaar heeft Coca-Cola in eigen huis proeven gedaan met het bioplastic van Avantium. Nu is het zaak de kostprijs van een PEF-fles drastisch omlaag te krijgen, zegt Van Aken. Een fles van 0,5 liter kost Avantium op het moment 150 euro, tegen 4 eurocent voor een PET-fles. Van Aken is er echter van overtuigd dat de PEF-fles tegen een concurrerende prijs te maken valt. De grondstof moet nu bijvoorbeeld nog worden ingekocht. Dat is duur. Maar begin deze maand heeft Avantium een proeffabriek geopend in Geleen, waar het uiteindelijk 40.000 ton PEF kan gaan maken. Dat is een eerste stap. Daarna volgt de bouw van een commerciële fabriek. Zoals het er nu naar uitziet kan die in 2015 draaien, zegt Van Aken. Zo’n fabriek kost naar schatting 100 miljoen euro. Banken zullen dat geld alleen lenen als Avantium de productie ook kwijtraakt. Daarvoor heeft het partners nodig die de grondstof willen afnemen. Laten die zich sinds afgelopen week nou net in overvloed aandienen. Van Aken: „We hebben het voor het uitkiezen.”