Horror is overal, zelfs op een voorspellende duintop

Granta 117: Horror. Granta Publications, €18,95

Middenin het korte verhaal ‘Brass’ van schrijfster Joy Williams ben je geneigd je twee dingen af te vragen. Impliceert Williams’ voornaam meer dan eerst vermoed? En is haar stuk in de verkeerde bundel terechtgekomen?

Williams’ korte verhaal, een gezinsverhaal verteld vanuit het perspectief van een Amerikaanse vader in Arizona, is opgenomen in de herfsteditie van het Britse literaire kwartaalblad Granta. In het blad staan dertien korte verhalen van upcoming schrijvers als Sarah Hall en gevestigde namen als Paul Auster, Don DeLillo en Stephen King. Het thema is horror. Je verwacht dus afschuwelijke taferelen, iets met kettingzagen ofzo. Glimlachen om het sarcasme van de vader in Williams’ verhaal doet in dat licht van dat thema toch vreemd aan.

Op de achterkant van Granta staat het motto van de bundel: horror is overal. Pas na het lezen van de laatste alinea van ‘Brass’ landt die boodschap. De zoon, ‘Jared’, blijkt Jared Lee Loughner te zijn, de jongen die op 8 januari 2011 in Arizona 6 mensen vermoordde en het Amerikaanse congreslid Gabrielle Giffords door het hoofd schoot. Weg glimlach.

De stemming in Granta slaat langzaam om en de spanning groeit per verhaal. In Sarah Halls ‘She murdered mortal me’, het zesde verhaal, is de spanning om te snijden als de vrouwelijke hoofdpersoon op vakantie in Zuid-Afrika in de avondschemering op een onbekend strand is aanbeland. Ze heeft ruzie gehad met haar partner. Tot haar grote opluchting ziet ze een witte gestalte op het strand lopen. Haar man, denkt ze. Hij komt het goed maken. Tot haar grote schrik blijkt het witte gestalte niet alleen te laag bij de grond te zijn om een mens te wezen, maar komt die ook nog eens in snel treinvaart op haar af. Het is een ijzingwekkende en kundig opgeschreven passage in een verhaal met een onverwacht einde.

Het horrorsummum wordt bereikt in het korte verhaal van de Chileense schrijver Roberto Bolaño, die de gruwelijke zombiefilm navertelt die hij op televisie heeft gezien.

Na Bolaño de verfijndheid van Stephen King. In Kings verhaal ‘The Dune’ roept de 90-jarige oud-rechter Harvey Beecher zijn executeur- testamentair bij zich. Voordat Beecher met de jonge advocaat zijn testament op orde maakt, moet hij nog een verhaal kwijt dat hij al tachtig jaar bij zich draagt. Als tienjarige jongen ontdekte Beecher op een eiland een duin waarop namen verschijnen van mensen die enkele dagen daarna zouden overlijden. Een duin met een voorspellende gave. De jonge advocaat begrijpt waar het heengaat: ‘ik neem aan dat jij vandaag jouw naam in het zand hebt zien staan’. ‘O nee’, zegt Beecher met een glimlach op het gezicht, ‘niet de mijne’.

    • Roderick Nieuwenhuis