Herfinancieringsoperatie ECB niet zonder risico's

Europese kredietverstrekkers hebben flink geprofiteerd van het op het allerlaatste moment door de Europese Centrale Bank georganiseerde kerstfeestje. De schatbewaarders van de eurozone vroegen zich al enige tijd af hoe ze de 600 miljard euro konden herfinancieren die Europese banken in 2012 moeten terugbetalen. De ECB heeft op 21 december een deel van het antwoord bekendgemaakt: een enorme herfinancieringsoperatie van 489 miljard euro, met een looptijd van drie jaar – de grootste liquiditeitsfaciliteit ooit.

Op het eerste gezicht lijkt de vrijgevigheid van de ECB weinig risico’s met zich mee te brengen. De zogenoemde herfinancieringsoperatie op langere termijn (LTRO) zal ongeveer 1 procent kosten, veel minder dan wat een private herfinanciering zou hebben gekost, als die optie voorhanden zou zijn geweest. Ruim vijfhonderd banken hebben zich bij de ECB gemeld, waardoor het risico werd verminderd dat een kleine groep banken met naam en toenaam bekend zal worden gemaakt, met alle stigmatisering van dien. Vooral kredietverstrekkers in landen als Spanje, Italië en Frankrijk kunnen deze ultra-goedkope financiering nu inzetten om hun staats- en bedrijfsobligaties te herfinancieren.

Maar de banken die geen bezoekje hebben afgelegd aan de ‘dealer’ van de ECB hebben ook geen onverantwoorde risico’s genomen. Deze jongste LTRO mag dan omvangrijker zijn, hij is ook geconcentreerder – het gaat om slechts de helft van het aantal banken dat in 2009 aan de vorige herfinancieringsoperatie heeft deelgenomen. Zelfs als zij hun schulden omlaag brengen, zullen de aanvragers een deel van het nieuwe kapitaal moeten gebruiken als buffer om aan de herfinancieringsverplichtingen van volgend jaar te kunnen voldoen. En zelfs als zij niet van plan zijn zich in te laten met een riskante carry trade (het ECB-geld gebruiken voor het kopen van Spaans en Italiaans staatspapier met hoge rente), kunnen banken in sommige landen onder politieke druk komen te staan om dat toch te doen.

Door dit alles wordt de kans eerder kleiner dan groter dat de banken binnenkort weer door de particuliere sector kunnen worden gefinancierd. De schatbewaarders van bedrijven, die zich afvragen waar ze in moeten beleggen, zullen niet graag hun geld steken in banken die riskante staatsobligaties kopen. Hoe meer bezittingen bij de ECB in onderpand worden gegeven, des te minder er in geval van een faillissement beschikbaar zullen zijn voor onverzekerde beleggers. En hoewel de banken die gebruik hebben gemaakt van de faciliteit nu nog anoniem zijn, is het altijd mogelijk dat hun namen in een later stadium alsnog naar buiten worden gebracht.

De liquiditeitspomp van de ECB zorgt er wellicht voor dat de managers van de banken uit de periferie van de eurozone betrekkelijk onbezorgd van hun kerstfeest kunnen genieten. Maar de kater zou wel eens jaren kunnen gaan duren.

George Hay

Vertaling Menno Grootveld

    • George Hay