Canon haalt Venlo's trots Océ van de beurs

Printerfabrikant Océ heeft haar ontstaan te danken aan de margarine-industrie. Eigenaar Canon wil nu de beursnotering schrappen.

Op de Amsterdamse effectenbeurs steeg het aandeel van kopieermachinefabrikant Océ gisteren met 22 procent. Het was een reactie op de mededeling dat het Japanse elektronicabedrijf Canon de Nederlandse printerfabrikant van de beurs willen halen.

Canon verwierf eerder deze week de Océ-aandelen van Orbis Funds en daarmee kwam het belang van het Japanse bedrijf op 98,83 procent. Dat geeft de mogelijkheid een ‘uitkoopprocedure’ te starten om de resterende aandelen in Océ te verwerven. Zolang Orbis weigerde haar 10 procentsbelang te verkopen, kon Canon geen procedure bij de Ondernemingskamer starten om de resterende aandeelhouders te dwingen hun aandelen te verkopen. Daarvoor hebben de Japanners 95 procent nodig.

Met de aankoop van het 10 procentsbelang komt een einde aan een proces dat in 2008 begon. Océ-bestuursvoorzitter Rokus van Iperen begon toen met het zoeken naar een strategische partner. Océ bleek te klein om zelfstandig een mondiaal distributienetwerk op te zetten. Een jaar later nam Canon voor 730 miljoen euro de Nederlandse printerfabrikant. Océ bleef een zelfstandige divisie binnen Canon, met een eigen merk en een Nederlands hoofdkantoor. Ook onderzoek en ontwikkeling blijven in Venlo.

Deze Limburgse stad is de bakermat van het bedrijf. In Venlo begon Lodewijk van der Grinten in 1957 een apotheek. Naast zijn apothekerswinkel had Van der Grinten ook interesse in scheikunde, en ontwikkelde een stof om margarine de kleur van boter te geven. Vanaf het begin van de margarine-industrie zorgde Van der Grinten ervoor dat de kleur van margarine nagenoeg op die van boter leek. Pas in 1970 werd de fabricage van boterkleursel door Océ Van der Grinten overgedragen aan Unilever.

In 1918 boekte het bedrijf voor het eerst in de geschiedenis verlies en directeur Van der Grinten besloot om zijn kennis van kleurstoffen ook in te zetten voor grafische toepassingen, zoals blauwdrukken. In 1927 ontwikkelt het familiebedrijf een kopieertechniek, die het Océ noemde (Ohne Componente).

Kopieerapparaten werden oorspronkelijk niet door Van der Grinten vervaardigd, maar door de in 1931 te Venlo door L.P. Grothauzen opgerichte ‘Machinefabriek De Emwee’. In 1958 werd dit bedrijf in de Van der Grinten groep opgenomen. Het bedrijf profiteerde van de na-oorlogse groei en heeft sinds 1958 een notering aan de Amsterdamse effectenbeurs.

Olav van der Grinten, kleinzoon van Frans van der Grinten, was de laatste telg van de familie die actief was in het bestuur van het bedrijf. In 1988 ging hij met pensioen en werd vervolgens commissaris. In 1996 verliet hij het bedrijf. Na het vertrek van de laatste familietelg werd de naam teruggebracht tot Océ.

Océ is een van de grootste leveranciers op het gebied van documentmanagement en printen voor professionals. Océ is actief in meer dan 100 landen en heeft wereldwijd ruim 22.000 mensen in dienst. De totale omzet bedraagt bijna 3 miljard euro. Toen Océ werd overgenomen door Canon ontstond ’s werelds grootste leverancier in de printsector. Bij Canon werken meer dan 199.000 mensen en het bedrijf geeft een omzet van zo’n 35,2 miljard euro.

    • Cees Banning