Zoutbeleidsmakers eten zelf te zout in de kantine

De mensen in Nederland die aanbevelingen doen om de hoeveelheid zout in het dieet te beperken, eten zelf te zout. Dat concluderen onderzoekers van het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam onder leiding van Lizzy Brewster deze week in het medisch wetenschappelijke tijdschrift British Medical Journal. Hoge bloeddruk is in 30 procent van de gevallen te voorkomen door minder zout te eten.

Brewster en haar collega’s bepaalden het zoutgehalte van de warme lunchmaaltijden die werden aangeboden in de kantines van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), de nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit (nVWA) en in verschillende personeelskantines van academische ziekenhuizen. Bijna overal stegen de maaltijden uit boven de Nederlandse norm van zes gram zout per dag. De ambtenaren van VWS krijgen in hun maaltijd 6,9 gram zout voorgeschoteld, terwijl ze bij VWS precies op de norm zitten. Artsen en verplegers in Leiden eten het zoutst (9 gram) en in Maastricht zitten ze relatief laag (5,3 gram).

„We zijn het onderzoek begonnen omdat we het eten in onze eigen kantine te zout vonden” , zegt Brewster. „In ziekenhuizen wordt veel aandacht besteed aan de zoutbeperking in maaltijden voor patiënten, maar die aandacht is er niet in personeelskantines. en dat terwijl de mensen het eten daar dertig jaar lang consumeren en patiënten maar een paar weken.”

Eigenlijk is de Nederlandse norm van zes gram zout per dag nog te hoog gesteld, vindt Brewster. Zelf eet ze niet meer dan twee gram zout per dag.