Minister Hillen wil graag centen zien

Oud defensiematerieel moet geld opbrengen. Indonesië wil graag tanks kopen, maar de vrees is dat het die gebruikt tegen de eigen bevolking.

Nederland, Oirschot, 09-05-11 Wegens bezuinigingen rijden 60 tanks niet meer. Hier de 11 tankbataljon. © Foto Merlin Daleman

Hans Hillen (CDA) heeft „geen moraal”, zei hij vorige maand tijdens het Kamerdebat over zijn begroting. „Als minister van Defensie kijk ik naar de verkoop van het materieel dat wij afstoten vanuit de gedachte dat ik centen wil zien.”

Hillen heeft nogal wat overtollig wapentuig in de aanbieding: helikopters, F-16-straaljagers, tanks, pantservoertuigen en mijnenjagers wachten op een koper. Zo is het ook in veel naburige landen. Vrijwel alle westerse mogendheden bezuinigen en proberen materieel te slijten op de internationale markt.

Dat maakt, zei de minister, dat de spullen waarschijnlijk niet de hoofdprijs opleveren. Hij raamt de opbrengsten „conservatief”. Wat de waarde is, wil Defensie, vanwege „onze onderhandelingspositie” niet zeggen.

Maar er is een gegadigde. Indonesië heeft interesse in Nederlandse Leopardtanks. Volgens The Jakarta Post wil het land tot 6,5 miljard dollar (bijna 5 miljard euro) besteden aan tweedehands wapens uit Europa.

De koopman Hillen ziet daar wel brood in, maar de dominees in de Kamer denken er anders over. Omdat Indonesië het niet zo nauw neemt met de mensenrechten – met name in Atjeh, Oost-Timor en West-Papoea – moet Nederland afzien van het verkopen van tanks aan dit land. Alleen de VVD en het CDA stemden tegen een motie die daartoe opriep.

Gisteren overlegde de Kamer opnieuw over de materieelverkoop. Niet met Hillen dit keer, maar met zijn collega’s Rosenthal en Bleker. Die gaan als minister van Buitenlandse Zaken en staatssecretaris van Economische Zaken namelijk over vergunningen voor wapenexport. Zij toetsen hoe potentiële kopers scoren op acht criteria die Europees zijn afgesproken. Ze moeten mensenrechten eerbiedigen, maar ook internationale afspraken nakomen en wapens niet doorverkopen aan partijen waar Nederland geen zaken mee doet.

De twee bewindslieden spraken zalvende woorden in de Kamer. „Wij staan internationaal al bekend als zeer restrictief”, zei Rosenthal. Wapenexport staat „on hold voor landen waarvan wij de binnenlandse situatie niet kunnen inschatten”, zei Bleker.

Braver moeten we echt niet worden, opperden ze, want we hebben ook te maken met onze concurrentiepositie. Het moet niet zo zijn dat Nederlandse bedrijven geen zaken mogen doen in landen waar Duitse en Franse bedrijven dat wel doen. Nederland is één van de grootste wapenexporteurs ter wereld. Recentelijk heeft het kabinet een motie naast zich neergelegd die opriep niets meer te leveren aan dictaturen.

Wat de zaak precair maakt, is dat ook de concurrentiepositie van Defensie zelf wordt aangetast. Bij een eenzijdig wapenembargo voor Indonesië staan andere landen in de rij om tanks te leveren. De regering voelt dat direct in haar portemonnee. Opvallend is dat gedoogpartijen PVV en SGP er niet van overtuigd zijn om de kant van het kabinet te kiezen.

Eerder dit jaar werd Nederland in verlegenheid gebracht toen beelden van opstanden in Bahrein toonden dat het regime Nederlandse pantservoertuigen inzette tegen de eigen bevolking. Het horrorscenario voor de Kamer is dat over een paar jaar blijkt dat Indonesië met oude Hollandse tanks minderheden belaagt.

Toen minister Rosenthal gisteren vertelde dat hij „lichtpuntjes” zag in de manier waarop landen als Indonesië, Egypte en Saoedi-Arabië met mensenrechten omgaan, riepen verbijsterde Kamerleden hem opnieuw op geen zaken te doen met die landen. „Eigenlijk”, zei GroenLinks-Kamerlid Arjan El Fassed na het debat, „moet de minister gewoon toegeven dat we de tanks alleen kwijt kunnen aan een rijtje boevenstaten”.

    • Emilie van Outeren