Land van de karatetrap en het kannibalisme

Tot ver over de grenzen werd gesproken over wat de Nederlandse tv gisteren liet zien: een keeper die zich met een karatetrap verdedigde tegen een toeschouwer (Ajax-AZ), twee Nederlandse ex-premiers en een voormalig eurocommissaris in gesprek over de schuldencrisis (Nieuwsuur) en de primeur van kannibalisme in een televisiestudio.

Door alle voorpubliciteit rond Proefkonijnen (BNN) viel de feitelijke uitzending een beetje tegen. Valerio Zeno en Dennis Storm namen inderdaad een gebakken hapje van elkaar in de mond en slikten door, onder luid applaus. Het spekvet was niet zo lekker, net elastiek, maar de ‘biefstuk’ was nauwelijks van rund te onderscheiden.

Er steken nog drie eindjes uit deze curieuze onderneming. Zal er strafrechtelijke vervolging worden ingesteld, met name tegen de chirurg, wegens verminking zonder medische noodzaak? Voor de zekerheid was zijn gezicht onherkenbaar gemaakt. Strafpleiter Gerard Spong zal zo nodig de verdediging ter hand nemen.

Kwestie twee is de theoretische mogelijkheid dat wat Dennis en Valerio in hun mond stopten feitelijk iets anders was. Het zou weinig uitmaken, want het gaat op televisie altijd om de schijn: als iemand zegt mensenvlees te eten, kun je als kijker slechts aannemen dat hij daar niet over liegt, en hem beoordelen alsof hij de waarheid spreekt. Het meest onderbelicht bleef de derde vraag, naar de achtergrond van het taboe op kannibalisme. Filosoof Bas Haring benoemde wel zijn eigen zweethanden en de ongemakkelijkheid bij het publiek, maar verzuimde uit te leggen waarom het zo erg is. Vergelijkingen met het eten van de eigen soort in de dierenwereld lossen in dat opzicht weinig op.

De interessantste uitzending maakte gisteren Jeroen Pauw, die zonder Paul Witteman wel vaker grenzen verlegt. Pauw in Culemborg (NTR) was een praatprogramma in de trant van Rondom 10 (NCRV), maar dan bijna zonder stemverheffing en door elkaar praten. Met journalistieke discipline hield Pauw de ruziemakende Marokkaanse en Molukse Nederlanders in probleemwijk Terweijde aardig uit elkaar, maar waar hun conflict nu eigenlijk over ging, dat bleef grotendeels duister.

Van Farid Arzakan (Samenwerkende Marokkaanse Nederlanders) mag je het geen etnisch conflict noemen, maar het lijkt er toch echt op. En dat in Ter Weksel of Juinen, want burgemeester Roland van Schelven (D66) leek op Wim de Bie: „Er is nog een klein stukje criminaliteit, maar daar wordt keihard aan gewerkt.” De witte, plat Utrechts sprekende aangetrouwde Molukkers leken het meest vastbesloten de vijandigheden nimmer te staken. En ik denk dat een woningbouwvereniging met de omineuze naam Kleurrijk Wonen, die onberedeneerd gele kaarten uitreikt aan huurders, ook weinig constructief bijdraagt aan een oplossing. Oliebollen! Doe mij maar die ‘buitenlanders’.