Karatedans

Net met de trein teruggekeerd uit Rotterdam stond ik gisteravond omstreeks half tien zo’n calorierijke, slagaderverkalking bevorderende kalfsvleeskroket bij de Febo op het Damrak weg te happen, toen ik hoorde dat er in de Arena iets verschrikkelijks gebeurd was. En niet alleen verschrikkelijk, maar ook bizar, uniek en ongelofelijk. Ik citeer enkele radioreporters wier geschreeuw de geluiden van sissende frituurpannen overstemde.

Wat was er in vredesnaam aan de hand? Niemand kon het me vertellen. De fritesbakkers hadden het niet goed gevolgd en de andere klanten liepen snel in en uit. De radiomannen gaven hun informatie maar in kleine, opgewonden brokjes prijs. „Man…idioot...verbijsterend….op het veld…”

In zo’n situatie gaat je fantasie aan de slag. Ik bedacht een Cruijff-fan die, uit woede om de bestuurlijke coup tegen zijn idool, het veld was opgerend en zichzelf op de middenstip in een brandende Ajax-vlag had gewikkeld. Leve Cruijff! Dood aan Ten Have!

Ik kwam er niet uit en snelde naar huis waar ik bij binnenkomst riep: „Er iets verschrikkelijks gebeurd bij Ajax.” „O”, geeuwde mijn vrouw, „ik wilde net even naar Nieuwsuur kijken voor Kok en Bolkestein.”

Hoe ontnuchterend kan een thuiskomst zijn?

Gelukkig kregen we eerst de karatedans van Esteban en die 19-jarige supporter te zien. Qua choreografie een mooi tafereel, het leek of ze er dagen op hadden gestudeerd: het gelijktijdig omhoogkomen en de snelle, bijna onzichtbare aanraking met de voeten – aantrekking en afstoting in één ondeelbaar moment.

De twee schoppen die Esteban vervolgens uitdeelde, waren een passende afsluiting van deze filmische scène. Ze zagen er ernstiger uit dan ze waren, want hij mikte alleen op ’s mans benen. Hij kreeg er een rode kaart voor, spelregeltechnisch terecht, maar moeilijk verteerbaar voor het rechtvaardigheidsgevoel. Een karatetrap kan dodelijk zijn – Esteban reageerde zijn doodsangst af.

Wat nu? Overspelen, uitspelen of de 1-0 voorsprong van Ajax als uitslag nemen? Bij uitspelen kan Esteban niet meer meedoen, want die rode kaart blijft geldig. Dan zou AZ dus benadeeld worden. Dat is ook het geval bij 1-0 als eindstand. Ajax mag niet bevoordeeld worden, want het is als enige verantwoordelijk voor de veiligheid van de spelers. Overspelen dus, een eerlijker oplossing zie ik niet.

Als kind bezocht ik al regelmatig voetbalwedstrijden, nooit eerder zag ik zoiets gebeuren. De keeper van de tegenpartij werd met respect behandeld. Meestal stond ik bij mijn club, toen VVV in Venlo, schuin achter het doel in een groepje van jongens en mannen. Daar heb ik de grote keepers van die tijd gezien, ik herinner me vooral Frans de Munck (DOS) en Wim Landman (Sparta). Landman was mijn idool en het is dan ook slecht met hem afgelopen. Hij liet zich omkopen, raakte aan lagerwal, werd soepverkoper langs de weg en gooide zich ten slotte voor de trein.

Er gebeurde wat met je als zulke keepers bij het begin van de wedstrijd of de tweede helft naar hun doel liepen. Ze schraapten met hun schoenen langs de palen, hingen een mascotte in het net en monsterden even het publiek achter zich. Wij zwegen dan bedremmeld. Zij intimideerden óns – en niet omgekeerd. Als supporter hoefde je maar over een simpel hekje te stappen om zo’n keeper een opdonder te geven. Het kwam bij niemand op.

Vroeger was alles niet beter, maar ánders, rustiger vooral.

    • Frits Abrahams