Kinderen zijn soms even inconsequent als volwassenen

Vorige zaterdag bezocht ik in het Museum Dr. Guislain in Gent de tentoonstelling Gevaarlijk jong – Kind in gevaar, kind als gevaar. Een boeiende tentoonstelling, al lag de klemtoon duidelijk op het eerste deel van de aangekondigde thematiek: het kind als slachtoffer.

De vijfjarige miniatuursletjes met enorme, opgemaakte hoofden, die in fluorescerende bikini’s voor de camera van Susan Anderson poseren, zijn de slachtoffers van ouders die hen voor schoonheidswedstrijden inschrijven. Een negentiende-eeuwse poster toont arbeiderskinderen als slachtoffers van een politiek systeem: „De klok slaat 5 ure! Half slapend gaan zy naar ’t fabriek.” Sofie Mullers beeld van de schooljongen Oscar, dat voor de helft uit verbrand hout bestaat, roept associaties op met sadistische onderwijzers.

Heel verschillende, stuk voor stuk beklijvende beelden, maar haast geen kind-daders. De Big baby van Ron Mueck is enigszins intimiderend, maar straalt geen gevaar uit. De Rwandese kindsoldaten op de foto’s van Marc Cohen schieten op alles wat beweegt, maar een wanhopiger lot valt nauwelijks te bedenken. Angstaanjagend is de kleine boze Liam op de gelijknamige foto van Elke Andreas Boon en ook de jongen die een wapen richt op de camera op een foto uit 1955 van William Klein schept de indruk niet met een rozig lieverdje te maken te hebben. Maar bijvoorbeeld geen Brenda Ann Spencer of andere puberende speelplaatsmoordenaars.

Op een oud schilderij waarop kinderen een dorpsgek pesten na, is er op Gevaarlijk jong ook nauwelijks aandacht voor de monsters die kinderen kunnen zijn tegenover iedereen die anders is.

In mijn eigen verleden en in mijn directe omgeving van de laatste jaren gaven kinderen me vaak de indruk strengere conformisten te zijn dan volwassenen. Misschien is dat onzin, verstoppen ze hun hang naar eenvormigheid gewoon minder. En soms zijn ze even inconsequent als volwassenen kunnen zijn; ik ken een kind dat zich op ontroerende wijze ontfermt over een kleuter in een rolstoel maar kinderen met een (half-) Afrikaans uiterlijk wantrouwt – en dat laatste heeft hij niet van zijn ouders.

Buiten de museummuren werd zaterdag het lijk van een baby van zeventien maanden begraven, een van de mensen die Nordine Amrani vorige week neerschoot op de Place Saint-Lambert in Luik. De werkelijkheid illustreerde twee rauwe waarheden. Eén: het is onmogelijk kinderen tegen het noodlot te beschermen. Twee: toen ik zeven was, was Nordine Amrani een jongetje van vijf.

    • Annelies Verbeke