Hopen op ruimtewandeling

Vandaag om 14.16 uur Nederlandse tijd zou André Kuipers vertrekken voor zijn tweede missie in de ruimte. Vrijdag komt de Sojoez-raket aan bij het Internationaal Ruimtestation en moet Kuipers meteen aan de slag. Hij heeft de papieren om een gedroomde ruimtewandeling te mogen maken. Nu nog een gelegenheid.

The International Space Station (ISS) crew members, Dutch astronaut Andre Kuipers (top), U.S. astronaut Donald Pettit (C) and Russian cosmonaut Oleg Kononenko, wave as they board the Soyuz TMA-03M spacecraft at Baikonur cosmodrome, December 21, 2011. REUTERS/Shamil Zhumatov (KAZAKHSTAN - Tags: SCIENCE TECHNOLOGY TRANSPORT TPX IMAGES OF THE DAY) REUTERS

De Russen zijn geïrriteerd. Op de laatste persconferentie van André Kuipers voor zijn vertrek naar de ruimte zijn er bijna alleen maar vragen voor de Nederlander en weinig voor zijn bemanningsleden, de Amerikaan Don Pettit en commandant Oleg Kononenko uit Rusland. „Beste vrienden, laten we niet alleen vragen stellen aan André”, zucht de spreekstalmeester.

Steeds weer blijkt hij zijn microfoon te geven aan Nederlanders in de dringende meute journalisten die naar hotel Kosmonavt in ruimtevaartstad Baikonoer zijn gekomen. Zo vaak vertrekt er geen Nederlandse astronaut naar het Internationaal Ruimtestation ISS.

Vandaag om 14.16 uur Nederlandse tijd zou de Sojoez TMA-3M-raket opstijgen van lanceerplatform 1, dezelfde plek waarvandaan Joeri Gagarin in 1961 als eerste naar de ruimte reisde. In Baikonoer is het dan 19.16 uur, en al donker. Achteneenhalve minuut en drie afgeworpen rakettrappen later is de raket in een baan om de aarde. Vrijdag arriveert de raket bij het ISS, waar Kuipers 148 dagen zal blijven.

„Ik kijk er enorm naar uit. De vorige keer, in 2004, was ik na elf dagen eindelijk een beetje gewend en toen moest ik terug. Nu heb ik veel meer tijd voor alles”, zegt Kuipers. Naarmate de dag van vertrek naderde, vond hij de dagen steeds minder zwaar worden. „Er is steeds meer klaar: spullen zijn ingepakt, procedures zijn afgerond. Ik word steeds ontspannener.”

Maar na aankomst op het ISS moet hij meteen aan het werk. Astronautenwerktijd wordt strak per vijf minuten ingeroosterd. „De eerste weken verwacht ik niet veel vrije tijd, misschien is er rond Kerst wat gelegenheid om naar buiten te kijken.” Op het programma staan wetenschappelijke experimenten (zie kader), educatieve activiteiten, maar ook onderhouds-, opruim- en schoonmaakwerk.

Kuipers is er klaar voor, heeft hij geblogd, getweet, en verklaard. Het verblijf van elf dagen in het ISS in 2004 was al de vervulling van een jongensdroom, waar de arts uit Amsterdam een volwassen leven lang naartoe gewerkt had. Voor deze missie, PromISSe gedoopt, is hij sinds 2009 in training.

De astronaut namens de Europese ruimtevaartorganisatie ESA is nu bevoegd om het Sojoez-ruimteschip te besturen. En hij heeft papieren voor een ruimtewandeling buiten het station – die staat wel niet op het programma, maar een astronaut mag altijd hopen op een onverwacht probleem. Ook het aanmeren van de nieuwe commercieel ontwikkelde ruimtevrachtschepen Cygnus en Dragon, begin volgend jaar, heeft Kuipers in de vingers. Net als honderden rampscenario’s, van een lek of brandje in het ruimtestation tot een noodevacuatie met het aangekoppelde Sojoez-ruimteschip.

De afgelopen jaren woonde Kuipers praktisch in het Russische woon- en trainingscentrum Sterrenstad bij Moskou, onderbroken door talloze reizen naar het NASA-hoofdkwartier in Houston, het Europese astronautencentrum EAC in Keulen en Europese, Amerikaanse en Russische onderzoekscentra. „Ik denk dat ik André de komende tijd meer te zien krijg dan de afgelopen jaren”, zei zijn vrouw Helen Kuipers, die met dochters en zoontje naar Baikonoer is gekomen om afscheid te nemen. „We zullen bijna dagelijks contact hebben, en elke week een videoconferentie.”

De astronautenexamens mogen dan achter de rug zijn, voor de lancering zelf moest nog een hele waslijst aan ceremonieën en rituelen afgewerkt worden, een mix van militaire traditie, Russisch bijgeloof, en Gagarin-verering.

Zo heeft de bemanning in Moskou anjers gelegd bij het graf van Gagarin en nog vier omgekomen Russische kosmonauten. Bij een bezoek aan Gagarins appartement in Sterrenstad, onaangeroerd sinds zijn fatale vliegongeluk in 1968, wordt het gastenboek getekend.

Twee dagen voor de lancering, steevast om zeven uur ’s ochtends, volgt het openen van de deuren van hangar 112 op het Baikonoer-complex, waarna de raket liggend op een wagon naar buiten gereden wordt. Het brengt ongeluk als de bemanning hiervan getuige is.

Op de avond voor de lancering kijkt de bemanning steevast de klassieke Sovjet-film De witte zon van de woestijn. Na het kosmonautenontbijt met champagne, het signeren van de deur van het Kosmonavt-hotel en een laatste saluut aan de autoriteiten, volgt de beroemdste van alle kosmonautentradities: onderweg naar het lanceerplatform, in een oude bus, stapt de bemanning uit om een ferme plas te doen tegen het rechterachterwiel. Omdat Gagarin dat in 1961 ook deed, maar ook omdat hoge nood niet handig is als je nog een paar uur in je capsule op de lancering ligt te wachten.

Wel is het de vraag of deze traditie deze keer geen bevriezingsgevaar oplevert. Voor de lancering wordt een temperatuur verwacht van -28 graden in het landklimaat van Kazachstan, waar de Sovjet-Unie in de jaren veertig begon met het aanleggen van een uiterst geheime basis om atoomraketten te ontwikkelen. Onder barre omstandigheden, want in de zomer kan het er veertig graden worden. Maar de voordelen wogen zwaarder: de zuidelijke ligging, waardoor de raketten een grotere snelheid van de draaiende aarde meekrijgen, en de isolatie, om de ontwikkelingen geheim te houden. Zelfs als je door het bijna honderd kilometer brede steppegebied rijdt valt de basis niet meteen op. In de besneeuwde vlaktes is slechts hier en daar een hangar, spoorlijn of lanceertoren te zien, en af en toe een zwerfhond of een kameel.

Op het hoogtepunt van de ruimterace in de jaren zestig telde het nabij gelegen stadje Baikonoer 300 duizend inwoners, en het hoogste geboortecijfer in de Sovjet-Unie. Na het uiteenvallen van de unie lag het opeens in het buitenland, straatarm door het instorten van de ruimtevaartsector. In de jaren negentig waren er voedselrellen en gewelddadig oproer.

Een ontluikende commerciële lanceerindustrie voor satellieten, financiële injecties van het Poetin-regime en samenwerking met NASA hielpen de Russische ruimtevaart en daarmee Baikonoer er enigszins bovenop. Nu is het een relatief welvarend stadje, met netjes onderhouden kosmonautenschilderingen op de muren van de flatgebouwen. Wel maken de inwoners zich zorgen over de aanleg van de nieuwe lanceerbasis Vostotsjnyj op Russisch grondgebied in de buurt van Vladivostok, waar over een paar jaar bemande Sojoez-vluchten moeten gaan vertrekken.

Vanuit Baikonoer werd deze raket sinds 1966 al ruim zeventienhonderd keer gelanceerd, met een bijna vlekkeloze staat van dienst. Bijna, want in augustus leidde een defect in de derde trap van een Sojoez tot het neerstorten van een Progress-vrachtschip met voorraden voor het ISS. Omdat dezelfde raketmotor ook bemande vluchten aandrijft, werd Kuipers’ vertrek uitgesteld.

Na het vinden van de oorzaak, een geblokkeerde brandstofpomp, en het instellen van strengere inspecties en modernere fabricageprocedures, werd de Sojoez weer veilig verklaard. Maar het ongeluk lijkt tekenend voor de stand van de Russische ruimtevaartsector. In de jaren van verval zijn de beste ingenieurs vertrokken en door de nog altijd lage salarissen is het lastig om ervaren ruimtevaarttechnici te vinden. „Iedereen is of twintig, of zeventig”, is een algemene klacht over het Russische ruimtevaartpersoneel.

Maar Kuipers, die praat vanachter glas om besmetting te voorkomen, heeft voor hen een opbeurend woord. „Duizenden mensen werken in de ruimtevaart, de meeste op de grond”, zegt hij over de mensen in wier handen zijn leven vandaag ligt. „Zij zijn volgens mij de echte helden.”