Doelen zijn belangrijk als je wil groeien

Marcel van Roosmalen volgt een ‘No Nonsancy’-cursus voor startende ondernemers.

Huiswerk maakte hij niet: de ‘breakdown’ van zijn doelen was al te moeilijk.

Nederland, Utrecht, 19-12-2011 Pieter Peelen (blauwe trui) geeft met zijn bedrijf ' No Nonsancy' een sessie voor Utrechtse ond. Burgernemers. Voor de serie "Marcel Werkt'. Foto Jan-Dirk van den Burg Burg, Jan-Dirk van der

Op de site www.nononsancy.nl – ‘een creatieve mix tussen no nonsens en consultancy’ – stuitte ik op een videoboodschap van Pieter Peelen, of beter gezegd videoboodschappen, aan alle startende ondernemers. Pieter stond voor een wand van schrootjes en filmde zichzelf met een camera. Hij droeg een lichtblauwe blouse en een bril en nodigde alle ‘starters’ uit om naar de ‘stel je doelen avond’ van zijn bedrijf te komen. Het begon op maandagavond om 19.30 in een buurthuis aan de Vleutenseweg in Utrecht.

Ik bekeek dat filmpje drie keer.

Ik kon maar geen genoeg krijgen van die minutenlange monoloog van Pieter.

„Wat ik graag met ondernemers doe is doelstellingen maken. Doelstellingen zijn namelijk heel belangrijk als je succesvol wilt groeien. Als je geen doel hebt, heb je geen richting en dan gaat het alle kanten op en dan zul je uiteindelijk nooit succesvol worden…”

Deelname kostte twintig euro.

Van tevoren moest er een huiswerkopdracht gemaakt worden.

Het huiswerk ontving ik per mail.

Ik heb het niet gemaakt.

Het berekenen van ‘het breakdown-moment van mijn doelen voor 2012’ was te ingewikkeld.

Door familie-gedoe, mijn vader was met spoed opgenomen in een Tilburgs ziekenhuis, was ik veel te laat bij de avond.

Bij binnenkomst van het gemeenschapshuis te Utrecht stelde fotograaf Jan Dirk me gerust: hij was er al een uur, ik had niets gemist.

Pieter Peelen bleek een vriendelijke bonenstaak van twee meter twintig met een bril. Hij sprak een klasje van zeven starters toe.

Het ging over ‘omzet’ en ‘doelen’.

Als je in 2012 80.000 euro wilde verdienen moest je 100.000 euro omzet halen. Dat betekende twintig klanten van 5.000 euro per stuk en dat betekende veertig offertes („Want vijftig procent haal je niet binnen”), en dat betekende tachtig gesprekken („Want de helft vraagt om een offerte”) en dat betekende tweehonderd ‘cold calls’ („Want anders kom je niet aan tachtig prospects”), maar je kon ook gewoon 26 nieuwsbrieven naar 1.000 contacten sturen.

Het was kortom nog niet zo eenvoudig om een starter te zijn.

Pieter stelde voor om het huiswerk met elkaar te bespreken, dan had hij even de tijd voor nrc.next, ook niet onbelangrijk.

„Waarom doe je dit werk, Pieter?”, vroeg ik hem bij een kopieerapparaat.

„Omdat ik graag met mijn handen in het goud zit”, zei Pieter.

Startende ondernemers waren volgens hem heel belangrijk voor de economie. Hij ondersteunde ze met hart en ziel. Vandaar dat hij ook zo weinig geld vroeg voor een avondje informatiedelen. De vervolgcursus kostte wel bijna vierhonderd euro, maar dit terzijde.

In de klas vroegen ze om aandacht.

De startende ondernemers probeerden elkaar te helpen met de bespreking van het huiswerk, maar ze hadden hem nu echt nodig.

Wij naar de klas.

Pieter zei dat veel zzp’ers behoefte hadden aan een maatje. Eenzaam zijn was een van de schaduwkanten van het hebben van een eigen bedrijf. Als freelancer wist ik er alles van. Ik vertelde Pieter dat de muren soms op me afvlogen. En dan ook nog een vader in het ziekenhuis.

Pieter zei: „Ik geef mijn kennis aan startende ondernemers. Pas door veel te delen, kun je vermenigvuldigen.”

En dat vlak voor de Kerst.

„Ach”, zei Pieter bescheiden, „ik schud ze uit mijn mouw.”

Hij liep naar de startende ondernemers en boog zich over het huiswerk. We lieten ze verder maar, over deze uitspraak kwam hij toch niet meer heen.

    • Marcel van Roosmalen