Koreaanse Oorlog nog altijd achter spanningen

Het is nauwelijks meer voor te stellen, maar het open, welvarende Zuid-Korea en het gesloten, arme Noord-Korea komen voort uit één land.

Achter de internationale spanningen die oplopen nu de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-il is overleden, ligt het nooit opgeloste conflict van de Koreaanse Oorlog.

Al meer dan een halve eeuw zorgt dat ‘bevroren conflict’ niet alleen voor de scheiding van het Koreaanse schiereiland tussen het communistische noorden en het kapitalistische zuiden. Het maakt ook dat buurlanden China, Rusland en Japan, en supermacht Amerika, de ontwikkelingen met grote zorg volgen. Destabilisering van het geïsoleerde Noord-Korea, dat kernwapens ontwikkelt, brengt de veiligheid van de hele regio in het geding.

Wie het open, welvarende Zuid-Korea vergelijkt met het gesloten, straatarme Noord-Korea, kan zich nauwelijks nog voorstellen dat het ooit één land was. Nu staan die twee landen al decennia tot op de tanden bewapend tegenover elkaar, slechts gescheiden door een vier kilometer brede gedemilitariseerde zone die het Koreaanse schiereiland in tweeën deelt. Maar toen Korea aan het begin van de vorige eeuw door Japan werd bezet was het één land, met één cultuur. De Japanse kolonisator onderdrukte de bevolking hardhandig en werkte hard aan ‘japanisering’ van de Koreaanse cultuur.

In de Tweede Wereldoorlog dwong Japan Koreaanse mannen bovendien mee te vechten in de frontlinies. Vrouwen werden seksueel misbruikt als ‘troostmeisjes’ voor Japanse militairen. De Japanse bezetting heeft tot op heden bittere herinneringen achtergelaten.

Toen Japan in 1945 door de Geallieerden was verslagen en Korea had moeten verlaten, bezetten troepen van de Sovjet-Unie het noorden en Amerikaanse troepen het zuiden van het schiereiland. Ook toen al liep de scheiding grofweg langs de 38e breedtegraad. Maar dat die lijn een van de grote politieke brandpunten van de volgende decennia zou worden, was toen nog niet duidelijk.

In 1948 erkende de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties het zuiden als de Republiek Korea. Het noorden had zichzelf tot de Democratische Volksrepubliek Korea uitgeroepen, met aan het hoofd Kim Il-sung, de leider van de Communistische Arbeiderspartij die in de oorlog in het verzet had gezeten.

De Russen trokken zich vervolgens terug uit het noorden, de Amerikanen uit het zuiden. Maar in 1950 vielen Noord-Koreaanse troepen, gesteund door de Sovjet-Unie, Zuid-Korea binnen. Toen de militaire opmars zo voorspoedig verliep dat het zuiden onder de voet gelopen dreigde te worden, kwamen de Verenigde Staten, met hulp van de Verenigde Naties, Zuid-Korea te hulp.

Het werd een bloedige oorlog (waaraan ook een Nederlands detachement meedeed als onderdeel van de VN-troepen). In de drie jaar dat de strijd duurde kwamen meer dan twee miljoen mensen om het leven. De troepen van Zuid-Korea en hun bondgenoten vochten met succes terug, en rukten op tot ver in het noorden, richting Chinese grens. Chinese troepen mengden zich in de strijd en dreven de zuidelijken weer ver terug. In 1953 kwam een wapenstilstand tot stand, en groeven de legers zich in rond de 38e breedtegraad, nu de gedemilitariseerde zone. Formeel is de oorlog nooit beëindigd.

Het verschil in welvaart en ontwikkeling van de twee Korea’s tekende zich pas geleidelijk aan af. Meteen na de Tweede Wereldoorlog was het nog het noorden dan economische hulp naar het zuiden stuurde. De meeste zware industrie stond tot de Koreaanse Oorlog in het noorden.

Maar de economische ontwikkeling in het zuiden stelde die in het noorden in de schaduw. En het noorden isoleerde zich steeds verder, na een poging van de Sovjet-Unie om Kim ter zijde te schuiven zelfs van het communistische moederland.

Noord-Korea ontwikkelde zijn eigen communistische ideologie. De macht was daarbij extreem geconcentreerd in de top, de samenleving werd sterk gemilitariseerd. Uitingen van oppositie en mensenrechten werden hard onderdrukt.

De economie liet bij dat alles nauwelijks groei zien, anders dan in Zuid-Korea, waar het aanvankelijk autoritaire regime in de jaren tachtig democratiseerde. Het inkomen van de gemiddelde Noord-Koreaan was in 2009 960 dollar, slechts vijf procent van dat van de doorsnee Zuid-Koreaan.

    • Juurd Eijsvoogel