In het geheim buigen voor PVV

Vorige week stemde de Tweede Kamer in met een voordracht van drie nieuwe raadsheren voor de Hoge Raad. Het was een hamerstuk, waardoor een fiks politiek meningsverschil verborgen bleef dat van meet af aan openbaar had moeten zijn. Nu lekte het uit via de krant.

Achter de façade van vertrouwelijk overleg blijkt de vaste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie te hebben ingestemd met een politiek bezwaar van de PVV tegen een voorgedragen kandidaat. Daarop trok de Hoge Raad deze voordracht in en werd een ander benoemd.

Op zichzelf is dit wettelijk voorgeschreven overleg bedoeld om de Kamer inspraak te bieden bij de benoeming van raadsheren. Maar voor zover bekend gebruikten partijen die nooit om een discussie over een strafzaak die één partij zelf betrof, te beslechten of om af te rekenen met een betrokkene. Dat zou ook ongehoord zijn. Maar het gebeurde wel. De kandidaat werd door de PVV inmenging in het proces- Wilders verweten. Zo werd een grens overschreden: politieke inbreuk op de onafhankelijkheid van de rechter. En dus schending van de scheiding der machten, een fundamenteel staatsrechtelijk uitgangspunt, dat alle andere partijen omarmen. Maar dus niet verdedigen als het erop aankomt.

Nu hoeft de houding van de PVV niet te verbazen. De partij komt er openlijk voor uit de vrijheid van rechters aan banden te willen leggen. Magistraten in topfuncties zouden gekozen moeten worden, de overigen alleen tijdelijk benoemd. Verlenging is dan afhankelijk van de hoogte van de uitgesproken straffen. Ook met het pleidooi voor een politiek gestuurde rechter laat de PVV van revolutionaire opvattingen blijken.

Dat de Kamer de PVV echter in geheim overleg toestaat alvast met deze ingreep te beginnen is zeer te betreuren. Feitelijk heeft de PVV nu een blanco cheque om voortaan iedere kandidaat op eigen gronden te weren. De Kamercommissie is immers gezwicht voor het dreigement publieke ophef te veroorzaken. Eerder verklaarde de PVV al de strafrechthoogleraar Buruma controversieel en dwong het een schriftelijke stemming over zijn benoeming in de Hoge Raad af. Een herhaling van die controverse achtte de Kamer ongewenst, maar daarvoor koos ze nu een makkelijke en onjuiste uitweg. In het belang van de lieve vrede werd de kandidaat van de lijst afgevoerd, liever dan het debat op inhoud te voeren. Met als resultaat dat de controverse en de schade nu groter zijn.

Bij de publicatie van een studie over het oorlogsverleden van de Hoge Raad bracht president Corstens recent in herinnering dat het hoogste rechtscollege hoge verwachting oproept en standvastigheid moet tonen. „Noblesse oblige: wat dat inhoudt en óf het wat inhoudt blijkt pas onder druk.” Door deze voordracht in te trekken, schoot ook het hoogste rechtscollege tekort. Voor controverse dient niemand bang te zijn.